Netanyahu sluit onverwachts grote coalitie

Volkomen onverwachts heeft de Israëlische premier Benjamin Netanyahu vannacht een eenheidsregering gevormd met de grootste oppositiepartij Kadima. De vervroegde verkiezingen, die Netanyahu gisteren had aangekondigd voor 4 september, zijn afgeblazen.

Met de 28 zetels van Kadima steunt de regering-Netanyahu op 94 van de 120 parlementszetels. Enkele uren voor Netanyahu een akkoord sloot met Kadima had het parlement een wet goedgekeurd die de Knesset, deze week moest ontbinden.

Netanyahu’s Likud-partij zou electoraal veel baat hebben gehad bij vervroegde verkiezingen. Dat hij die nu annuleert, wordt in Israël uitgelegd als een teken dat een aanval op Irans nucleaire installaties ophanden is.

Met de steun van centrumpartij Kadima en de splinterpartij van Defensieminister Ehud Barak heeft Netanyahu nagenoeg voldoende draagvlak voor een aanval. Bovendien gaat er van de benoeming van een ‘nationale eenheidsregering’ al de nodige dreiging uit richting Iran.

Netanyahu krijgt nu de leiding over een van de grootste coalities uit de Israëlische geschiedenis. Hij kan daarmee vrijwel alles doen wat hij wil. Voor Kadima, de partij die zich in 2005 van Likud afsplitste, is regeringsdeelname een reddingsoperatie. In de oppositie is het zetelaantal van Kadima volgens peilingen gehalveerd. Nu wordt Kadima’s leider Shaul Mofaz, die onlangs zwoer nooit aan deze „slechte” regering deel te nemen, vicepremier.

Met Kadima heeft Likud afgesproken het politieke systeem te hervormen. Ook is overeengekomen dat Mofaz de leiding krijgt over het Palestijnse dossier. Onlangs maakte hij zijn plan openbaar voor een interim-staat voor de Palestijnen op 60 procent van de bezette Westelijke Jordaanoever. Een andere toezegging aan Mofaz is dat Likud instemt met Kadima’s voorstel om de dienstplicht in te voeren voor de ultraorthodoxe joden.

Israëlische politici en commentatoren waren vanochtend verbijsterd over „de cynische coup” waarmee de Knesset voor schut zou zijn gezet en tegelijk vol bewondering voor de „meesterzet” van de premier die ze al „de koning van Israël” noemden.