Tegen de macht van de lans

Ingmar Heytze is dichter.

Hij beveelt aan: Arthur, Koning voor eens en altijd (1938-1940, voltooid 1958), door T.H. White.

„Je kunt de vijf delen van dit werk lezen als een spannend jongensboek over koning Arthur. Maar het is óók een boek over hoe macht en politiek werken. Hoe idealen stuk lopen. Over de strijd om rechtvaardigheid, over de harde werkelijkheid dat het zwaarste harnas en de scherpste lans meestal gelijk krijgen.

„De basis is het bekende Arthur-verhaal. Maar het is veel meer. Het is schitterend geschreven, er zijn prachtige karakters, het is geestig en erg Brits. White kan pagina’s lang uitwijden over een stuk wapenrusting, een gevechtsstrategie of het trainen van een valk. Bij anderen zou ik dan afhaken, bij White niet. Je leert bijvoorbeeld hoe je moet boogschieten, een harnas aantrekt èn hoe je het beste iemand van een paard kunt stoten met een lans. Als je zoiets leest als vijftienjarige denk je onwillekeurig: dat kan nog eens van pas komen!

„White beschrijft ook wat volwassen worden betekent: dat er veel stukloopt in het leven, dat er veel onverdraaglijk leed is in de wereld – en dat volwassen worden eruit bestaat dat je toch ermee kunt leven. Met incasseringsvermogen en berusting. Het boek is zo rijk dat je zeker een half leven ermee vooruit kunt. Ik ben nu, op mijn 42ste, aan de vijfde keer herlezen toe.

„In het begin van het verhaal is er geen vuiltje aan de lucht. Een jongen wordt opgevoed tot koning, zonder dat hij dat zelf weet. Door een oude tovenaar, die omgekeerd in de tijd leeft: Merlijn, die daardoor vaak verstrooid overkomt. Dan wordt Arthur koning en wil hij met de ridders van de Ronde Tafel op zijn minst een verlichte monarchie stichten. Natuurlijk gaat dat uiteindelijk mis, niet in de laatste plaats omdat zijn vrouw Guinevere een verhouding krijgt met zijn beste ridder, Lancelot.

„De kiem van de ondergang is dat Arthur met zijn halfzus Morgause naar bed gaat, hoewel hij niet weet dat zij z’n halfzus is. Maar zoals White schrijft: ‘Het schijnt dat, in een tragedie, onschuld niet genoeg is.’

„De boodschap van het boek is vooral dat je, zelfs in het licht van het onontkoombare noodlot van het mens-zijn, jezelf altijd moet blijven ontwikkelen. Dat is het enige waar je nooit spijt van kunt krijgen. Niet voor niets schrijft White elders: ‘The only cure for sadness is to learn something.’”