Jan verdient 13 euro, Janek 9,54

Equal work = equal pay, staat op een spandoek bij de RWE-kolencentrale in de Eemshaven. Daaronder staan salarissen geschreven. De Nederlander Jan: 13 euro, de Portugees José: 10 euro en de Pool Janek: 9,54 euro.

Voor hetzelfde werk krijgen buitenlanders op de bouwlocatie minder betaald dan Nederlanders. Daarom voert de FNV actie. Masja Zwart van de vakbond overhandigt duizend protesthandtekeningen aan Jeroen Brouwers, persvoorlichter van RWE/Essent.

Ook Nederlandse metaalarbeiders tekenden de petitie, en het Groninger college van Gedeputeerde Staten toonde zich solidair. Aan de RWE-centrale werken zo’n vijfhonderd Poolse monteurs en circa driehonderd lassers. Hun Poolse werkgever, installatiebedrijf Remak S.A., geeft ze volgens de FNV niet het cao-loon dat hun Nederlandse collega’s krijgen. „De Polen verdienen per uur 2,50 euro minder. Terwijl in Europa wettelijk geldt dat een werkgever in het gastland hetzelfde loon moet betalen, zegt Masja Zwart van de FNV. Nachttoeslag, vakantiegeld en atv-toeslag ontvangen de Poolse en Portugese bouwvakkers evenmin. Dat is niet alleen discriminatie, maar ook slecht voor de Nederlanders die „uit de markt worden gedrukt”, vindt de FNV.

„Werkgevers moeten hier netjes betalen volgens de wet”, zegt Masja Zwart in een toespraakje voor zo’n tweehonderd Poolse en Portugese bouwvakkers. „Remak bespaart nu miljoen per jaar. Zoveel krijgen jullie dus te weinig.” Ze overhandigt de handtekeningen aan Brouwers – die beklemtoont dat RWE geen directe partij is, maar wel wil bemiddelen – en raadt hem aan de handtekeningenlijst met namen niet aan de top van Remak te geven. „Bouwvakkers die vorig jaar aan een kleine actie meededen, kregen later ontslag.”

Als Remak niet snel tegemoet komt aan de eisen van de FNV, spant de bond een kort geding aan. De advocaat van Remak wil niets kwijt over de zaak. Telefonisch laat hij weten: „Remak is een goede werkgever” en „in deze fase doe ik geen uitspraken”.