Noodkreet dissident Chen brengt Clinton in de problemen

Terwijl China hint dat de om hulp smekende dissident Chen een studiereis naar de VS mag aanvragen, krijgt de Amerikaanse regering kritiek dat zij zijn nood onderschat.

Smeekbedes van de blinde Chinese dissident Chen Guangcheng vanuit een zwaar bewaakt Pekings ziekenhuis aan het Amerikaanse Congres om toegelaten te worden tot de VS, hebben president Barack Obama de afgelopen 24 uur een groot politiek probleem bezorgd.

Chen vertelde in zijn telefonische oproep aan het Congres dat hij „in verwarring” verkeerde toen hij besloot vrijwillig de ambassade te verlaten waar hij bijna zes dagen heeft doorgebracht. Hij zei alsnog te vrezen voor zijn veiligheid en die van zijn familie. Tegen de website The Daily Beast zei hij te hopen dat hij zaterdag met minister Clinton naar de VS kan vliegen.

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, die in Peking verblijft en niet rechtstreeks onderhandelt met haar Chinese collega’s, heeft topdiplomaten opdracht gegeven opnieuw met de Chinese autoriteiten te onderzoeken of Chen naar de VS mag reizen, mogelijk onder het mom van een tijdelijk verblijf om medische redenen of – en dat lijkt de beste optie – om te gaan studeren. Volgens een woordvoerder van het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken kan Chen daar „net als iedere andere Chinees” een aanvraag toe indienen.

In de VS neemt de roep van Republikeinen en mensenrechtenorganisaties toe om Chen te hulp te schieten, en wordt de kritiek luider dat Chen door president Obama en Clinton, in de steek is gelaten. Woordvoerders van Clinton en de ambassadeur in Peking Gary Locke ontkennen dat. De vraag is echter of zij Chens wil goed hebben ingeschat en waarom zij niet geïnformeerd waren over de bedreigingen aan zijn vrouw toen Chen op de ambassade zat.

Chen, die woensdag vrijwillig Amerikaanse gebied verliet, sprak via de mobiele telefoon vanuit het Chaoyangziekenhuis een zitting toe van de ondercommissie voor de mensenrechten in het Huis van Afgevaardigden. Zijn woorden werden vertaald door de Chinese Amerikaan Bob Fu, directeur van de christelijke mensenrechtenorganisatie ChinaAid.

„Ik wil naar de VS komen om uit te rusten. Ik heb in tien jaar geen rust gehad”, zei Chen, die vanwege campagnes tegen gedwongen abortussen vanaf eind 2005 gevangen heeft gezeten; eerst vier jaar in een gevangenis en daarna in zijn eigen huis. Chen zei dat hij „voor een paar maanden’’ en niet permanent naar de VS wil.

Zijn vlucht naar de Amerikaanse ambassade in Peking, zijn vrijwillige vertrek daar en zijn ommezwaai hebben de Amerikaans-Chinese relaties onder druk geplaatst. Amerikaanse en Chinese diplomaten dachten het probleem te hebben opgelost totdat Chen van mening veranderde. De Amerikaanse noch de Chinese autoriteiten willen hun gezicht verliezen. In de VS worden verkiezingen gehouden en in China vindt een gevoelige wisseling van de wacht plaats, die de leiders extra voorzichtig maakt met concessies aan de VS.

Alles wijst er intussen op dat Chen zich opnieuw onder een vorm van arrest bevindt. Amerikaanse diplomaten, vrienden en journalisten kregen geen toegang tot hem en zijn familie. Chen zou overgeplaatst zijn naar een besloten vleugel van het ziekenhuis om zijn veiligheid te garanderen, aldus een ziekenhuiswoordvoerder. Zijn telefoon wordt afgeluisterd en gesprekken met journalisten en diplomaten worden onderbroken.

Bob Fu van ChinaAid deed gisteren een beroep op de ministers Clinton en Geithner om uit protest tegen Chens afzondering onmiddellijk de jaarlijkse strategische en economische top te verlaten en met Chen, diens vrouw en twee kinderen naar de VS terug te keren. Vlak daarvoor had Mitt Romney, vrijwel zeker de Republikeinse kandidaat voor het presidentschap, de zaak-Chen aangegrepen om de buitenlandse politiek van Obama aan te vallen.

Op campagne in Virginia had Romney het over „een donkere dag voor de vrijheid”. Romney doelde op „berichten” dat de Amerikaanse regering sneller dan Chen een einde wilde maken aan diens verblijf in de Amerikaanse ambassade, en hem aanmoedigde in zijn besluit om te vertrekken. De Amerikaanse regering hield vol dat Chen vrijwillig de ambassade verliet. Romney: „Wij zijn een baken van vrijheid, hier en overal ter wereld. Als die vrijheid aangevallen wordt, moeten wij haar verdedigen.”

Het is politiek en praktisch gezien vrijwel onmogelijk dat Chen op zaterdag echt mee kan vliegen met Clinton. Chen, die in een duidelijke staat van verwarring verkeert en volgens vrienden leidt aan een vorm van posttraumatisch-stresssyndroom, beschikt niet over een Chinees paspoort. Er zijn geen voorbeelden dat de Chinese autoriteiten als zij zich onder internationale druk geplaatst voelen, snel concessies doen.

Op nationalistische websites in China werd Chen al een instrument van het Westen genoemd. In de Chinese staatsmedia moest vooral de Amerikaanse ambassadeur Gary Locke, zelf ook van Chinese afkomst, het ontgelden. Hij werd in het Dagblad van Peking neerbuigend een „rugzakdragende, Starbuckskoffiedrinkende ruziezoeker” genoemd. Op Weibo, het Chinese microblogsysteem, kreeg de op het platteland populaire Chen, zelf ook een boerenzoon, veel bijval, maar ook veel verdeelde adviezen.

Zo snel mogelijk vertrekken, want je kan de autoriteiten niet vertrouwen, zo luidde een advies. Optimistische bloggers vinden dat hij de Amerikaans-Chinese overeenkomst moet accepteren en zich moet vestigen in Tianjin – een van de steden waaruit Chen mag kiezen – en daar naar de universiteit moet gaan, zoals aanvankelijk de afspraak was.

Bloggers wijzen erop dat Tianjin, op een half uur sneltreinen van Peking, de geboortestad en machtsbasis is van de hervormingsgezinde premier Wen Jiabao en dat Chen daar veilig zal zijn.