Bom moeilijk te scannen

De onderschepte bom van Al-Qaeda uit Jemen is volgens Amerikaanse autoriteiten een verbeterde versie van de bom die de Nigeriaan Abdulmutallab in december 2009 tijdens een vlucht van Amsterdam naar Detroit in zijn onderbroek droeg. De Amerikanen lieten in het midden of de bom ook echt een onderbroekbom was.

Hier en daar is het explosief ‘innovatief’ genoemd, maar het enige bijzondere dat toe nu naar buiten kwam is dat hij door twee aparte ontstekers tot ontploffing kon worden gebracht. Meestal wordt maar één ontsteker gebruikt.

Verder is bericht dat de bom karakteristiek is voor Al-Qaeda in Jemen en dat de bulk van het explosieve materiaal bestaat uit militaire springstof. Waarschijnlijk is het PETN, dat veel in munitie wordt gebruikt. Persbureau AP wist te melden dat loodazide als ontsteker is gebruikt. De combinatie van deze stoffen is bekend van de – verijdelde – bomaanslag op een vrachtvliegtuig in oktober 2010. Dat vertrok ook uit Jemen.

PETN en loodazide werden al eind negentiende eeuw als explosieven gebruikt. Al-Qaeda heeft nooit nieuwe springstoffen ontworpen, het excelleert in de ingenieuze toepassing van bestaande techniek. Al-Qaeda’s voornaamste ‘uitdaging’ is explosieven te kiezen die niet worden gevonden door moderne detectieapparatuur als body scans en die in minimale hoeveelheid fatale schade kunnen aanrichten. Een paar ons PETN is genoeg. Omdat de zelfmoordterrorist zelf de ontsteker bedient hoeft geen tijdschakelaar aanwezig te zijn. De bom kan daardoor des te beter verborgen blijven.