‘Men praat de gekste dingen goed’

Miquel Bulnes/ Foto Rien Zilvold

Miquel Bulnes staat op de shortlist van de Libris Literatuurprijs met zijn historische roman Het bloed in onze aderen. Het handelt over een Spaanse nederlaag in het Marokkaanse Rifgebergte in 1921. Het zou een Spaanse revolutie in gang zetten. Wat zette Bulnes ertoe aan hierover te schrijven?

Ik heb al betaald’, zegt Miquel Bulnes (1976) aan het eind van het interview in een café in de Utrechtse binnenstad. Er is voor ruim dertig euro aan consumpties genuttigd en de rekening, zo hoort het nu eenmaal, moet door de vragende partij, de krant dus, worden voldaan. „Ik hoef het stuk ook niet te lezen”, vervolgt de schrijver stoïcijns. „Het schijnt dat de interviewer daardoor gevleid is en dan beter zijn best doet bij het uitwerken.” Even later loopt hij weg, de Neude op, de Utrechtse avond in.

Bulnes stond jaren bekend als een genreauteur. De eerste drie romans die hij publiceerde – Zorg (2003), Lab (2005) en Attaque! (2007) – handelden over de medische wereld. Een wereld waar Miquel Ekkelenkamp, zoals Bulnes eigenlijk heet, goed bekend is: hij is gepromoveerd arts en werkt als microbioloog bij het Universitair Medisch Centrum Utrecht.

De verrassing was groot toen Bulnes vorig jaar een andere kant van zijn schrijverschap toonde met Het bloed in onze aderen, een in de vroege 20ste eeuw in Spanje gesitueerde historische roman van ruim zeshonderd pagina’s. Startpunt van het boek is ‘El desastre de Annual’ in 1921, een verschrikkelijke nederlaag van het Spaanse leger waarbij achtduizend mannen sneuvelden in het Marokkaanse Rifgebergte. Na ‘Annual’ ontstond er in Spanje een politieke crisis die twee jaar later zou culmineren in een staatsgreep van generaal Primo de Rivera.

Bulnes (het pseudoniem is de meisjesnaam van zijn moeder) schreef over die periode een complex boek in vijf delen met een veelheid aan verhaallijnen. Het werd lovend ontvangen en staat nu op de shortlist van de Libris Literatuurprijs.

Hoe bereidt u zich voor op de uitreiking vanavond?

„Niet. Nou ja, ik heb een hotel geboekt, omdat ik geen zin heb om met de trein terug te moeten reizen van Amsterdam naar mijn woonplaats Utrecht. De afgelopen jaren heb ik bij de AKO en Librisprijs steeds op basis van de shortlist gegokt welk boek zou winnen: ik had het altijd mis. Dit jaar staan er zes boeken op, dus de kans dat het mijne wint is één op zes. Maar eigenlijk is de kans honderd of nul procent, want de jury heeft al gekozen.”

Abonnees kunnen het hele interview hier lezen.

Dit artikel werd gepubliceerd in NRC Handelsblad op Vrijdag 4 mei 2012, pagina 8 - 9.