Stedelijk: hoge aanvraag is nodig

„Zo dreigen we een provinciaal collectiemuseum te worden”, zegt zakelijk directeur Patrick van Mil van het Stedelijk Museum als reactie op de tussenrapportage van de Amsterdamse Kunstraad. Die uitte gisteren kritiek op de „te hoge” subsidieaanvraag van het museum van 15,5 miljoen euro, en stelt dat het museum maximaal 11,6 miljoen zou moeten krijgen. Van Mil noemt de aanvraag echter „redelijk”. „Die is gebaseerd op exploitatie- en programmeringskosten van een twee keer zo groot gebouw met 70 procent meer expositieruimte.” Daarbij heeft het museum 2 miljoen extra gevraagd voor de hoger uitgevallen huisvestingskosten in de nieuwbouw. Zolang de gemeente die kosten niet wil dragen, is dit het bedrag dat het museum nodig heeft, aldus Van Mil.

Een merendeel van de Amsterdamse gemeenteraad vindt dat het museum een nieuwe subsidieaanvraag moet doen. GroenLinks, PvdA en VVD vinden dat het museum in zijn aanvraag rekening had moeten houden met de bezuinigingen.

„De subsidieaanvraag van het Stedelijk moet voldoen aan de afgesproken voorwaarden. Dat betekent dat het museum ten minste 12 procent moet bezuinigen”, zegt GroenLinks-raadslid Evelien van Roemburg. „Dat heeft het museum blijkbaar niet gedaan, dus moet het met een nieuw plan komen.”

Het museum kan niet zomaar coulance verwachten omdat het is uitgebreid, vindt VVD-raadslid Marja Ruigrok. „De pot met geld is leeg. En er moet nog 100 miljoen extra worden bezuinigd op de gemeentebegroting.” Het museum zou zelf op zoek moeten gaan naar geld, vindt de VVD. Ook cultuurwethouder Carolien Gehrels (PvdA) is niet van plan extra geld voor het kunstenplan in te ruimen, stelt haar woordvoerder.

De Amsterdamse cultuursector moet minstens 10 procent bezuinigen. Op 12 topinstellingen, waaronder het Stedelijk, wordt in totaal 6,5 miljoen euro bezuinigd. Volgens de kunstraad hebben alle instellingen rekening gehouden met de bezuiniging behalve het Stedelijk Museum.

Het Stedelijk Museum is bereid een nieuwe aanvraag te doen, aldus Van Mil, mits de gemeente opdraait voor de hoger uitgevallen huisvestingskosten.