Chinees kapitalisme werkt Bo en Chen weg

Wat betekent het als in China een hoge partijbons ten val komt en een blinde mensenrechtenactivist mag vluchten? Wordt de samenleving opener? Nee, stelt Ian Buruma. Al wat niet in de communistische technocratie past, moet weg.

Dit zijn rare tijden in China. Eerst wordt een hoge partijbons ten val gebracht. Hij zou zich onder meer schuldig hebben gemaakt aan het afluisteren van andere partijbonzen, onder wie de Chinese president zelf. Ondertussen wordt zijn vrouw verdacht van moord op een Engelse zakenman, die misschien ook spioneerde en bovendien grote bedragen voor de partijbons en zijn vrouw naar Europese bankrekeningen zou hebben overgemaakt.

En dan die blinde mensenrechtenactivist, die uit zijn huis, waar hij meer dan een jaar illegaal werd vastgehouden en herhaaldelijk werd afgeranseld, is gevlucht naar de Amerikaanse ambassade in Peking. Eerst gaf hij te kennen in China te willen blijven, maar later wilde hij toch met minister Clinton (Buitenlandse Zaken) mee naar de VS, omdat hij en zijn familie hun leven in China niet meer zeker waren.

Een en ander is uitgebreid in de Chinese en internationale pers verschenen, maar in feite hebben we maar een heel schimmig beeld van wat er werkelijk aan de hand is. Het lijk van de Engelse zakenman is schijnbaar gecremeerd voordat een autopsie plaats kon vinden. Maar zeker weten we dit niet. De wilde verhalen over de vrouw van de partijbons zijn nog allesbehalve bewezen. En wie weet wat er werkelijk achter de val van de politicus steekt.

Er gebeuren overigens vaak spannende dingen voor de periodieke partijcongressen waar de nieuwe Chinese leiders worden aangekondigd. Dit gebeurt om de tien jaar. Het volgende congres is in oktober.

In de meeste democratieën is een regeringswisseling een doorzichtig proces. Nu ja, betrekkelijk doorzichtig. Ook in een democratie wordt er van alles bekokstoofd achter gesloten deuren; dat weten Nederlanders maar al te goed. Zo ook in een land als Japan. Maar in China gebeurt alles buiten het gezichtsveld van de burgers. Omdat een leider niet door kiezers kan worden afgezet, moeten politieke conflicten op een andere manier worden opgelost. Soms gebeurt dit door een publiek spektakel.

Zo moeten we ook de val van Bo Xilai, voormalig partijvoorzitter in de regio van Chongqing, waarschijnlijk zien. Bo was een charismatische figuur, een volksmenner die bekendstond om de keiharde, en niet altijd kiese methodes waarmee hij misdadigers en andere tegenstanders placht aan te pakken. Het vuile werk werd gedaan door zijn politiechef, Wang Lijun, die na bij zijn baas in ongenade te zijn gevallen, korte tijd zijn toevlucht zocht op het Amerikaanse consulaat in Chengdu. Dit soort praktijken vallen niet in goede aarde bij de communistische regering in China.

Bo staat bovendien bekend als een ‘linkse’ politicus, die voor meer sociale gelijkheid pleitte. Het zingen van maoïstische liederen werd onder zijn beleid sterk aangemoedigd. Desondanks was hij rijk genoeg om zijn zoon naar Oxford en Harvard te sturen. En ook over die zoon komen wilde verhalen in de pers; uitspattingen in Ferrari’s met jonge Amerikaanse vrouwen, en dergelijke dingen.

Kortom, Bo Xilai had alle kenmerken van een gangsterbaas: corrupt, meedogenloos tegenover zijn vijanden, autoritair, wetteloos, maar met een neiging naar moralisme. Maar hetzelfde geldt in feite voor alle Chinese partijbonzen. Zij hebben allemaal veel meer geld dan kan worden verklaard door hun salarissen. De meesten hebben kinderen die studeren aan dure westerse universiteiten. En zij gedragen zich allemaal alsof zij boven de wet staan.

Wat Bo uitzonderlijk maakte, was zijn openlijke ambitie. Chinese leiders, net als Japanse politici, of inderdaad maffiabazen, worden meestal geacht hun lust naar macht te verbergen. Discretie is vereist. Bo was anders, meer als een Amerikaanse politicus, opzichtig, een krachtpatser. Dit paste niet in het patroon van de communistische technocratie. Daarom moest hij weg. En de manier om ongepaste rivalen uit de weg te ruimen en de goede orde te herstellen, is door schandaalverhalen uit te lekken aan de pers, die gehoorzaam doet wat de leiders verwachten.

Dikwijls komt er in dit soort zaken ook een snode vrouw bij kijken. Toen Mao zijn naaste rivaal, Liu Shaoqi, tijdens de Culturele Revolutie ten val bracht, werd Liu’s echtgenote door de straten gevoerd in hoge hakken en een ketting van pingpongballen, als symbolen van decadentie en verdorvenheid. Na de dood van Mao zelf werd zijn vrouw Jiang Qing – overigens geen lieverdje – gearresteerd en voorgesteld als een Chinese Lady Macbeth. Het kan zijn dat de aantijgingen tegen Bo’s echtgenote, Gu Kailai, deel uitmaken van een dergelijk soort politiek theater.

Gu is trouwens niet de enige die met haar man wordt meegetrokken. Ook andere familieleden zijn prompt gearresteerd. In China worden de misdaden van een persoon vaak verhaald op de rest van de familie. Als hij valt, vallen zij mee. Hier staat tegenover dat de familie ook dik profiteert in betere tijden. Toen Bo aan de macht was, deden broers, nichten en neven goede zaken.

Wat zijn de gevolgen van de ondergang van Bo?

Moeilijk te zeggen. Bo’s ‘linkse’ kritiek op het harde Chinese kapitalisme doet vermoeden dat zijn tegenstanders in de partij behoren tot de meer ‘liberale’ vleugel, voorstanders van een vrijere markteconomie, en mogelijk van politieke hervormingen. De leider van deze vleugel is premier Wen Jiabao. Hij heeft zich weleens uitgesproken voor meer democratie, en heeft zich ook kritisch uitgelaten over Bo. De blinde activist, Chen Guangcheng, wendde zich ook naar deze premier om sociale misstanden uit te zoeken.

Betekent dit dat de val van Bo kansen biedt voor een meer open samenleving, met meer ruimte voor dissidente stemmen? De kans is niet groot. Liberalisme in de economie betekent niet noodzakelijk liberalisme in de politiek. Integendeel. Hoe groter de kloof tussen arm en rijk, en hoe meer mensen protesteren tegen de economische ongelijkheid, hoe harder de autoriteiten zullen optreden om critici de mond te snoeren.

Zo wordt het kapitalisme, althans het Chinese model van kapitalisme, in stand gehouden. Dat is waarom Bo moest verdwijnen en waarom Chen en zijn familie, in wanhoop, naar Amerika vluchten.

Ian Buruma is een Brits-Nederlandse schrijver.