Wij zijn de TomTom van ons onderbewuste

Hersenonderzoek toont aan dat we vaak onbewust handelen. Een belangrijk inzicht, maar het zegt zo goed als niets over de vrije wil.

Cognitiefilosoof

Als Victor Lamme en Dick Swaab gelijk hebben dat wij ons brein zijn, schrijft Arnold Heumakers in nrc.next (Boeken, 30 maart), kan de filosofie haar deuren wel sluiten. Bovendien zijn we dan ook nog de vrije wil kwijt. Dat zijn twee misvattingen. Als beide zijn rechtgezet, wordt duidelijk waarom neurowetenschappers zichzelf en hun publiek geen dienst bewijzen door alsmaar over de vrije wil te beginnen: ze hebben een veel interessanter verhaal te vertellen over hoe wij in elkaar zitten.

Hersenwetenschappers als Benjamin Libet en Patrick Haggard beweren al vanaf de jaren tachtig dat we geen vrije wil hebben. Hun experimenten laten zien dat bewuste beslissingen niet het begin van onze handelingen zijn. Op het moment dat we bewust besluiten om bijvoorbeeld een simpele handbeweging te maken zijn onze hersenen al bijna een halve seconde aan het werk om die beweging voor te bereiden. „Onze hersenen weten dus al wat we gaan doen voordat we het zelf weten”, in Haggards woorden. Victor Lammes experimenten zijn op eenzelfde leest geschoeid. Hij laat zien dat veel van ons handelen beter te voorspellen is op basis van gegevens uit de hersenscanner dan op basis van wat we zelf denken en zeggen. Met andere woorden: niet wij, maar onze onbewuste hersenprocessen bepalen uiteindelijk wat we doen.

De vraag die alsmaar niet gesteld wordt, is wie dan die ‘wij’ zijn die alsmaar door onze hersenen worden afgetroefd. „Wij zijn ons brein”, stelt Dick Swaab. Akkoord. Maar het is van tweeën één. Als wij ons brein zijn, kunnen wij niet door ons brein worden afgetroefd. Als wij ons brein zijn, kan het niet zo zijn dat ons brein iets ‘weet’ of ‘doet’ wat wij niet weten of doen.

Wat Libet, Haggard, Lamme en Swaab laten zien is dat veel van wat we doen een onbewuste oorsprong heeft. Maar maakt dat onze handelingen minder vrij? Niet in de zin dat we geen keuzes zouden hebben – je kunt ook onbewust kiezen. Maakt het onze handelingen minder ‘van ons’? Niet per se. Is een doelpunt van Wesley Sneijder niet echt van hemzelf als het een gevolg is van een split-second-‘beslissing’? Is wat ik zeg in een dagelijkse conversatie niet echt wat ik wil zeggen omdat ik niet bewust over elke zin reflecteer? Dat lijkt me niet. In het dagelijkse leven beschouwen we veel automatische en onbewuste handelingen – terecht – als vrije handelingen van de betreffende persoon zelf. Het is dus ronduit verwarrend om het feit dat veel handelingen een onbewuste oorsprong hebben te vertalen in beweringen over de vrije wil.

Daarmee is zeker niet gezegd dat de bevindingen van Lamme en Swaab c.s. onbelangrijk zijn. Integendeel. Het punt is alleen dat de vertaalslag van die bevindingen naar conclusies over onszelf in alledaagse taal, gebruikmakend van woorden als ‘bewustzijn’, ‘wil’ en ‘zelf’, om veel meer reflectie en nauwkeurige begripsbepalingen vraagt. Het idee dat wij ons brein zijn en dat veel handelen onbewust is, vraagt dus juist om filosofie.

De experimenten die gebruikt worden om de vrije wil te onttronen, laten in feite iets anders zien. Ze wijzen erop dat het naïef is om te denken dat ons handelen altijd door bewuste reflectie bepaald wordt. Ze wijzen op het feit dat we soms slecht inzicht hebben in onszelf – dat we vaak niet precies weten waarom we doen wat we doen. Maar het zou onzinnig zijn om te denken dat bewustzijn daarbij overbodig is, of dat het louter dient om onszelf een rad voor ogen te draaien. Veel onderzoek over bewuste intenties op de langere termijn laat zien dat bewustzijn wel degelijk bepalend kan zijn voor hoe we ons gedragen. Als ik bewust besluit morgen de trein van tien uur te nemen, dan zit ik morgen om tien uur in de trein, ook al zijn bijna alle handelingen die mij daar hebben gebracht onbewust. Wat hersenonderzoek ons dus leert is dat we meestal een onbewust ‘ik’ zijn en dat ons bewustzijn ‘op afstand’ dat onbewuste ‘ik’ probeert bij te sturen. Het is naïef om te denken dat bewustzijn ‘aan het stuur zit’. Het onbewuste zit aan het stuur. Maar dat betekent niet dat bewustzijn slechts op de bijrijdersstoel zit. Bewustzijn is eerder de TomTom. Vaak, maar niet altijd, laat de onbewuste bestuurder zich daardoor leiden.

Natuurlijk is dat beeld niet meer dan een metafoor voor een mensbeeld dat langzaam opdoemt uit een enorme berg onderzoeken. Veel van dat mensbeeld moet nog worden ingevuld. Maar het punt is dat dit ons echt iets leert over onszelf – iets waar we wat mee kunnen. Hersenwetenschappers zouden er goed aan doen om de rol van ontmaskeraar achter zich te laten en claims over de vrije wil te laten voor wat ze zijn. Want in feite leveren ze ons de materialen voor een genuanceerd mensbeeld dat nauw aansluit bij onze dagelijkse ervaring. In vergelijking met de hype omtrent de vrije wil lijkt me die boodschap bestendiger en belangrijker.