Zelfgebakken zoutjes

Toen mijn buurvrouw het postpakketje kwam ophalen dat tijdens haar vakantie bij mij was afgegeven, werd ze ineens heel rood en giechelig. „Zal ik vertellen wat erin zit?” Even vreesde ik een confessie over discreet bestelde erotische artikelen, maar toen ze het pakje openscheurde, kwam er een pot afslankpillen tevoorschijn. „Ik zag iemand op tv erover vertellen, en ik dacht, dit werkt écht. Gewoon vier kilootjes eraf. Zodat ik straks wat lekkerder in m’n bikini pas.”

Dat schaamrood verscheen waarschijnlijk omdat ze ergens ook wel wist dat ze zichzelf voor de gek hield. Buurvrouw is namelijk bepaald niet op haar achterhoofd gevallen. Ze snapt heus wel dat als we allemaal slank bij het zwembad zouden kunnen verschijnen door simpelweg een pilletje te slikken, de drogisterijen overuren zouden draaien. Nee. Voor wie straks als een Bo Derek uit de golven wil stappen, zit er écht maar een ding op: fanatiek bewegen en met mate eten. En dat laatste is – als deze zoute koekjes ter tafel komen – behoorlijk lastig.

Een plateau kraakverse, zelfgebakken zoutjes is zo gemaakt. Voor de eenvoudigste variant gebruikt u kant-en-klaar bladerdeeg. Ontdooi de deeglapjes, besmeer er twee met wat mosterd, strooi er een laagje geraspte kaas over, leg er een ander lapje bovenop en rol ze een beetje uit met een deegroller. Smeer ze in met losgeklopt ei en bestrooi met maan-, sesam- of karwijzaadjes. Snij ze in smalle reepjes, leg ze op bakpapier in de oven en bak ze in ongeveer 13 minuten bros en gaar (200 graden). De variatiemogelijkheden zijn natuurlijk eindeloos, u kunt er ook tapenade tussen smeren, zelfgemaakte pesto of geitenkaas. Ook lekker om te serveren bij een salade, trouwens, deze bladerdeegvingers.

Nog onweerstaanbaarder bij een glaasje wijn vind ik deze boterige, brosse kaaskoekjes. Wrijf 200 gram ijskoude boter door 200 gram bloem tot het de textuur van broodkruim heeft, voeg 50 gram fijngeraspte parmezaanse kaas, wat zout en flink veel versgemalen peper toe en vorm alles snel tot een samenhangende bal. Leg het deeg verpakt in folie een uurtje in de koelkast. Duw het deeg een beetje plat, rol het uit tot een dikte van zo’n 7 millimeter en steek er koekjes uit. U kunt ze zo laten of ze bestrijken met ei en versieren met een restje amandelschaafsel, pompoenpitten of een paar (niet meer helemaal knapperige) pinda’s. Of leg op sommige koekjes wat karwijzaadjes en besprenkel andere met wat paprikapoeder. Bak de koekjes op bakpapier in ongeveer 14 minuten gaar in de oven (180 graden). Even laten afkoelen; want als ze nog heet zijn, zijn ze te bros om op te tillen.