Hoe wreed de oorlog voortwoedde

Wie nu somber is over Europa, moet ‘Savage Continent’ lezen. Na WO II was in Europa de anarchie totaal. Naar voorbeeld van de nazi's zegevierden wraak,roof, verkrachting en moord.

Keith Lowe: Savage Continent. Viking, 450 blz. € 33,99

Het dictaat van Brussel: deze belegen agitprop-kreet zullen we de komende tijd nog vaak horen van Geert Wilders. Het dictaat van Versailles, het dictaat van Brussel. Wilders is boos op Brussel en vele Europeanen met hem. Europa heeft haar glans verloren. De toestand in het oude continent is, als we de kranten mogen geloven, griezelig, deprimerend en hopeloos. Misschien moeten deze ontgoochelde Europeanen zich eensin Savage Continent verdiepen en hun historische kennis wat bijspijkeren. Lees dit boek en count your blessings.

Na Tony Judts Post War en Timothy Snyders Blood Lands is er weer een boek dat nieuw licht werpt op de 20ste-eeuwse geschiedenis. Waar Judt liet zien hoe verbluffend snel het verwoeste continent na 1945 weer opkrabbelde en Snyder hoe onevenredig zwaar het hart van Europa (Polen, de Baltische landen, Oekraïne) door het totalitarisme is getroffen, concentreert de Britse historicus Keith Lowe zich op de puinhopen die de oorlog in 1945 achterliet.

Het einde van de Tweede Wereldoorlog, betoogt Lowe, betekende een ‘afdaling in de anarchie’. Hij doet een poging die chaos te beschrijven en af te rekenen met de mythes die in heel Europa het beeld vertroebeld hebben. Dit boek, zegt hij, gaat over wraak.

Die anarchie had vele onverwachte gezichten. Een voorbeeld. Nazi-Duitsland leefde op dwangarbeid. Heel Europa was een Goelagarchipel van concentratie- en werkkampen. Duitsland telde aan het einde van de oorlog acht miljoen dwangarbeiders, die de industrie draaiende hadden gehouden. Het eerste wat de geallieerden deden was deze mensen vrijlaten. Tienduizenden displaced persons zwierven over het continent. Zij wilden eten én wraak voor de ontberingen die zij hadden geleden. Zij waren verwilderd. Tot ontzetting van de Geallieerden begon iedereen te plunderen, te moorden. De situatie werd onhoudbaar. Tenslotte zagen de westerse mogendheden zich gedwongen de dwangarbeiders opnieuw op te sluiten, in afwachting van ordelijke repatriëring. Een pijnlijke beslissing, die tot grote woede leidde bij de stakkers die door hun bevrijders weer achter prikkeldraad werden gezet.

Lynchen

In heel Europa heersten honger en ziektes als malaria, tbc en tyfus. Diefstal werd een recht, en extreem geweld was een alledaags verschijnsel. Jonge mensen raakten verslaafd aan moorden. Zedenverwildering leidde tot openbare prostitutie voor een handvol eten.

De ontdekking van de gruwelen in de vernietigingskampen voedde de haat jegens de Duitsers. SS’ers werden gelyncht, maar ook onschuldige burgers werden het slachtoffer. In het Oosten hield het Rode Leger huis. Plundering en verkrachting was daar aan de orde van de dag. Volgens onderzoek zijn in de nasleep van de oorlog zo’n 2 miljoen Duitse vrouwen verkracht.

In hun simplisme, betoogt Lowe, denken mensen nog steeds graag dat de Tweede Wereldoorlog een helder conflict was tussen goed en kwaad, tussen de Geallieerden en de As-mogendheden, tussen de vrije wereld en het nazisme. In werkelijkheid was de oorlog helemaal niet voorbij in 1945. De beer was los. Tot in de jaren vijftig zijn op het continent talloze oorlogen gevoerd om klasse, ras of nationaliteit. Extreem rechts en extreem links deden daarbij in wreedheid niet voor elkaar onder.

