Schaamteloos sentimenteel en vrij van spierballenrock

Pop

Dry The River, gezien Amsterdam. Herh. 13/5 Rotterdam, 14/5 Eindhoven.***

Eind vorig jaar werd de Britse folkrockgroep Dry The River door de BBC aangemerkt als een naam die dit jaar zou kunnen gaan doorbreken. Het langverwachte antwoord op Amerikaanse fenomenen als Bon Iver en Fleet Foxes, de nieuwe traditionalisten in de rockmuziek die hun gevoelige kant durven tonen.

Debuutalbum Shallow River werd echter niet de verwachte sensatie, want de muziek bleef vrij comfortabel in de Britse poptraditie van groepen als Talk Talk en Elbow. Zanger Peter Liddle en bassist Scott Miller zijn met hun lange haar en lijzige podiummanieren karikaturen van hippiemuzikanten. Ook hun muziek ademt de losheid van de jaren zeventig, met nummers die fluisterzacht kunnen beginnen en vaak uitmonden in fanatieke jams.

Dry The River begon het concert met het zoetsappige Will you be there van Michael Jackson. Het had niets met hun muziek te maken; hooguit werd het publiek voorbereid op muziek die schaamteloos sentimenteel en vrij van spierballenrock mocht zijn. Soms gebruikte de groep de elektrische gitaren voor een stevig crescendo. Dan waren er toch weer de viool en het zalvende orgel om er een gemoedelijke draai aan te geven.

Het is wonderlijk dat deze muziek kort geleden voor het hipste van het hipste werd versleten. Dry The River excelleert juist in ouderwets degelijk spel en samenzang die niet zou hebben misstaan rond het kampvuur. De bandleden, bevangen door een griepvirus, hielden het kort. Na een uur was het repertoire op. De verse tatoeages op de armen van de bandleden waren het stoerste element bij deze lyrische, verzorgde muziek.