Amsterdamse Kunstraad staat voor 'pijnlijke keuzes'

De Amsterdamse Kunstraad zal „een pijnlijke keuze” moeten maken tussen instellingen die een subsidieaanvraag hebben gedaan. Dat schrijft de raad in een tussenrapportage over de verdeling van de cultuursubsidies, die vanmiddag verschijnt. Naast de 15 procent korting op het Stedelijk Museum valt de grootste klap in de categorie ‘functionele ruimte niet op naam’. Voor die categorie, waarin geld is voor onder meer twee productiehuizen, één jeugdgezelschap en één debatcentrum, is door instellingen in totaal 23,7 miljoen aangevraagd, terwijl er 13 miljoen beschikbaar is. „Naar verwachting zal rond de 30 procent van de aanvragers een negatief advies krijgen”, schrijft de raad. Ook instellingen die wel een plek verwerven, zullen een „forse aderlating moeten ondergaan” van gemiddeld 15 procent. De grootste klap zal vallen bij de podia in Amsterdam: diverse podia zullen niet meer worden toegelaten tot het kunstenplan.

Aanvragers zijn verdeeld in drie categorieën. De 13 met naam genoemde topinstellingen, als Toneelgroep Amsterdam en het Holland Festival, vroegen samen om 61,5 miljoen euro, terwijl 55 miljoen beschikbaar is. Voor de categorie ‘vrije ruimte’, waarvoor allerlei instellingen kunnen aanvragen, is 20,7 miljoen aangevraagd, terwijl er 14,6 miljoen beschikbaar is.

Ook adviseert de kunstraad om het MC Theater en het Maria Austria instituut geld te geven voor een overstap naar een zelfstandig bestaan. De Amsterdamse Kunstraad ontving 194 aanvragen voor een totaalbedrag van 106 miljoen. Daarmee is het budget van 82,6 miljoen euro met een kwart overvraagd.