‘Als Europa wanhoop brengt, volgt opstand’

Met zijn vriend François Hollande, vanaf morgen Frans president, komt er een wending in Europa aan, zegt de premier van België, Elio di Rupo. Begrotingsdiscipline is nodig, maar hoop ook.Petra de Koning, Brussel

Elio Di Rupo bij het Egmontpaleis voor een onvangst van de Chinese vicepremier Li Keqiang. Foto Reuters

De Belgische premier Elio Di Rupo kwam al met zijn ‘heel hartelijke felicitaties’ voor François Hollande voordat de uitslag van de Franse presidentsverkiezingen definitief was. Hij ging ook meteen naar Parijs om in het hoofdkantoor van de Franse socialisten de overwinning te vieren van zijn vriend en politieke geestverwant.

Nu Di Rupo er in de Europese Unie een machtige bondgenoot bij heeft – Hollande wordt morgen beëdigd – wil hij graag zijn boodschap kwijt over de crisis in Europa. Hij heeft El País, de Süddeutsche Zeitung, La Repubblica, Le Monde en NRC Handelsblad uitgenodigd in zijn huis in Bergen.

Aan een grote glazen tafel, met uitzicht op een tuintje met hoog gras, vertelt hij hoe hij in december op zijn eerste vergadering met Europese regeringsleiders naast Nicolas Sarkozy zat. De Franse president en de meeste anderen hadden het over strenge bezuinigingen. Geen woord over de economische groei die volgens Di Rupo dringend gestimuleerd moest worden. „Het ging snel beter, op de vergadering in januari werd er al wél over gesproken. Maar het raakt nu, door de komst van meneer Hollande, in een enorme versnelling.”

De Belgische premier heeft het over „sommige ambtenaren”, „ideologen” en „de conservatieve wereld” die alleen bezuinigingen en liberalisering van de interne markt als oplossing zien voor de crisis – met als doel, denkt Di Rupo: het afbreken van de sociale zekerheid in Europa. „Omdat wordt gedacht dat die een zware last is.”

Hij noemt plannen om te investeren in informatietechnologie, onderwijs, wetenschappelijk onderzoek, duurzame energie. „U zult nu denken: meneer de premier, waar haalt u de centen vandaan? Maar niemand vroeg dat toen de reddingsfondsen voor zwakke eurolanden werden opgericht. Dat geld móést gevonden worden, we moesten onszelf beschermen. Maar kwam die 800 miljard euro uit de hemel vallen, kwam die van de goede God?”

Waarom zou er dan geen geld zijn om groei te stimuleren? Er zijn Europese fondsen, er is de mogelijkheid van euro-obligaties, de Europese Centrale Bank leent geld uit, financiële transacties kunnen worden belast. „Door de zogenoemde Tobintaks, maar er zijn duizend andere manieren om dat te doen.”

Meteen op de verkiezingsavond in Frankrijk sprak u François Hollande. Wat zei u?

„We hadden het niet over Europa. Ik sprak mijn steun aan hem uit. François Hollande is al heel lang een vriend. We werkten samen in de Partij van Europese Socialisten, er is ook altijd een grote verbondenheid geweest tussen de Franse socialisten en mijn partij.”

Hollande werd tijdens zijn campagne door geen enkele Europese leider ontvangen. Waarom nodigde u hem niet uit?

„Ik heb hem twee keer op bezoek gehad voordat ik premier was. Als hij daarna uitgenodigd had willen worden, zou ik dat zeker hebben gedaan. Maar hij kwam niet naar Brussel.”

Wat verandert er in Europa door Hollande?

„Veel. Twee jaar lang is er alleen gesproken over strenge bezuinigingen, de meer gematigden hadden het over begrotingsdiscipline en dat was het wel. Begin dit jaar kwam er pas discussie op gang over plannen om de groei te bevorderen en door de komst van Hollande zijn die ideeën niet meer van tafel te krijgen. Je leest nu zelfs in de Financial Times dat bezuinigingen niet mogen leiden tot negatieve groei. Dat betekent een mentaliteitsverandering. En voor de burgers die nu op de proef worden gesteld, betekent het hoop. Als er kans is op groei, zie je bij creatieve geesten en ondernemers een dynamiek ontstaan.”

