Mona verliest puddingruzie

Deze rubriek belicht elke dinsdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Vandaag: toetjes

Op het eerste gezicht lijkt de ‘Griesmeelpudding met rode bessensaus’ van Albert Heijn verdacht veel de ‘Griesmeelpudding met rode bessensaus’ van Mona die er in het koelschap pal boven staat. Maar is zo’n ogenschijnlijke gelijkenis genoeg om de merkloze concurrent de toegang tot de supermarkt te verbieden?

FrieslandCampina, sinds bijna 35 jaar de producent van Mona, vond van wel, en sleepte De Natuurhoeve uit Benschop, leverancier van zuivelproducten aan onder meer AH, Lidl en C1000 voor de rechter.

Zo werd aan de al jaren gaande machtsstrijd tussen A-merken en huismerken in supermarkten – die eerder onder andere pindakaas, bier en frisdrank tot inzet had – een nieuw product toegevoegd: kant-en-klare pudding.

FrieslandCampina betichtte De Natuurhoeve van schending van zijn merkrechten voor Mona (waarvoor een tweetal gecombineerde beeld- en vormmerken zijn gedeponeerd bij het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom). De producent van het huismerk zou door „slaafse nabootsing” niet alleen „publieke verwarring” stichten, maar ook op laakbare wijze gratis meeliften met de reclame- en marketinginspanningen die het A-merk zich getroost.

In eerste instantie ving FrieslandCampina bot vorig jaar juli in kort geding bij de rechtbank in Utrecht. In hoger beroep werd dat vonnis eind vorige maand door het gerechtshof in Arnhem in grote lijnen bevestigd (LJN: BW3655).

In zijn arrest beklemtoont het hof dat het bij de beoordeling van merkinbreuk in dit geval gaat om „de totaalindruk die merk en teken” wekken. Hebben ze genoeg „onderscheidend vermogen” om voor bescherming in aanmerking te komen en is de eventuele verwarring die de concurrent sticht groot genoeg om een verbod te rechtvaardigen? Daarbij moet, aldus het hof, worden uitgegaan van „de gemiddeld geïnformeerde, omzichtige en oplettende consument”.

De puddingvorm bestaat, volgens, het hof vanouds uit taps toelopende ronde verticale ribbels (bogen). Zij vergemakkelijken het rechtstandig legen van de inhoud. „De consument die deze vorm, al dient zij tot verpakking, in de winkel aantreft zal dus in de eerste plaats aan pudding denken”, aldus het hof.

De specifieke vorm die de beide producenten in dit geval hebben gekozen – bakje van Mona met 12 ribbels, dat van De Natuurhoeve met 9 ribbels – wijkt naar het oordeel van het hof „niet significant” af van de traditionele puddingvorm en komt derhalve „niet of nauwelijks onderscheidend vermogen toe”.

Maar voor het overige (afdekfolie, afwerking aan bovenzijde, banderol) verschillen Mona en De Natuurhoeve zodanig van elkaar, dat volgens het hof „geen sprake is van gelijkenis of overeenstemming”, waardoor bij het publiek verwarring kan ontstaan.

Kortom, consumenten zullen beide producten, volgens het hof, in de eerste plaats associëren met kant-en-klare pudding en hun verpakkingen bieden zulke „uiteenlopende totaalindrukken” dat directe noch indirecte verwarring kan ontstaan.

„De consument die voor het schap staat zal ook bij oppervlakkige en vluchtige waarneming op basis van de duidelijke belettering en, afgezien van de puddingbogen, verdere vormgeving snel het verschil tussen Mona en AH opmerken en dat geldt eveneens voor de puddingproducten van Lidl en C1000”, aldus het hof.

En wat de ‘gemiddeld geïnformeerde, omzichtige en oplettende consument’ al helemaal niet zal ontgaan, is het prijsverschil. Dat beliep vrijdag bij mijn dichtstbijzijnde AH-filiaal 15 procent, ongeacht of het nu om griesmeelpudding met rode bessensaus, danwel chipolatapudding of bitterkoekjespudding ging.

De Natuurhoeve zegt opgelucht te zijn dat Mona er niet in geslaagd is de traditionele bogenvorm te monopoliseren. FrieslandCampina noemt het „heel zuur” dat de bescherming van Mona niet bleek opgewassen tegen deze aanval op haar marktleiderschap.

Joop Meijnen

Tips? Mail naar ecorecht@nrc.nl