Hebzucht Wall Street heeft ook goede kanten

De grootverdieners van Wall Street hebben het vaak louter aan zichzelf te danken als ze worden bekritiseerd wegens hun buitensporige inkomens. Maar dit verhaal kent ook een andere kant. Veel van de rijkste inwoners van New York proberen wel degelijk hun rijkdom te delen met de minderbedeelden.

Kijk maar naar de drommen zakenbankiers en hedgefondsmanagers die maandag aanwezig waren aan boord van de Intrepid. Op het drijvende lucht- en zeevaartmuseum van Manhattan, bespraken onder andere Goldman Sachs-topman Lloyd Blankfein en president Steven Cohen van het hedgefonds SAC Capital hoe ze Amerikaanse veteranen kunnen helpen.

Dit kan rieken naar een pr-stunt – en daar is vaak ook alle aanleiding toe. Diverse banken, waaronder JP Morgan, zijn de afgelopen jaren onder vuur komen te liggen wegens hun beleid om bij wanbetaling beslag te leggen op de huizen van Amerikaanse militairen, die dienen – en hebben gediend – in de buitenlandse oorlogen van Amerika. En Goldman Sachs heeft in het kielzog van de financiële crisis grote schenkingen gedaan aan zijn eigen liefdadigheidsfonds, deels als een poging om iets weg te nemen van de smetten op het blazoen van de firma.

Maar het is niet alleen maar pr-geweld. Blankfein heeft zijn positie gebruikt om op te komen voor gelijke rechten van homoseksuelen, biseksuelen en transseksuelen. Onlangs biechtte hij op dat deze stellingname Goldman een grote klant heeft gekost. En buiten de schijnwerpers van de media steken veel Newyorkse financiers stilletjes een aanzienlijk deel van hun geld, en hun tijd, in individuele filantropische activiteiten.

Er zijn ook liefdadigheidsinstellingen die bredere actie voorstaan, zoals de Robin Hood Foundation, de gastheer van het evenement aan boord van de Intrepid. Deze stichting werd in 1988 opgericht door hedgefondseigenaar Paul Tudor Jones, en het bestuur lijkt wel een lijstje met de rijkste namen uit het Tri-State-gebied (New York, New Jersey en Connecticut). Zij omschrijft zichzelf als ‘de grootste armoedebestrijder’ in New York City, en gaf vorig jaar 150 miljoen dollar uit aan allerlei programma’s in de metropool.

Nu burgemeester Michael Bloomberg van New York voorstelt om volgend jaar 170 miljoen dollar te bezuinigingen op de kinderopvang, zomerkampen en naschoolse opvang, komt de vrijgevigheid van Wall Street goed van pas om het gat te helpen vullen. Je kunt met recht beweren dat de verminderde belastinginkomsten van de stad het gevolg zijn van een crisis die het resultaat was van de buitensporige risico’s die sommige financiële instellingen hebben genomen. Maar hoe dan ook verdient al het goeds dat voortkomt uit hebzucht ook enige erkenning.

Vertaling Menno Grootveld