Theater op Top 40-liedjes

Wittenbrink wilde met zijn ‘Koninginnenacht’ elf levensverhalen vatten in liedjes. Dat is veel. Soms lijkt het net The Voice of Holland.

Theaterrecensent

De voorstelling Koninginnenacht van de Duitse regisseur Franz Wittenbrink bij het Nationale Toneel is een merkwaardige potpourri geworden. Op de beste momenten versterken virtuoze taal en muzikale ontroering elkaar. Maar op de slechtste momenten doet de voorstelling denken aan een lokale editie van The Voice of Holland.

Nu wilde Wittenbrink zowel technisch als inhoudelijk iets ingewikkelds. Hij wilde, met tien zingende acteurs, vrijwel zonder tekst maar middels 44 liedjes – van pop tot klassiek en van volksliedjes tot Top 40-hits – de levens schetsen van elf personages. Zij komen de nacht voor Koninginnedag met hun handeltjes samen. Inhoudelijk is dat problematisch omdat er nauwelijks tijd en tekst is om de personages uit te diepen; dat gebeurt enkel in de liedjes en dat is vaak niet genoeg. Ook technisch is het ingewikkeld, omdat bij elk liedje, bij elke zanger – zeer uiteenlopend qua niveau – het geluid moet worden aangepast.

Dat ging op de première geregeld mis; waar de mooie, maar fragiele stem van Antoinette Jelgersma begrijpelijk van een laagje galm werd voorzien, klonken Margreet Boersbroek en Remco Sietsema, beiden sterke zangers met scheepshoornvolume, daardoor vaak hard en schel. Spreekteksten verdampten soms door de al te versterkte band, en van verstilling kon al helemaal nauwelijks sprake zijn – met uitzondering van één of twee liedjes.

Wittenbrink wil op één avond veel verhalen vertellen. Over de tweeling Annelies en Anneloes Rienstra (Loes Haverkort en Anniek Pheifer), van wie de één, Anneloes (Pheifer), hevig verlangt los te komen van haar zus. Over de weduwe Ida Loon van der Branden-Bakker, die haar parkiet Japie kwijt is. Over de Nederlandse Vincent en de Vlaamse Jules, die voortdurend tweetalig ruziën. Over het Surinaams-Nederlandse echtpaar-in-scheiding Anton en Shirley. Over de schoonmaker/filosoof Alfred en de Turkse schroothandelaar Ali; over ‘runaway bride’ Frederique (Boersbroek) en over de jonge vrouw Anne, die worstelt met een groot verlies. Dat is eenvoudigweg te veel.

Op toneel worden er maar een paar verhaallijnen uitgediept. Zoals die van Frans van Deursen en Manoushka Breeveld. Zij krijgen als het echtpaar meermaals de kans om venijnig te kibbelen op onder meer de melodie van Survivor van Destiny’s Child – een fijne, vinnige binnenkomer in het eerste kwartier. Maar van de meesten krijgen we slechts een glimp te zien, en van Ali komen we bijkans niets te weten.

Ook de handeling hapert – in feite gebeurt er niets. De personages ruziën, vrijen, dromen of mijmeren tot de ochtend aanbreekt. Dan hebben we, behalve wat oppervlakkigheden, niet veel opgestoken over hun levens, noch over de ‘Nederlandse ziel’, waar Wittenbrink volgens eigen zeggen onderzoek naar doet. Zo bezien is Koninginnenacht een onsamenhangend geheel zonder diepgang of richting. En toch valt er van dit allegaartje volop te genieten. De ruzie op Survivor is ijzersterk, en Zitten in de kou op het plein, op de wijs van Otis Reddings Dock of the bay mijmert mooi. Stefan de Walle is innemend als de filosofisch aangelegde vuilnisman en Antoinette Jelgersma onthult in een hilarische rap het onverminderde libido van de oudere Ida. De meerstemmige zang in het prachtige Maannacht en het ijzingwekkende The cold song van Purcell zorgen ten slotte toch nog voor kippenvel.

Theater

‘Koninginnenacht’ van Franz Wittenbrink bij het Nationale Toneel. T/m 26 mei.

Gezien: 28/4. Inl.: nationaletoneel.nl ***