'We kunnen geen CO controleren' 2

Hoe worden beleggers ontvangen op de jaarlijkse ‘AvA’? Vandaag, deel vier in het vierde deel van een serie over de algemene vergadering van aandeelhouders: Brunel.

Noem detacheringsorganisatie Brunel International, hoofdvestiging in Amsterdam, een uitzendorganisatie. Dat is genoeg om bestuursvoorzitter Jan Arie van Barneveld hoofdpijn te bezorgen. En als gisteren, tijdens de algemene vergadering van aandeelhouders van Brunel, een aandeelhouder gekweld naar voren brengt dat het aandeel Brunel op de beurs naar beneden schiet als uitzendorganisatie USG vijf punten onderuit gaat, knikt hij instemmend. „Het is de beeldvorming. Daar hebben we last van. En de media zijn daar zó slordig mee.”

Het was een van de schaarse momenten tijdens de aandeelhoudersvergadering, dat Van Barneveld even de wenkbrauwen fronste. Want Brunel, dat is een wereldwijd opererende detacheringsorganisatie voor technische professionals. Met vestigingen in 30 landen en zo’n 10.000 medewerkers. Dat in het eerste kwartaal van 2012 een omzetstijging realiseerde van 28 procent in vergelijking met het eerste kwartaal, vorig jaar.

De 46 aanwezige aandeelhouders hoorden de presentatie van de jaarcijfers tevreden aan. Met een omzetgroei van 18 procent in Nederland, 38 procent in Duitsland en 12 procent in België. „We weten niet hoe de situatie in Europa zich zal ontwikkelen. Maar onze onderneming is zo sterk dat we structureel blijven groeien”, verzekerde Van Barneveld zijn toehoorders. Sterker nog, zo voegde hij daaraan toe: „terwijl de wereld verandert, lijkt groei bij ons automatisch. Eigenlijk zou je meer concurrentie verwachten.”

Als er al zorgen waren onder aandeelhouders, dan ging het om de vraag hoe Brunel die stijgende omzetcijfers overeind kon houden, met name op een expansiemarkt als Duitsland, zo wilde J. Dekker van de Vereniging van effectenbezitters (VEB) weten. In Duitsland gaat het vooral om ingenieursprojecten, aldus Van Barneveld. En dat is en blijft een groeimarkt. „Daarom investeren we daar 5,6 miljoen euro extra, om het verkoopapparaat in Duitsland verder op te bouwen.”

Groei, zo hield Van Barneveld zijn gehoor voor, is niet een kwestie van expansie of overname. „Er is een oceaan om te groeien. Maar de begrenzing in die groei is de mate waarin je organisatie zich daarin kan ontwikkelen. We kunnen nog zó veel autonoom groeien. Maar als je aan overnames doet, moet je vervolgens ook zorgen voor sterk en goed management. Het is voor Brunel nu vooral zaak om die groei in Duitsland goed onder controle te houden.”

Als er al een kritisch nootje op de aandeelhoudersvergadering gekraakt werd, dan was dat bij monde van Brigitte Gemen van de Vereniging van beleggers voor duurzame ontwikkeling (VBDO). Wat hoe zat het met het beleid van Brunel als het gaat om maatschappelijk verantwoord ondernemen? Brunel opereert wereldwijd en er zijn OESO-richtlijnen die multinationals voorschrijven hoe zij om moeten gaan met mensenrechten. Volgt Brunel die ontwikkeling? En zo ja, hoe gaat Brunel daarmee om bij projecten in de olie- en gasindustrie in Azië? Heeft Brunel niet ook een verantwoordelijkheid als het gaat om milieu, biodiversiteit en ecosystemen? Zijn olie- en gaswinning de laatste jaren juist op dat gebied niet negatief in het nieuws geweest?

Onze corebusiness is het detacheren van mensen, reageerde Van Barneveld. „Wij leveren specialisten aan bedrijven als Exxon, Chevron en Shell. Dat zijn bedrijven in de categorie klanten die voortdurend met milieu bezig zijn. Omdat het klanten zijn die voortdurend langs de strengste meetlat gelegd worden. Maar wij leveren mensen. We kunnen geen CO2-uitstoot controleren. We kunnen daar niet iedere dag bij zijn. We kunnen er wel voor zorgen dat de auto’s die wij ter beschikking stellen, zo klein en zuinig mogelijk zijn. En dat we verantwoord gedrag van onze managers verlangen. We zijn een ‘mensenbedrijf’, we doen niet aan kinderarbeid, we detacheren in Nederland afgestudeerde ingenieurs elders in de wereld. Hoe maatschappelijk verantwoord kun je als ondernemer zijn?”

Ook Gemen had vrede met het antwoord. „Van Barneveld neemt onze kritiek in ieder geval serieus.”

En toen was het tijd voor de traditionele AvA-borrel.