Echt nieuwsgierig, eindeloos geduldig en onbevooroordeeld

Journalist Gerard van Westerloo ontdekte ‘de boze burger’ veel eerder dan de meesten van zijn collega’s. Zaterdag is hij overleden, 69 jaar oud.

Precies tien jaar geleden maakte Gerard van Westerloo in de aanloop naar de verkiezingen voor het maandblad M van deze krant, waar ik toen chef was, een rondgang langs elf Nederlandse politicologen. In zijn artikel De illusie van democratie vroeg hij de vaklui of Nederland nog wel een democratie genoemd kon worden. De conclusies waren niet mals: politiek is gedegradeerd tot bestuur, de regenten spelen elkaar de baantjes toe en het parlement oefent nauwelijks nog controle uit.

Het stuk verscheen op 4 mei 2002 en eindigde met een uitspraak van politicoloog Hans Daudt, die verwacht had dat de verkiezingscampagne totaal oninteressant zou worden. „Maar plotseling was daar de grofgebekte man uit Rotterdam met zijn schelle stem”, schreef Van Westerloo. „Ik heb me vergist”, zegt Hans Daudt. „Er is verandering op til.” Twee dagen later werd Pim Fortuyn vermoord. De verkiezingen werden spannender dan ooit.

Van Westerloo had de boze burger al veel eerder ontdekt dan de meeste journalisten. Zijn artikel is opgenomen in zijn bundel Niet spreken met de bestuurder (2003). Daarin koppelde hij een reportage over klagende bestuurders van de Amsterdamse tramlijn 16, dat al in 1984 in Vrij Nederland verscheen, aan de opkomst van Fortuyn. Zo beschreef hij een ontwikkeling die de politieke elite van Nederland niet had voorzien.

Van Westerloo schilderde die elite met ironie, zoals in een beroemd geworden portret van de PvdA-fractie onder leiding van Ad Melkert. Maar met evenveel smaak fileerde hij ook de 16 boze mannen van Leefbaar Rotterdam, die in 2002 plotseling en onervaren in de gemeenteraad belandden.

Gerard van Westerloo was een onopvallende man in een slordige regenjas, die met zijn argeloze verschijning ieders vertrouwen won. Hij kreeg mensen aan de praat omdat hij echt nieuwsgierig, eindeloos geduldig en onbevooroordeeld was. Een stuk was voor hem pas af als hij op al zijn vragen een sluitend antwoord kon formuleren. Die tijd wordt in de dagbladjournalistiek niet meer genomen, zei hij twee weken geleden tegen me.

Van Westerloo trad in 1972 in dienst van Vrij Nederland, waar hij furore maakte met de kleurenbijlage, die hoofdzakelijk bestond uit één lang verhaal, zoals over de passagiers op de veerpont over het IJ. Die bijlage werd een voorbeeld voor een generatie jonge journalisten. Hij was ook hoofdredacteur van De Groene Amsterdammer.

In 2006 won hij de journalistieke prijs De Tegel voor zijn verhaal Anja, Manja en Tanja in M, over het korte leven van drie plofkuikens van ei tot kipfiletjes bij de supermarkt. Het was een van de krankzinnige voorstellen waarmee hij glimmend bij me aan kwam zetten. Zó veel jaren in de journalistiek en nog steeds diezelfde gretige nieuwsgierigheid.

Een van zijn mooiste verhalen vind ik De koningin van de Bijlmer, over Hannah Belliot, de eerste zwarte (deel)burgemeester in Nederland. Hij beschreef hoe Belliot probeerde een onkreukbaar bestuurder te zijn, maar ingekapseld werd door veelkleurige belangengroeperingen met wie ze, conform Surinaams gebruik, ‘bondjes’ moest sluiten. Typisch Gerard: een moeilijk onderwerp waar de meeste journalisten met een grote boog omheen lopen. Over Suriname schreef hij talloze reportages.

Doen we een Danzig, vroeg hij eens in de zoveel maanden. Dan troffen we elkaar in café Danzig bij de Stopera om plannen te maken voor verhalen in M. De opkomst van het populisme fascineerde hem mateloos, maar beangstigde hem ook.

Onze laatste lunch was een paar maanden geleden. Danzig heet nu De Amstelhoek. Het wordt allemaal minder, zei Gerard. Maar hij had plannen voor een nieuw boek. De step moest gaan over zijn vader, katholieke sigarenboer in de Amsterdamse Pijp, die Gerardje met zijn step sigaren liet bezorgen bij heel speciale klanten. Die klanten, vermoedde Gerard, hadden iets te maken gehad met het verzet. Hij wist het niet zeker. Maar hij ging het uitzoeken.

Anja, Manja en Tanja: www.nrc.nl