De nazi’s hadden het slechte voorbeeld gegeven en na de oorlog deden velen het hen na. Wetteloosheid werd misbruikt om oude vetes uit te vechten, locale conflicten te beslechten en links en rechts de macht te grijpen. Etnisch zuiveren van Duitsland leidde tot etnisch zuiveren van Polen, Tsjechoslowakije en Oekraïne. Ondanks de moord op de Joden bleek het antisemitisme springlevend. Partizanen in Oost-Europa bleven tot in de jaren vijftig verzet bieden tegen het communisme. Ze werden in Litouwse en Oekraïnse bossen uitgerookt.

In Frankrijk zette het communistische verzet de oorlog voort tegen de collaborateurs van Vichy. In Italië bestreden de partizanen de hardnekkige resten van het fascisme van Mussolini. Griekenland werd verscheurd door een wrede burgeroorlog tussen communisten en nationalisten, waarbij hele dorpen werden uitgemoord. Al deze gevechten kostten tienduizenden doden. Wraak en vergelding voerden de boventoon.

Zelfs het land van Tito, dat na de oorlog als de kunstmatige federatie Joegoslavië bijeen werd gehouden, is in de jaren negentig alsnog geëxplodeerd. De Europeanen waren verbijsterd over de diepe haat tussen Serviërs, Kroaten en moslims, die vijftig jaar na de oorlog opeens aan de oppervlakte kwam. Was die oorlog nu nog steeds niet voorbij? Vergeten, zegt Lowe, is nooit een oplossing.

Het is niet Lowes bedoeling door een opsomming van gruweldaden de schuldvraag te verdoezelen. Na de oorlog zijn 11 miljoen Duitsers verdreven uit Oost-Europa. Dat was een overwinning voor Stalin, die het Oosten van Polen annexeerde en zo Polen tweehonderd kilometer westwaarts schoof. Het was ook een wraakneming van Polen en Tsjechoslowakije voor de behandeling die de nazi’s hen als Untermenschen hadden gegeven. Het was, kortom, een etnische zuivering. Maar de Heimatvertriebenen, die in Duitsland een politieke factor van betekenis zijn, kunnen hun leed niet gelijkstellen aan de moord op de Joden, die eraan voorafging.

Wederzijdse wreedheid

Lowe laat zien hoe alle nationaliteiten steeds weer opnieuw hun eigen mythes schrijven en creatief omgaan met de statistiek. En er met behulp van die verhalen niet voor terugschrikken elkaar uit te moorden. Vast staat wel dat de westerse mogendheden aanzienlijk fatsoenlijker met hun overwinning zijn omgegaan dan de communisten. Bijna 36% van de Duitse krijgsgevangenen in de Sovjet-Unie heeft het niet overleefd, tegen 0,1% van de Duitsers die in Britse of Amerikaanse krijgsgevangenschap belandden. (Overigens spanden ook hierin de Duitsers de kroon: de helft van alle sovjet-krijgsgevangenen is tijdens de oorlog omgekomen in Duitse kampen). Maar het Rode Leger heeft zich vele malen erger misdragen dan de westerse bezettingstroepen. En de vestiging van communistische dictaturen in het hele Oostblok ging gepaard met massale deportaties en jarenlange onderdrukking. Ook dat (en de Koude Oorlog) is mogelijk gemaakt door de Tweede Wereldoorlog.

Na 350 pagina’s wederzijdse wreedheid vraag je je af of Lowe ook nog lichtpuntjes ziet. Die ziet hij. Eeuwenlang is Polen overheerst en gedecimeerd door de sterke Duitse buur. Ook na de val van het communisme bleef argwaan lang het belangrijkste sentiment, ijverig gevoed door de rechtse tweelingbroertjes premier en president Kaczynski. Maar sinds de komst van de pragmatische premier Tusk zijn de verhoudingen opmerkelijk vriendschappelijk. Daar heeft Lowe gelijk in. Als de Poolse minister van Buitenlandse Zaken Sikorski de Duitse bondskanselier Merkel aan zijn borst drukt en zegt dat Duitsland de enige hoop is voor Polen (en Europa), dan is dit een indrukwekkend voorbeeld van afrekenen met de spoken uit het verleden. Veel Polen zullen hem dat kwalijk nemen. Echte Europese moed is heel wat anders dan een slap verbaal robbertje vechten met Brusselse windmolens.