Wil ik nog door? Wil de partij me nog?

PvdA’ers kunnen zich uiterlijk vandaag aanmelden als kandidaat-kamerlid, VVD’ers en SP’ers hebben tot eind volgende week. Wie gaat, wie wil blijven?

Politiek redacteur

Den Haag. Blijven of gaan? CDA’er Kathleen Ferrier (3.633 dagen Kamerlid) heeft de vraag „in beraad”. Haar missie is „een betere wereld, om het maar eens groot te zeggen”. En ze denkt er nu over na of de Tweede Kamer daarvoor wel de beste plek is.

Ferrier ging in 2010 tegen haar principes in akkoord met de samenwerking van haar CDA met de PVV. Dat is haar niet licht gevallen. En haar partij misschien ook niet. Daarover spreekt ze dezer dagen met het bestuur. „Ik weet ook niet of het voor de partij het beste is als ik zou blijven.”

Samen met ‘mededissident’ Ad Koppejan (1.981 dagen Kamerlid) is Ferrier misschien een bijzonder geval. Ook andere Kamerleden stellen zichzelf nu de vraag: stel ik me nog een periode beschikbaar als volksvertegenwoordiger?

Achter die vraag gaat „klein menselijk drama” schuil, zegt SP’er Jan de Wit, één van de langstzittende Kamerleden (5.098 dagen). Hij heeft jonge collega’s zien verhuizen naar Den Haag voor dit werk: „Ze kopen dan een huis hier, met het idee om dit werk minimaal acht jaar te doen. En dan nu dit.” Maar het hoort er wel bij, vindt hij. Voor De Wit zelf is het nog geen uitgemaakte zaak of hij terugkomt, zegt hij. Hij wordt 67, en „voor de SP is 65 toch 65. En ik heb ook kinderen, en kleinkinderen.”

Inmiddels druppelen ‘bekendmakingen’ binnen van politici die geen Kamertermijn meer ambiëren. Van PvdA’ers Gerdi Verbeet en Nebahat Albayrak bijvoorbeeld, en van minister Maxime Verhagen (CDA).

Ook Sharon Dijksma (PvdA, nu met zwangerschapsverlof maar al vijftien jaar Kamerlid) gaat niet meer op voor nog een termijn. Het Kamerwerk vindt ze lastig te combineren met de opvoeding van twee jonge kinderen. „Een paar nachten per week niet thuis slapen, dat gaat optellen. Het Kamerlidmaatschap en wat het van je vraagt, dat wordt onderschat.”

Privéoverwegingen spelen voor veel jongere Kamerleden mee. Zoals het Kamerlid dat op voorwaarde van anonimiteit zegt: „Ik ga af en toe dood van saaiheid hier.” Een ander, wat subtieler: „Het is amper te combineren met een privéleven. En dit werk moet je goed kunnen doen; ik vind het niet zomaar een baan, het is een privilege.” Ontwikkelingen binnen de eigen partij spelen eveneens een rol. Frans Timmermans (PvdA, 3.888 dagen Kamerlid) solliciteerde al meermalen naar banen buiten het parlement, maar wil nu toch op de lijst. Zijn belangrijkste overweging daarvoor: Job Cohen is weg.

Van de ‘oude rotten’, Kamerleden die tien jaar of langer in de Kamer zitten, zeggen de meesten dat ze moeten nadenken over hun toekomst. Oók degenen die eigenlijk weg zouden gaan, na deze kabinetsperiode. Be langrijkste reden: de vroege val van het kabinet. Er liggen initiatiefwetsvoorstellen op de plank die Kamerleden willen afronden. En: de afgelopen termijn was wel érg kort om als afscheid te gelden. Neem Ineke van Gent (5.098 dagen Kamerlid) van GroenLinks. Zij had al een extra termijn gekregen van haar partij. Dit zou de laatste zijn, maar nu kan ze volgens de regels van GroenLinks nóg eens op de lijst, omdat haar extra zittingsperiode vóór de helft van de termijn is afgebroken. Dus nu „denkt ze na”, zegt ze. Dat geldt ook voor Mirjam Sterk (3.521 dagen Kamerlid) van het CDA, dat net als GroenLinks regels heeft voor het maximale aantal jaren in de Kamer. Sterk zou na deze kabinetsperiode iets anders gaan doen, omdat ze dan twaalf jaar in de Kamer zou zitten. Ook zij twijfelt nu.

De Kamerleden zeggen het liever niet hardop, maar natuurlijk speelt in hun overwegingen ook of de partij hén nog op de lijst wil. „Een gevoelig onderwerp”, zegt er eentje. De functioneringsgesprekken die veel partijen halverwege een kabinetsperiode voeren, zijn nog niet geweest. Vooral voor Kamerleden die de afgelopen tijd in opspraak raakten, zijn deze weken daarom spannend. Bijvoorbeeld voor Mariko Peters (1.758 dagen Kamerlid) van GroenLinks. Vorig jaar was er ophef rondom haar, wegens vermeende belangenverstrengeling. De partij zit in dubio, zegt een van de leden: „Er waren toen mensen die zeiden: ze kan beter vertrekken. Maar nu zou je kunnen zeggen: we hebben die kwestie overwonnen, dan is het zonde om uit elkaar te gaan.”

Een geval apart vormen de fractieleden van de PVV. Eén persoon bepaalt daar wie er in september op de lijst staat: Geert Wilders (4.936 dagen Kamerlid). Over sommige PVV’ers gingen vorige week al geruchten dat ze zouden willen overstappen naar de VVD, of naar de nieuwe partij van Hero Brinkman (1.981 dagen Kamerlid). De PVV’ers zelf ontkennen. „Als je door wilt in de Kamer, moet je nú je loyaliteit tonen”, zegt een van hen.