Antwoord op de vierde #vrijdagmiddagvraag: een heldere supermaan

De supermaan in Sunnyvale, Californië. Foto door DileepEduri

Helaas, het weer zat niet mee. De supermaan verschool zich gisterochtend vroeg achter een dik wolkenpak, waardoor hij vanuit Nederland slecht te zien was. Elders hadden supermaanspotters meer geluk. Ook in de ruimte had niemand last van wolken. André Kuipers twitterde vanuit het ISS een foto van een prachtige, verwrongen supermaan.

Wolken of niet: hoe veel helderder was de supermaan nu, vergeleken met een maan op gemiddelde afstand? J.loerakker verklapte het al: om dit uit te rekenen is de omgekeerde kwadratenwet nodig. Het principe is simpel. Staat een lichtbron twee keer zo dichtbij, dan ontvangt een waarneemer vier keer zo veel licht.

De supermaan stond zondag ongeveer 1,076 keer zo dicht bij de aarde als normaal (384.000/ 356.953). Hij scheen dus 1,0762= 1,157 keer zo helder als een gemiddelde volle maan, oftewel bijna 16 procent.

Veel vrijdagmiddag-astronomen dachten dat de supermaan 12% helderder was. Verkeerd uitgerekend? Of verkeerd overgenomen? Sjaak van Berkel kwam als enige reageerder tot de goede oplossing, en ook via twitter kwamen een paar juiste antwoorden binnen.

Tot zover de theorie. Hebt u de supermaan zondagochtend wél kunnen zien? En? Was ‘ie inderdaad helderder?

Bronnen:
Foto van de supermaan boven Californië door Dileep Eduri