EBA behaalt pyrrusoverwinning bij Commerzbank

Commerzbank heeft een mogelijke nationalisering ternauwernood weten te voorkomen. In december vorig jaar kreeg de Duitse bank te horen dat zij maar liefst 5,3 miljard euro aan extra kapitaal moest binnenhalen omdat de European Banking Authority (EBA) een sectorbrede buffer wilde inrichten tegen verliezen op staatsobligaties. Commerzbank heeft aan de opdracht voldaan, maar op een manier die niet zal helpen bij het realiseren van meer vertrouwen in de Europese banken.

Deze prestatie komt niet uit de lucht vallen. In januari had de bank al bekendgemaakt halverwege te zijn met het inhaaltraject. Vervolgens stond de EBA toe dat bepaalde voorzieningen, die waren getroffen ten aanzien van de staatsobligaties van landen uit de periferie van de eurozone, zouden worden afgetrokken van wat er aan extra geld moest worden binnengehaald. Dit betekende dat Commerzbank tot de deadline van de EBA in juni nog maar 1,8 miljard euro nodig had. Uiteindelijk blijkt dat de bank niet alleen de doelstelling heeft gehaald, maar daar ook nog eens 1,1 miljard euro aan heeft toegevoegd. Dit is allemaal leuk en aardig, zolang niet al te moeilijk wordt gedaan over de manier waarop Commerzbank dit heeft verwezenlijkt.

Een deel van het extra kapitaal is binnengehaald met conventionele middelen, zoals het vasthouden van de winst. Maar ruim de helft van het tekort is weggewerkt via ‘risicogewogen activabeheer’: maatregelen die ervoor zorgen dat de verhouding tussen kapitaal en aandelen wordt bijgesteld. Voor een deel is daar niets mis mee. Commerzbank is immers bezig haar schulden af te bouwen. Maar voor een ander deel is dit het gevolg van geknutsel aan interne modellen die worden gehanteerd voor het wegen van risico’s. Deze aanpassingen kunnen eveneens gerechtvaardigd zijn, maar hun ondoorzichtigheid maakt het voor beleggers heel moeilijk om te zien wat er gaande is.

Commerzbank kan in alle redelijkheid beweren dat deze aanpak beter voor de aandeelhouders is dan het binnenhalen van 5 miljard euro via een conventionele claimemissie of het verhogen van het staatsbelang in de firma (nu 25 procent). En hoewel de aanpassingen van de risicoweging vrij ver gaan, spelen andere banken hetzelfde spel. Volgens de EBA is dit ‘risicogewogen activabeheer’ verantwoordelijk voor 23 procent van de kapitaaluitbreidingsplannen van de Europese banken.

Commerzbank verdient lof voor het nakomen van de afspraken. Maar het beeld dat Europese banken hun kapitaalpositie verbeteren via een reeks ‘technische’ aanpassingen en niet door het binnenhalen van nieuw aandelenkapitaal heeft ook zo zijn nadelen. Een daarvan is dat de geloofwaardigheid van de EBA als een spijkerharde supranationale toezichthouder wordt ondermijnd als de instelling deze praktijken zonder meer laat passeren. Een ander nadeel is dat beleggers (mede hierdoor) nerveus kunnen blijven als het om de Europese banken gaat.

George Hay

Vertaling Menno Grootveld