Wel een Bossche bol, maar geen feest

Hoe worden beleggers ontvangen op de jaarlijkse AvA? Vandaag, in het vijfde deel van een serie over de algemene vergadering van aandeelhouders: Van Lanschot NV.

Voorzitter Tom de Swaan van de raad van commissarissen van Van Lanschot NV was nog maar nauwelijks begonnen aan het verslag van de commissarissen, of aandeelhouder Peter Swinkels vraagt het woord. Of beter, neemt het woord. Want eigenlijk zouden de aandeelhouders pas aan de beurt zijn nadat bestuursvoorzitter Floris Deckers een toelichting op het jaarverslag had gegeven. Zijn laatste toelichting, had De Swaan al duidelijk gemaakt. Want de procedure voor de opvolging van Deckers, was nagenoeg afgerond.

De Swaan maakte in zijn inleiding kort melding van een aanpassing van de uitbetalingssystematiek van de variabele beloning voor leden van de raad van bestuur. Want enkele technische opmerkingen van De Nederlandsche Bank (DNB) hadden daar verandering in gebracht. En de aandeelhouders konden zich toch nog wel herinneren dat de aandeelhouders in 2011 de raad van commissarissen hadden gemachtigd om die beloningsstructuur te wijzigen als opmerkingen van DNB daartoe aanleiding zouden geven?

Maar Swinkels wilde die wijziging niet zomaar laten passeren. Oudgediende op aandeelhoudersvergaderingen van Van Lanschot als hij is, wilde hij opgemerkt hebben dat die beloningsstructuur, deels uitbetaling in cash en deels in aandelen, te ingewikkeld is. Altijd al geweest, maar als nu ook nog eens DNB de regels gaat voorschrijven, staan aandeelhouders helemaal op achterstand.

„Het moet eenvoudiger zijn, begrijpelijker. Maar nu wordt ons, de aandeelhouders, door De Nederlandsche Bank ook nog eens het recht ontnomen om daar iets over te zeggen. Ik wil dat u De Nederlandsche Bank er op gaat wijzen dat het de aandeelhouders zijn die beslissen over de beloningsstructuur voor de raad van bestuur. Want zo’n systeem moet maatschappelijk draagvlak hebben. En daar heb ik nu mijn twijfels over.”

Het was een sobere aandeelhoudersvergadering, op het hoofdkantoor van Van Lanschot in Den Bosch. Geen presentjes voor de aanwezigen, hooguit een Bossche bol, een kop koffie bij de aanvang een borrel na afloop. Er was ook weinig aanleiding voor uitbundigheid. Van Lanschot heeft last van de crisis, was de boodschap van Deckers. De nettowinst bedroeg in de eerste helft van 2011 nog 40,8 miljoen euro, maar dat was in de laatste zes maanden van 2011 nog maar 1,1 miljoen euro.

Van Lanschot, zo hield Deckers de aandeelhouders voor, was een van de weinige banken in Nederland die niet bij de overheid had hoeven aankloppen voor financiële steun. En de bank heeft nauwelijks last van turbulentie op de kapitaalmarkt. „En we willen ook niet in de positie terecht komen dat we staatssteun nodig hebben.” Zolang de onzekerheid op de financiële markten aanhoudt, aldus Deckers, is de koers gericht op „soliditeit en het vermijden van onnodige risico’s”. Want ook 2012 belooft een instabiel en onzeker jaar te worden. Zowel politiek als financieel. Niet alleen in Nederland is er nervositeit over banken en het politieke klimaat. „Zestig procent van de wereldbevolking kreeg of krijgt te maken met het kiezen van nieuw politiek leiderschap.”

Van Lanschot gaat in de kosten snijden, vervolgde Deckers. Vestigingen op Curaçao en Luxemburg worden verkocht of gesloten. Eind dit jaar moet het personeelsbestand met honderd formatieplaatsen zijn verminderd en is er in 2015 voor zo’n 60 miljoen bespaard op de interne organisatie. Het was een boodschap die sommige aandeelhouders in het verkeerde keelgat schoot. Zoals Henk Riemes, naar eigen zeggen, al jarenlang certificaathouder: „De raad van bestuur gedraagt zich keurig netjes in tijden van crisis. Bezuinigen en krimpen, is de boodschap. Daarmee voorkom je misschien dat de winst niet verder onderuit gaat, maar met zo’n beleid genereer je ook geen groei. Hoe kan Van Lanschot de komende jaren groeien. Is België geen markt waar nog kansen voor de bank liggen?”, zo wilde hij weten.

Van Lanschot gaat zaken met minder mensen doen, maar blijft groeien, antwoordde De Swaan. En „we boeren goed in België”, liet Ieko Sevinga van de raad van bestuur weten. Het ging eerst vooral om ‘Nederbelgen’ en de laatste jaren groeit ook het aantal Belgische relaties. Maar de Belgische markt is veel moeilijker dan de Nederlandse, voegde Deckers daaraan toe. „Die markt wordt vooral gedomineerd door twee of drie hoofdrolspelers die weinig ruimte laten voor overnames.”

Waarop Swinkels zich weer in het debat mengde: „Van Lanschot loopt geen risico’s in landen als Griekenland, Spanje, Portugal of Ierland. Maar geldt dat ook voor België? Dat is toch ook een risicoland?” Deckers glimlachend: „We hebben obligaties in onze portefeuille, uitgegeven door het gewest Vlaanderen.”