Als de scheids nooit fouten zou maken

De scheidsrechter is een mens en mensen maken fouten. Voetbal is te snel, te chaotisch of te ingewikkeld voor het menselijk oog en brein. Maar hoe zou de stand van de eredivisie eruit zien als de arbitrage hulp had gehad van een videoscheidsrechter? 174 duels opnieuw bekeken.

Soms heeft hij een bril nodig, soms heeft hij poep in zijn ogen. En anders is hij wel een thuisfluiter of is hij een hi-ha-hondenlul. Scheidsrechter, je zult het maar zijn. Als je het goed doet, dan valt het niemand op. Als je het fout ziet, dan valt iedereen over je heen.

Scheidsrechters maken fouten. Altijd. Overal. Dat is onvermijdelijk. Scheidsrechters (en grensrechters natuurlijk ook) zijn mensen, en mensen zijn niet geschikt om spelsituaties van voetbal op het hoogste niveau goed in te schatten. Uit diverse onderzoeken is gebleken dat voetbal soms simpelweg te snel, te chaotisch of te ingewikkeld is voor het menselijk oog en brein.

De scheids heeft hulp nodig. Niet alleen van zijn grensrechters of van de vierde, vijfde of zesde official – maar vooral van de techniek. Bij sporten als hockey en rugby wordt al jaren gebruikgemaakt van videobeelden om de scheidsrechter te helpen bij het nemen van de goede beslissing, bij voetbal wordt die ontwikkeling tegengehouden of vertraagd door FIFA-bestuurders met te veel macht. Daardoor zien miljoenen mensen wekelijks vanuit alle camerastandpunten en in eindeloze herhalingen hoe de scheidsrechter fout op fout stapelt. Het doet afbreuk aan de geloofwaardigheid van de scheidsrechter: spelers op alle niveaus verliezen het respect voor de scheidsrechters, supporters raken gefrustreerd. Dat is onnodig; een videoscheidsrechter kan bij sleutelmomenten met behulp van videobeelden en andere camerastandpunten binnen een minuut uitsluitsel geven wat de juiste beslissing is en daarmee veel problemen voorkomen.

Om de noodzaak van een videoscheidsrechter in kaart te brengen is de rol van de scheidsrechter in alle wedstrijden van de zes beste clubs van Nederland (Ajax, Feyenoord, PSV, Heerenveen, AZ en FC Twente) geanalyseerd. In 66 van de 174 wedstrijden (37,9 procent) maakte de scheidsrechter één of meer cruciale fouten bij het wel of niet toekennen van een doelpunt of een rode kaart. Zo zagen scheidsrechters in de wedstrijden van de zes topclubs in totaal 30 strafschoppen over het hoofd, hadden ze 18 keer rood moeten geven, keurden ze 22 doelpunten onterecht goed en 13 goals onterecht af.

En dat waren lang niet allemaal verkeerde inschattingen bij een 5-0 voorsprong. Sterker nog: in 41 van de 174 duels (23,6 procent) hadden verkeerde beslissingen van de scheids zelfs een directe invloed op winst, verlies of gelijkspel. In bijna een kwart van de wedstrijden was een cruciale fout van de scheidsrechter dus mede van invloed op de verdeling van de punten.

De videoscheidsrechter bestaat (nog) niet in het voetbal. Maar áls hij er zou zijn geweest, dan waren de punten van de zes topclubs anders verdeeld. Sommige clubs hadden meer punten moeten krijgen, sommige minder. Om die gevolgen in kaart te brengen is een nieuwe stand berekend, gebaseerd op een kansberekeningsmodel dat zo goed mogelijk probeert weer te geven wat er zou zijn gebeurd als de videoscheidsrechter de scheids op het veld had geholpen om wél de juiste beslissingen te nemen.

Uit het onderzoek blijkt dat er op het kampioenschap van Ajax niet veel af te dingen is. De Amsterdammers hebben per saldo meer last gehad van scheidsrechterlijke dwalingen dan dat ze er profijt van hebben getrokken. Ajax had over 34 wedstrijden één punt meer moeten krijgen. Bij de andere vijf topclubs is het verschil tussen de fictieve stand en de werkelijke stand een stuk groter. Vooral Feyenoord en Heerenveen hebben veel nadeel ondervonden van arbitrale fouten. Feyenoord had over de hele competitie 3,81 punten meer moeten hebben en Heerenveen zelfs 4,35 punten. Bij Feyenoord zit dat grote verschil vooral in het aantal onterecht niet toegekende penalty’s: maar liefst zeven keer zag de scheidsrechter een strafschop in het voordeel van Feyenoord over het hoofd. Het zou Feyenoord een stuk dichter bij Ajax hebben gebracht.

PSV, AZ en FC Twente profiteerden juist van de verkeerde beslissingen van de scheidsrechters. AZ verdiende eigenlijk 1,69 punten minder, PSV had het met 2,79 punten minder moeten doen en Twente kreeg 4,85 punten te veel. Zo werd Twente door scheidsrechter Pieter Vink in de topper tegen Ajax gespaard (Vink keurde een goal van Ajax-verdediger Jan Vertonghen onterecht af wegens buitenspel) en speelde het arbitrale trio voor Sinterklaas in de wedstrijd PSV-Heracles: PSV kreeg een onterechte penalty en mocht twee keer scoren uit buitenspelpositie.

De eindstand van de eredivisie zou relatief weinig anders geweest zijn met een videoscheidsrechter. Ajax zou ook kampioen zijn geworden, Feyenoord had zich met technologische hulpmiddelen ook geplaatst voor de voorronde van de Champions League. Maar daaronder zou wel het een en ander verschuiven. Heerenveen zou derde in plaats van vijfde zijn geworden, PSV (van 3 naar 4) en AZ (van 4 naar 5) waren een plaatsje gezakt. Daardoor zou AZ zich in plaats van Heerenveen komend seizoen door een voorronde heen moeten worstelen om zich te plaatsen voor de Europa League. Misschien zullen ze er bij Heerenveen nog eens aan terugdenken als ze in augustus op bezoek moeten in Oost-Kirgizië.