Barack Obama: ‘ik leidde een ascetisch, veel te serieus bestaan’

Tijdens een kerstfeest in New York, in 1983, ontmoet de 22-jarige Barack Obama de drie jaar oudere Genevieve Cook, met wie hij zijn eerste serieuze relatie zal beginnen. In dagboeken en brieven hield Cook die periode bij. In de juni-editie van Vanity Fair zijn fragmenten van Cooks egodocumenten opgenomen.

In 1981, schrijft journalist David Maraniss in het Vanity Fair artikel, verhuist Obama van Occidental College naar Columbia University, en daarmee van Los Angeles naar New York.

In New York begint een belangrijke formatieve periode in het leven van Obama. Hij trekt zich terug, probeert zijn verleden en toekomst te overzien. Hij wil weten wie hij is. In een interview met Maraniss, aangehaald in het artikel in Vanity Fair, zei Obama het volgende over de periode:,,I was leading a very ascetic existence, way too serious for my own good.”

Zijn gedachtes deelde Obama in die periode maar met een aantal mensen, waaronder Cook. Zij ontmoetten elkaar aan het eind van een kerstfeest dat in december 1983 in East Village New York werd gegeven. Ze bleken beiden in Jakarta, Indonesië te hebben gewoond, wat een band schiep. Ze wisselden telefoonnummers uit en vanaf januari 1984 raakten ze verwikkeld in een serieuze relatie.

Vanaf dat moment houdt Cook haar dagboek bij. Uit die fragmenten, samen met briefpassages van Obama opgenomen in David Maraniss’ artikel in het Amerikaanse maandblad Vanity Fair, rijst een mooi beeld op van de huidige president van de Verenigde Staten.

In een brief reageert Obama op het feit dat Cook een paper aan het schrijven is over T.S. Eliots The Waste Land. In die brief, te vinden op de Vanity Fair website, schrijft de jonge Obama het volgende:

I haven’t read “The Waste Land” for a year, and I never did bother to check all the footnotes. But I will hazard these statements—Eliot contains the same ecstatic vision which runs from Münzer to Yeats. However, he retains a grounding in the social reality/order of his time. Facing what he perceives as a choice between ecstatic chaos and lifeless mechanistic order, he accedes to maintaining a separation of asexual purity and brutal sexual reality. And he wears a stoical face before this. Read his essay on Tradition and the Individual Talent, as well as Four Quartets, when he’s less concerned with depicting moribund Europe, to catch a sense of what I speak. Remember how I said there’s a certain kind of conservatism which I respect more than bourgeois liberalism—Eliot is of this type. Of course, the dichotomy he maintains is reactionary, but it’s due to a deep fatalism, not ignorance. (Counter him with Yeats or Pound, who, arising from the same milieu, opted to support Hitler and Mussolini.) And this fatalism is born out of the relation between fertility and death, which I touched on in my last letter—life feeds on itself. A fatalism I share with the western tradition at times. You seem surprised at Eliot’s irreconcilable ambivalence; don’t you share this ambivalence yourself, Alex?

Cook is in ieder geval onder de indruk van hem. Zo schrijft ze in enkele passages zinnen als ‘Wat een opmerkelijk persoon is Barack toch’ en ‘hoe kan hij toch zo oud zijn, op zijn 22ste’.

Van Maraniss zal binnenkort de Obamabiografie Barack Obama: The Story verschijnen. Op Youtube is een filmpje van Maraniss te vinden, waarin hij spreekt over Obama en basketbal: