De zaak-Fortuyn is gesloten

De traumatische effecten van de moord op Pim Fortuyn zijn tot op vandaag merkbaar. Nu de gevangenisstraf van de dader het einde nadert, treedt dat extra aan het licht. De radicale milieuactivist Volkert van der G. kreeg in 2003 achttien jaar gevangenisstraf opgelegd. Destijds min of meer het gebruikelijke tarief voor een toerekeningsvatbare moordenaar met een blanco strafblad en een lage herhalingskans. Die lage kans was ook de reden voor de rechtbank om de eis van levenslang van het Openbaar Ministerie niet te volgen. In hoger beroep werd het recidivegevaar hoger ingeschat, maar de strafmaat bleef intact. In twee instanties is er door onafhankelijke rechters dus geoordeeld. Dat oordeel is onherroepelijk – de zaak is gesloten. Het recht had zijn loop.

In 2014 heeft Van der G. tweederde van die straf uitgezeten en komt hij wettelijk in aanmerking voor voorwaardelijke in vrijheidstelling. In voorbereiding daarop kan hij net als iedere andere gedetineerde aanspraak maken op proefverlof. Dergelijke regelingen zijn uit noodzaak geboren en ook wenselijk. Ze bestaan om de terugkeer van de ‘afgestrafte’ met zo min mogelijk problemen voor iedereen te laten verlopen.

De voorwaardelijke vrijlating van Van der G. heeft nu geleid tot een petitie op internet, getekend door ruim 29.000 bezoekers. Het protest richt zich tegen het ‘kwijtschelden’ van de zes resterende detentiejaren. Dat beeld is onjuist. Van der G. krijgt geen gratie, maar kan tot 2022 na tussenkomst van de rechter prompt weer opgesloten worden. Bijvoorbeeld als hij zich niet houdt aan de voorwaarden van zijn vrijlating. Of een nieuw strafbaar feit pleegt. Maar in die periode is hij vrij. Mogelijk met een elektronische enkelboei, een gebiedsverbod en eventuele andere plichten-op- maat die nog vastgesteld moeten worden. Maar toch: Van der G. is thuis onder toezicht van de reclassering beter af dan ‘achter de deur’.

De petitie verwijt hem verder in een telefoongesprek geen spijt te hebben betuigd en recidive niet te hebben uitgesloten. Dat mag eventueel zo zijn, maar het kwalificeert wettelijk niet als (herhaaldelijk) ernstig wangedrag tijdens detentie. Daarbij moet eerder worden gedacht aan pogingen te ontsnappen of ander, bijna strafbaar gedrag.

De kans op voorwaardelijke vrijlating is dus hoog. Alleen als Van der G. toch een hoger recidivegevaar is geworden, kan het Openbaar Ministerie hem nog voorwaardelijke invrijheidstelling ontzeggen. Maar praktisch gesproken moet het publiek zich verzoenen met zijn aanstaande vrijlating. Of het nu in 2014 is of later. Van der G. is dan weer een burger, gelijk voor de wet, met dezelfde rechten en plichten als ieder ander. Het recht heeft gesproken. De petitie is begrijpelijk als uiting van frustratie. Maar de vergelding is straks achter de rug. Daders met een tijdelijke straf keren altijd terug. Daar moet de samenleving ook toe bereid zijn.