Blauwe en bleke vingers

De Nederlandse volleybalmannen spelen deze week viermaal een oefenwedstrijd tegen Australië. Hopelijk zijn ze goed uitgerust teruggekeerd van hun trainingsstage op Cyprus. Het ging er daar overdag pittig aan toe. Intensieve inspanningen, met en zonder bal. En’s avonds, meldde volleybalkrant.nl vorige week, was er „tijd voor de mentale factor”, een mededeling die nogal multi-interpretabel is. Ook na de toevoeging „dat de meeste mannen daarna als een blok in slaap vallen”.

De oefenpartijen in Nederland tegen Australië zijn een voorbereiding op de European League, waarvoor zowel het nationale mannen- als vrouwenteam in juni tussen de lijnen moet treden.

Zonder zorgen zullen de volleyballers hun wedstrijden niet tegemoet kunnen zien. Tenminste niet als ze kennis hebben genomen van een onderzoek dat het AMC onlangs publiceerde. Wordt de Nederlandse voetbalwereld van tijd tot tijd opgeschrikt door waarschuwingen over de risico’s die het koppen met zich meebrengt voor lichaam en geest, bij de volleyballers schuilt het gevaar in de arteria circumflexahumeri posterior. Een slagader in de schouder. Die komt in de knel als een speler smasht. Voor veel volleyballers is dat juist hun kerntaak.

Bij het smashen wordt het bloedvat „als een tube tandpasta dichtgedrukt”. Het gevolg is dat bloedpropjes in de arteria axillaris, de bovenarmslagader, worden geduwd. Per bloedtransport reizen de propjes naar de bloedvaten van de vingers. Verder kunnen ze niet. Het gevolg: koude, blauwe en bleke vingers. Van de onderzochte volleyballers maakte 27 procent daarvan melding. Een ex-topvolleyballer liet weten dat zijn middelvinger moest worden geamputeerd.

Het is dus gezonder om niet meer te smashen. Dat kun je op je vingers natellen. Maar vraag Bas Dost maar eens om niet meer te koppen. Dat doe je niet. Toon dus wel begrip voor de volleyballer die bij zichzelf denkt: een tactische bal, zo’n boogballetje over het blok, is ook zo gek nog niet.

John Kroon