Geeft het u zelfvertrouwen dat er een geestverwant aan tafel zit bij de Europese vergaderingen?

„Ik heb ook goede relaties met andere Europese regeringsleiders. En ik zoek met mijn verhaal geen conflict. Ik denk dat het belangrijk is dat leiders in Europa met oplossingen komen, want bij de burgers, ook in België, vermindert het gevoel voor Europa. Dat is gevaarlijk, er ontstaan extremistische bewegingen. Ik wil met mijn collega’s de weg vinden naar een positief compromis. Dat is voor iedereen nodig. Kijk maar naar de enorme druk waaronder de Griekse premier Papandreou kwam te staan.”

In Griekenland zouden ze in de regeringsformatie misschien iemand zoals u kunnen gebruiken?

„Die ambitie heb ik niet, ik laat hen begaan. Maar serieus: je moet voorzichtig zijn. We moeten nu afwachten hoe het gaat, maar het is duidelijk dat je mensen nooit tot wanhoop mag brengen. Dan krijg je opstand.”

Vindt u dat er weer onderhandeld zou kunnen worden over het reddingsplan voor Griekenland, zoals de Duitse bondskanselier Merkel al heeft uitgesloten?

„Laten we wachten tot er een nieuwe regering is die naar Brussel komt met voorstellen. Dan bekijken we die in de Europese Raad.”

Toont de verkiezingsuitslag in Griekenland niet aan dat dit land zijn eigen keuzes moet maken, los van de eurozone?

„Griekenland en de andere eurolanden zijn afhankelijk van elkaar. Alles wat in Griekenland gebeurt, heeft invloed op de banken in Duitsland, Frankrijk of noem maar op. Het is ook een schande om Griekenland neer te zetten als steuntrekker. De waarheid is dat er in Europa, door de interne markt, enorm veel geld is verdiend aan Griekenland.”

De onvrede die u overal in Europa ziet, gaat volgens u ook steeds over Europa?

„Je hebt ook onvrede die te maken heeft met de specifieke situatie in een land of de politici in een land. Maar er is natuurlijk onvrede bij mensen die weinig verdienen en zich zorgen maken over hun toekomst en die van hun kinderen. We moeten zoeken naar een evenwicht. Begrotingsdiscipline is nodig voor het vertrouwen van de financiële markten, maar we moeten mensen ook hoop geven. Dat is moeilijk. Het klimaat dat nu heerst, laat de extremen links en rechts groeien.”

Ook in uw eigen Wallonië, waar extreem rechts tot nu toe nauwelijks bestaat?

„Ook daar, al zie je het nog niet zoals in sommige andere landen. We werken aan een grote staatshervorming, we hervormen de arbeidsmarkt en de pensioenen en als dat klaar is, moet je aan de mensen laten zien waar het voor nodig was.”

Voor langdurig werklozen in België gaat de uitkering omlaag. Betaalt uw partij daar een prijs voor bij de gemeenteraadsverkiezingen in oktober?

„Die verkiezingen gaan over lokale kwesties. En vooral ook over het vertrouwen van burgers in de burgemeester of wethouder.”

Volgens de Europese Commissie is het begrotingstekort van België volgend jaar hoger dan 3 procent. Gaat uw regering er alles aan doen om eronder te komen?

„Ja, we zullen ons daarvoor inspannen. We letten goed op onze begroting, want we zitten met een staatsschuld van bijna 100 procent.”

Vindt u dat die 3 procentsregel strikt nageleefd moet worden in Europa?

„Ja, maar het moet draaglijk zijn voor een samenleving. In België zijn de hervormingen moeilijk, maar het gaat. Voor Griekenland is dat duidelijk anders. In Spanje zie je de wanhoop bij jongeren, door de grote werkloosheid.”