Een woud van parasols in het glaspaleis

Elk jaar mag een beroemde kunstenaar bezit nemen van het Grand Palais in Parijs. Vanaf vandaag is de installatie van Daniel Buren, Excentrique(s), er te zien. Vernuft versus huiselijkheid.

View of the creation of contemporary artist Daniel Buren in the Grand Palais during the opening of ground-breaking Monumenta exhibit in Paris, Wednesday May 9, 2012. Monumenta, the hugely-popular annual installation project that's in its fifth year, dares an artist of international stature to "move into" the nave of one of the French capital's most monumentus buildings, and own it. (AP Photo/Francois Mori) AP

De vijfde editie van Monumenta begint met een grapje. De Franse kunstenaar Daniel Buren liet de omgeving van het Grand Palais inrichten met een zwart-witte routing. De entree, pijlen op straat, kassa’s: alles is bedekt met zwart-witte strepen. Wie het paleis betreedt, ziet dat dit een truc was voor extra effect: Buren heeft de lente binnengehaald. Het hele interieur is geel, oranje, groen en blauw. Hij vulde het paleis met parasol-achtige cirkels van gekleurd plastic, elk van zo’n drie meter doorsnede, die nieuw licht op de grijze vloeren werpen. Ze steunen op drie meter hoge zwart-witte palen, die een woud vormen om doorheen te lopen. Soms bieden de palen zicht op de verte, soms juist niet. Door de entree te verleggen naar de smalle noordkant dwingt hij bezoekers over de lengteas te lopen, een promenade naar de centrale koepel. Midden onder dat glazen dak staan bezoekers oog in oog met de grandeur van het 45 meter hoge glaspaleis.

Op de koepel kleven blauwe kleuraccenten en wappert een vlag met strepen. Jaren geleden maakte Buren eens een installatie met vlaggen in Parijs. Deze vlag is een knipoog naar de presidentsverkiezingen – hier is de kunst aan de macht. Toch dient ook Buren de overheid: Monumenta is een initiatief van musea en het ministerie van Communicatie en Cultuur. Dat koppelt Monumenta aan kunstmanifestatie Triënnale, in het nabije Palais de Tokyo. Groter en opvallender is het devies in de kunstwereld in de strijd om de internationale kunsttoerist. Klinkende namen helpen. Anselm Kiefer, Richard Serra, Christian Boltanski en Anish Kapoor ontwierpen eerder de Monumenta. Maar beroemd zijn is niet genoeg. Het Grand Palais is niet voor kunstenaars met pleinvrees. Het glazen dak is 35 tot 45 meter hoog, de te vullen ruimte 13.500 vierkante meter. Het is een plek van licht, geschiedenis, allure.

Het zal voor Buren bovendien moeilijk zijn het spektakel van vorig jaar te evenaren. Toen vulde de Indiase beeldhouwer Kapoor het Grand Palais met een dieprode ballon, die voor de bezoeker een duizelingwekkende ervaring opleverde. Al werkt Buren al decennia met grote ruimtes, vergeleken met de duistere dieptes van Kapoor is hij eerder het type krijtstreep, goed maar degelijk. Hij werkt met gestreepte patronen, waarmee hij onder meer in Rotterdam de gevel van het Institut Français bedekte.

Hij komt uit de minimalistische en conceptuele traditie. Sinds 1965 werkt hij ‘in situ’, vanuit één plek. Aan de zogeheten autonomie heeft hij een broertje dood. Zijn kenmerkende patroon met strepen ontleende hij aan een stoffenmarkt – nooit te verwarren met een achtergrond, en ze wijzen altijd ergens heen. Handig in een gebouw. Patronen combineert hij met kleur, reflectie, zo plekken en gebouwen versterkend. Bewust koos hij voor het Grand Palais niet voor een kunstcurator, hij kreeg hulp van architecten. Dat leidde tot een vernuftig kunstwerk. Zoals hij zijn strepen als wiskundige eenheid hanteert, baseerde hij ook de cirkels op een wiskundig systeem. De rondingen weerspiegelen die van de art nouveau-architectuur en kleuren elke dag en bij elk weertype anders. ’s Avonds worden ze aangelicht vanaf het dak. Tegen de muren staan luidsprekers die zachtjes spreken, ratelende geluiden afwisselend met opsommingen van kleuren en letters – de soundtrack van een systematisch kunstwerk.

Hij dacht ook na over de openheid en ruimtelijkheid van het gebouw, door dat te contrasteren met een menselijker schaal, drie meter hoogte. Maar dat geeft ook het gevoel dat hij de ruimte juist beperkt: het huiselijke resultaat mist de grandeur van het gebouw. Dat gevoel verdwijnt als je onder de koepel staat. Daar zijn geen parasols en liggen cirkelvormige spiegels op de vloer, als een derde oog. Als je daarop staat en in het spiegelglas jezelf in al die ruimte ziet, merk je wat een zinsbegoocheling mogelijk was geweest.

Sandra Smets

Monumenta – Daniel Buren / Excentrique(s), t/m 21 juni in het Grand Palais, Parijs. www.monumenta.com