Poetin begint zijn rentree als staatshoofd met geweld

De Russen die maandag via de televisie de inauguratie van president Vladimir Poetin volgden, zagen een glorieuze plechtigheid in het Kremlin, vol klassiek pre-revolutionair decorum. De Moskovieten die zijn rentree als staatshoofd op straat begeleidden, moesten onverwacht veel politiegeweld ondergaan. Alsof de openbare orde in gevaar was.

Die repressie begon zondag al. Ondanks de meivakantie, die begon op de Dag van de Arbeid en vandaag eindigt met de Overwinningsdag om de zege op nazi-Duitsland te vieren, bleken onverwacht veel mensen af te komen op de ‘Mars der Miljoenen’.

Het liep uit de hand. De buitenparlementaire oppositie wenst zich minder te voegen naar de eisen die het gemeentebestuur van Moskou stelt. En de crowdcontrol van oproerpolitie Omon faalde zondag. Waarna de politie toestemming kreeg om wraak te nemen.

De opdracht daartoe lijkt te zijn gekomen van president Poetin zelf. Zijn woordvoerder Peskov liet zondag weten dat de politie te slap had opgetreden. Dinsdag zei hij dat het toch maar ging om „marginale” figuren. In Rusland is zo’n etiket alibi om te slaan.

Het feit dat de tijd van stoom afblazen voorbij is – na de parlementsverkiezingen en de presidentsverkiezingen kon er iets vrijer gedemonstreerd worden – is een aanwijzing dat het Kremlin niet zeker is van zijn zaak. Het weet dat de grootstedelijke middenklasse niet meer louter kan worden afgekocht met olie- en aardgasbaten, maar een minder corrupt en willekeurig staatsapparaat eist.

President Poetin begint zo zijn derde ambtstermijn in een isolement dat voor hem ongekend is. Gisteren hadden de Communistische Partij en Rechtvaardig Rusland, tot voor kort de trouwe ‘systeemoppositie’, aangekondigd in de Doema tegen premier Medvedev te stemmen.

Nog meer een teken aan de wand is het onvermogen van president Poetin om meteen al frisse ministers te presenteren. Politici die een opening voor de jonge middenklasse zouden kunnen bieden, willen hun vingers niet branden.

Verandert dit niet, dan is Poetin aangewezen op oude steunpilaren in het (para)militaire apparaat en de olie-industrie. En loopt hij het risico in een vicieuze cirkel terecht te komen. Want deze haviken hebben juist géén belang bij hervormingen van het sociaal-economische fundament van Rusland, laat staan bij stappen richting meer rechtsstatelijkheid.

Als Poetin geen doorbraak wil of kan forceren, zou zijn derde, nu zes jaar durende, ambtstermijn wel eens net zo grimmig kunnen worden als die is begonnen. Met de Olympische Winterspelen van 2014 en het WK voetbal van 2018 in Rusland in het vooruitzicht is er geen reden om dat schouderophalend als ‘typisch Russische cultuur’ te aanvaarden. Nederland is immers Ruslands derde handelspartner.