Column

De werkloosheidcijfers als politieke semtex

De Dag van de Arbeid was nog maar een uur of tien voorbij of de nieuwste onheilstijding bereikte Europa gisteren. De werkloosheid blijkt in de eurozone te zijn gestegen naar 10,9 procent van de beroepsbevolking in de maand maart, het hoogste cijfer sinds de invoering van de euro. 17.365.000 mensen staan nu officieel te boek als werkloos. Zelfs Duitsland zag zijn werkloosheidspercentage licht stijgen, maar heeft nog altijd het op drie na laagste van de eurozone: 5,6 procent. Die drie lagere zijn Luxemburg, Nederland (5 procent) en Oostenrijk (4 procent).

Nu zijn werkloosheidscijfers enorm afhankelijk van definities. Volgens het CBS bedraagt het Nederlandse percentage 5,9. Maar zelfs dat geeft de werkelijkheid niet volledig weer. Ons land wemelt van de zelfstandigen zonder personeel. Dat zijn er volgens de jongste gegevens van het CBS nu 648.000. Sinds de Lehman-crisis van najaar 2008 zijn er netto bijna 50.000 bijgekomen. En dat is vrijwel net zoveel als er banen bij bedrijfsleven en overheid verloren zijn gegaan.

Niet dat iedereen die zijn baan verloor zelfstandig werd, maar een samenhang zal er wel zijn. Veel mensen beginnen, al dan niet met een ontslagpremie op zak, liever voor zichzelf dan thuis af te wachten. Het CBS becijferde dat van de nieuw opgerichte ondernemingen nu tweederde eensmanszaak is, tegen 55 procent vijf jaar geleden. Het economische bureau van ING meldde vanmorgen dat er onder de nieuwe starters steeds meer mensen van 45 jaar en ouder zijn.

Voor jezelf beginnen na ontslag is goed voor het zelfvertrouwen en goed voor de dynamiek. Maar het is ook goed voor de werkloosheidsstatistiek en goed voor de schatkist. Hoeveel zzp’ers werken nu eigenlijk dichtbij of onder het bestaansminimum? De hoogleraar arbeidsrecht Ferdinand Grapperhaus waarschuwde vorig jaar in het programma Nieuwsuur terecht voor verborgen werkloosheid onder zzp’ers. Twaalf procent van hen zou liever een vaste baan hebben en is kennelijk zelfstandig bij gebrek aan een alternatief. Wie dat door rekent komt op een hoger werkloosheidspercentage. Als de zzp’ers waar het hier om gaat onder de CBS-definitie zouden worden gebracht, dan stijgt het werkloosheidspercentage met een vol procentpunt, van 5,9 naar 6,9.

Werkloosheid is hard op weg de belangrijkste maatstaf te worden waarlangs het publiek haar politici legt. De stijging in de eurozone is een buitengewoon slecht voorteken voor het draagvlak voor de zuinigheidsstrategie die onder leiding van Duitsland wordt gevoerd. Maar hoe lang nog? In de berekeningen van het Catshuisakkoord schetste het Centraal Planbureau een werkloosheidspercentage dat zou oplopen van 5,5 dit jaar (wéér een andere definitie, trouwens) naar 6,75 volgend jaar. Inclusief de verborgen zzp-werkloosheid zit je dan al tegen de 8. Het Wandelgangakkoord, dat zich niet laat doorrekenen, zal daar weinig aan veranderen.

De werkloosheidscijfers beloven een belangrijke rol te gaan spelen in de loop naar de verkiezingen in september. In de Verenigde Staten zijn de cijfers al even belangrijk voor de verkiezingen van november. De non-farm payrolls over april, die morgen worden gepubliceerd zijn politieke semtex.

Rutte en Obama stampen op dezelfde brug. Maar wat is het beste voor de werkgelegenheid? Europese zuinigheid of een Amerikaanse groeistrategie? In 2012 is de werknemer de muis in het lab van de macro-economie.