Vrijheidstafelkleed

Maarten Baas ontwierp voor ‘de Vrijheidsmaaltijd’ een tafelkleed met de namen van alle Amsterdammers erop.

Proefopstelling van de tafel voor de Vrijheidsmaaltijd op de Dam

Op een tafelkleed van zestig meter lang passen de namen van alle Amsterdammers. Tenminste, als je er voor kiest de 780.559 inwoners in een klein lettertype weer te geven en 20.000 illegalen met alleen een X aan te duiden.

De bekende Nederlandse ontwerper Maarten Baas maakte op uitnodiging van het Amsterdam Comité 4 en 5 mei in samenwerking met het Textielmuseum in Tilburg een bijzonder tafelkleed. Het comité wil voor 5 mei, Bevrijdingsdag, een nieuwe traditie in het leven roepen. Voortaan vieren we het einde van de Tweede Wereldoorlog door met elkaar te gaan eten: de Vrijheidsmaaltijd. Met buren, vrienden, stadgenoten, beminden én onbekenden. Het tafelkleed, symbool van de nieuwe traditie, wordt 5 mei ingewijd met een feestelijk ontbijt op de Dam en ’s avonds een diner waaraan tal van prominente Amsterdammers zullen deelnemen. Daarna wordt het kleed aan het Amsterdam Museum geschonken – „hopelijk met wijnvlekken en al”, zegt Maarten Baas.

„Ik wilde iets maken wat van iedereen is, waarvoor je geen kunstkenner hoeft te zijn, maar wat ook niet oppervlakkig is”, vertelt Baas. „Lijsten met namen hebben een intrigerende dubbelzinnigheid. Ze kunnen beklemmende connotaties hebben: in verband met 5 mei associeer je zo’n lijst met de jacht op joden, maar in dit digitale tijdperk denk je ook aan de vraagstukken rond privacy.” Vanwege die privacy zijn de namen op het kleed alleen aan openbare bronnen ontleend.

Vrijheid bestaat bij gratie van de tegenhanger ervan, zegt Baas: onvrijheid, oorlog. „Het ontwerp moest zowel iets feestelijks hebben als iets beklemmends. Daarom heb ik voor de lange draden van het kleed, de ‘ketting’ zoals dat in vaktermen heet, ongebleekt katoen gekozen, maar voor de inslag, de dwarsdraden, een goudkleurige lurex.”

Baas gebruikte het lettertype Font of the Loom dat zijn studiegenoot van de Design Academy en goede vriend Bertjan Pot toevallig kort daarvoor had ontworpen. Er moesten alleen wat leestekens aan worden toegevoegd, zoals de cedille onder de c of andere accenten die in het Nederlands niet voorkomen. Het lettertype is volgens Pot het eerste font dat gemaakt is om te gebruiken op een weefmachine (in het Engels: loom, vandaar Font of the Loom). „Die grote machines kunnen heel fijn weven, met wel 36 draden per centimeter, dus is het mogelijk om heel gedetailleerd te werken. Ik wilde tot het kleinst programmeerbare deeltje gaan, en daar dan iets groots mee maken.” Twee jaar geleden maakte Pot een tafelkleed met Wikipedia-teksten die hij op intuïtie koos, over Michael Jackson en Houdini, bijvoorbeeld, over mist en over Wikipedia zelf.

Kleine letters

Er is één belangrijk verschil tussen de manier waarop de twee ontwerpers de nieuwe letter hebben toegepast. Waar Pot de kleine letters juist zo goed mogelijk leesbaar in het stof wilde krijgen, wilde Baas dat de namen pas leesbaar zouden worden als je er dicht bovenop staat. „De kracht van het idee is juist dat de veelheid aan namen samen een geheel vormen.”

In het TextielLab van het Textielmuseum in Tilburg staat de weefmachine te stampen. Het is twee weken voor Bevrijdingsdag. „En dit is nog niet eens de helft van de echte snelheid,” zegt Stef Miero, die als senior productontwikkelaar Pot en Baas heeft begeleid bij de technische uitwerking. Het lab werkt veel met kunstenaars, architecten en (mode)-ontwerpers, zoals Peter Struycken en Rem Koolhaas en binnenkort Jan Taminiau. Vandaag loopt er een groep studenten rond van de Design Academy. „Wij zijn niet het kopieerapparaat van de kunstenaar, wij reiken mogelijkheden aan”, zegt Miero. „De software van tegenwoordig kan zo veel – en elke keer gaan de kunstenaars net wat verder. Ik vond het geweldig om te zien hoe Bertjan Pot bij het ontwikkelen van deze letters diep in de techniek is gedoken.”

Staand aan de weefmachine kan het menselijke oog onmogelijk de heen en weer razende inslagdraad volgen. Je kunt je alleen verbazen over de snelheid waarmee er over een breedte van 1 meter 70 telkens een rij namen wordt opgebouwd. Op een beeldscherm is te zien welk deel van het computerbestand nu op de machine wordt gemaakt. Wie het weven gadeslaat, hoopt dat toevallig, héél toevallig, zijn eigen naam voorbij schiet…Wel komt Israel Baateng voorbij, en Jan Dieters, Hakan El Haddouri, Ming Wang, X, Dick Schilstra, Abdelkarim Abdoelrahman en nog honderdduizenden anderen. Maarten Baas: „Dit tafelkleed dat op 5 mei over 60 meter uitgestrekt ligt, is een portret van Amsterdam op dit moment. Al die nationaliteiten, al die kleuren en identiteiten – dat gaat over vrijheid.”