Mijn gedroomde hologram

schrijft de soundtrack van haar leven. Deze week: moeder op de bank.

Voor 400.000 dollar kun je een dode uit de as doen herrijzen. Zoveel kostte het om een hologram te maken van de doodgeschoten rapper Tupac. Duizenden concertgangers zagen hem opeens weer rappen en dansen en kregen de rillingen.

In De Wereld Draait Door fantaseerden presentator en gasten over welke grootheden allemaal nog meer met deze nieuwe techniek tot leven gebracht konden worden: Elvis, André Hazes, Marilyn Monroe, Martin Luther King, Michael Jackson – de hemel was geen grens meer.

Als mij de vraag was gesteld, dan had ik niet lang na hoeven denken over mijn gedroomde hologram: mijn moeder natuurlijk. Maar welk optreden van haar zou ik aan de vergetelheid willen ontrukken? Iets spectaculairs wellicht. Die keer dat ze ons gladgekamde gazon beschermde zoals een leeuwin haar welp. Opeens rent ze van tafel, haalt de riek uit de garage en steekt in op een opkomende molshoop. Raak, tot haar eigen schrik.

Een huiselijker optreden doet haar misschien meer recht: mijn moeder achter de naaimachine. Eerst heeft ze in een dure winkel een jurkje voor me gekocht, thuis heeft ze dat uit elkaar gehaald, van de panden een patroon gemaakt, het weer in elkaar gestikt en naar de winkel teruggebracht. Nu komt onder de naald van haar naaimachine het jurkje in vijf verschillende kleuren tevoorschijn. Met die truc zou ze me nu een goede dienst kunnen bewijzen.

Maar een meer glamoureus beeld is misschien het best. Ze daalt de trap af in een wolk L’air du Temps van Nina Ricci, flink in de make-up en met rinkelende sieraden. Ze geeft me drie luchtkussen, zegt: „Pak maar lekker chips en cola” en verdwijnt naar een feestje – haar handen omhoog gestoken, de nagels nog nat van de lak.

As ik verder zoek in mijn geheugen, realiseer ik me dat ik haar helemaal niet zo nodig hoef te zien bewegen. Het liefst zie ik haar gewoon bij me op de bank. Benen op een krukje, tijdschrift op schoot, glaasje sherry binnen handbereik – en in die afgelopen twaalf jaar natuurlijk geen dag ouder geworden. Ze zit daar een beetje te zitten terwijl wij intussen druk doen.

Maar heb ik daar zo’n duur hologram voor nodig? Dan kan ik net zo goed een pop laten maken. Net zoals Lars in de film Lars and the real girl. Lars (Ryan Gosling) is een tikkeltje ingewikkeld met emoties (zijn moeder overleed tijdens zijn geboorte) en bestelt op internet een levensechte pop. Niet voor de seks, maar om de deur naar zijn hart open te breken. Het praat nu eenmaal makkelijker tegen een pop.

Maar zo’n pop neemt een hoop ruimte in op de bank. Bovendien zit mijn moeder daar – in mijn gedachten – nu ook al vaak ongevraagd commentaar te leveren. Ze zat er toen ik net gescheiden was en niet wist hoe het verder moest. „Kop op”, zei ze dan, meer niet. Ze zit er als mijn oudste dochter stampvoetend naar haar kamer vertrekt („Jij verpest mijn jeugd!”), dan lacht ze in haar vuistje: „Zo was jij ook.” Als ik mijn dochters uitleg waarom ze tot hun zestiende geen druppel mogen drinken, bemoeit ze zich ook: „Doe niet zo kinderachtig, één glaasje kan toch geen kwaad, maak je liever druk over dat kale parket van je.”

Soms zit ze opeens op mijn schouder. Als ik door rood fiets, dan zegt ze alleen maar zachtjes: „Meisje meisje meisje.”

Dan wil ik haar, als was ze een hologram, het liefst even uitzetten.