Stop de uitverkoop van Nederland aan de markt

Op de dag van de arbeid in 2001 publiceert NRC Handelsblad op de opiniepagina een manifest over de puinhopen van acht jaar Paars. Het zijn niet de puinhopen die Pim Fortuyn later benoemt in zijn gelijknamige boek. Dit manifest keert zich tegen de uitverkoop van Nederland aan de markt: „Het is niet minder dan de beschaving zèlf die samen met de publieke sector in de uitverkoop wordt gedaan.”

Aldus elf intellectuelen onder wie cabaretier Freek de Jonge, ex-priester Huub Oosterhuis, tv-producent Harry de Winter en Jan Marijnissen, leider van de Socialistische Partij (SP). De krant van 5 mei 2001 publiceert vier ingezonden brieven over het manifest. „Het artikel beschrijft met chirurgische precisie juist datgene waar mijn generatie rasechte babyboomers nu juist tegen te hoop liep”, schrijft een lezer uit Soest. „Het doet des te meer pijn omdat deze zelfde generatie daar nu voor een groot deel voor verantwoordelijk is.” Een NRC-commentator doet het manifest af als „agit-prop uit de koker van de SP”.

Hoogleraar in de economie van kunst en cultuur Arjo Klamer, ook een van de ondertekenaars, is nooit lid geweest van de SP. Hij kwam wel op de ontmoetingen die Jan Marijnissen regelmatig belegde in Oudewater. Daar kwam het manifest uit voort, vertelt hij. Samen met hoogleraar en columnist Dorien Pessers en schrijver Karel Glastra van Loon was hij de hoofdauteur. Hoe kijkt hij terug op die vroege, linkse aanval op Paars?

„Ik zou nu zeggen dat het een aanval was op het neoliberalisme. Het idee dat je de markt kunt inzetten als instrument: voor meer efficiency in de gezondheidszorg, lagere energieprijzen, minder subsidie in de cultuursector. Paars droeg dat neoliberale gedachtengoed uit.”

Fortuyns versie sloeg breder aan, geeft Klamer toe. „Dat was een andere aanval, gestoeld op het verwaarlozen van het integratievraagstuk. Dat vind en vond ik niet de belangrijkste kwestie. Het heeft emotioneel sterker gespeeld, maar is een gevolg van de globalisering. De macht van multinationals, het grote Europa waardoor mensen zich verloren voelen. Dat heeft het anti-immigratiesentiment gevoed.”

In het jaar na het manifest waren er nog enkele publieke bijeenkomsten van de beweging die „de uitverkoop van de beschaving” wilde stoppen. Er waren vergevorderde plannen voor een tweede manifest, en voor een „Michael Moore-achtige documentaire”. „Maar de wind is ons uit de zeilen genomen door de moord op Fortuyn.”

Anderhalf jaar geleden kwam de beweging voor het laatst bij elkaar. „We zoeken nog naar een goed moment om het weer voort te zetten.”