Leuk wil het bij de FNV nog niet worden

De Nieuwe Vakbeweging van Jetta Klijnsma heeft de potentie weer een belangrijke speler te worden in de polder. Zelfs niet-FNV-bonden overwegen zich er bij aan te sluiten. Als dat interne geruzie nou maar eens ophield.

Tekening Milo

Wie wil er lid worden van De Nieuwe Vakbeweging? Een dag na de presentatie van Jetta Klijnsma’s blauwdruk voor een nieuwe vakbeweging („het wordt weer leuk bij de FNV”) is het grote flirten in vakbondsland al begonnen. De christelijke politiebond ACP, recent afgescheiden van vakcentrale CNV, sluit aanhaken bij Klijnsma’s beweging niet uit. Ook de Vakcentrale voor Middengroepen en Hoger Personeel (MHP) onderzoekt wat de meerwaarde van aansluiten kan zijn.

„De MHP opereert traditioneel dichter bij de CNV dan de FNV”, zegt MHP-voorzitter Bob van der Wal. Toch overlegt het bondsbestuur inmiddels met FNV-voorzitter Agnes Jongerius. „De sociaal-economische agenda van dit land vraagt om sterke collectieve belangenbehartiging van de werknemers. De uitkomst staat nog niet vast, maar de tijd is wel rijp voor consolidatie in vakbondsland”.

ACP-voorzitter Gerrit van de Kamp was gisteren in Den Haag prominent aanwezig bij Klijnsma’s presentatie. Opmerkelijk, want vorige maand kondigde hij aan dat de ACP een eigen vakcentrale wil oprichten. „We werken door aan dat initiatief”, aldus Van de Kamp. „Maar we kijken ook of er overlappingen zijn met wat er nu bij de FNV gebeurt. Sluiten we ons aan bij deze nieuwe beweging? Het is een dubbeltje op zijn kant. Dat hangt er ook vanaf hoe de discussie binnen de FNV verder verloopt.”

Hoe aantrekkelijk de nieuwe FNV ook mag lijken, de ruzie binnen de FNV is nog steeds niet opgelost. Alle hoofdspelers zitten er nog. Henk van der Kolk, voorzitter van FNV Bondgenoten, de grootste bond van Nederland en een van de aanstichters van de machtsstrijd binnen de FNV, had meteen bedenkingen bij het plan van Klijnsma. De vraag is dan ook of de blauwdruk voor een nieuwe bond standhoudt, of bezwijkt onder amendementen van de 19 FNV-bonden die nu onder de vakcentrale FNV vallen.

Precies om deze reden zal Jaap Smit, voorzitter van de concurrerende, kleinere vakcentrale CNV, zich voorlopig niet aansluiten. „De FNV bouwt een nieuw huis. Daar zitten goede plannen bij: meer democratie en meer hiërarchie bijvoorbeeld. De voorzitter krijgt een echt mandaat. Maar als dat huis bewoond wordt door dezelfde mensen, is het slechts een dure, cosmetische ingreep.”

Martin Pikaart van het Alternatief voor vakbond (AVV) sluit zich ook niet aan bij De Nieuwe Vakbeweging. Pikaart richtte de AVV in 2006 op omdat dat traditionele vakbonden in zijn ogen niet de belangen van alle werkenden vertegenwoordigen. „Ook bij de nieuwe FNV blijven dezelfde mensen de dienst uitmaken. Dat zijn de mensen die altijd louter de belangen van hun vergrijsde achterban behartigen. De FNV is er niet voor werkenden, zoals ze pretenderen, maar voor hun leden.”

Klijnsma wil de FNV omvormen tot een vakbeweging waar de leden het voor het zeggen hebben. Met een direct gekozen voorzitter en een ledenparlement waar die voorzitter verantwoording aan aflegt. De twee grootste bonden, FNV Bondgenoten en Abvakabo FNV moeten zich opsplitsen om hun invloed in het parlement zo groot mogelijk te houden.

Van der Kolk van FNV Bondgenoten noemde dat gisteren al meteen „geen goed plan”. Maar hij wil niet spreken over ‘breekpunten’. „Dat kan ook niet, want wat nu ter tafel ligt, is een werkdocument waar iedereen nog zijn tanden in mag zetten. Wij zijn voorstander van een ongedeelde vakbeweging zonder de machtsposities van de individuele bonden. We willen dus eigenlijk alle bonden opheffen. We hebben er begrip voor dat dat voor een aantal bonden een brug te ver is, omdat ze bang zijn om hun identiteit en autonomie te verliezen. Maar we vinden wel dat de zeggenschap in de top niet meer bij de bonden moet liggen.”

Bondgenoten heeft verreweg de meeste leden: 476.000. Die zouden in ongedeelde vakbond veel zeggenschap hebben. Voor Bondgenoten is ook de centrale afdracht van gelden een belangrijk punt. „Alle bonden moeten bereid zijn gelden over te hevelen voor een investeringsfonds.”

Klijnsma’s voorstel voor een bondsparlement waar alle bonden een stem krijgen naar rato van het aantal leden, maar waar geen van de bonden meer dan 16 procent van de zeggenschap kan verwerven, noemt Van der Kolk „een kunstmatig getalscriterium dat van bovenaf wordt opgelegd”.

„Wij willen dat bonden weer vanaf de werkvloer gevormd worden. Wat nou als een bond snel groeit, maar de vakbeweging als geheel niet. Moet zo’n bond zich dan opsplitsen? Dan krijg je toch een losse verzameling van bondjes, met allemaal eigen bestuurslagen? Als de kwartiermakers in juni met hun definitieve blauwdruk komen, geven wij ons uiteindelijke advies.”

De komende weken moet blijken of Klijnsma’s nieuwe vakbeweging levensvatbaar is. Eind mei stemmen de leden van FNV Bondgenoten en Abvakabo over het plan. Op 23 juni is het oprichtingscongres van de nieuwe bond. Dan moeten alle bonden kleur bekennen: meedoen of niet.

De zogeheten ‘veiligheidsbonden’ binnen de FNV, de NPB (politie), de AFMP (militair personeel) en de ACOM (defensie), samen goed voor 90.000 leden, trekken volgens NPB-voorzitter Han Busken twee weken uit om de blauwdruk te bestuderen. Samen met politiebond ACP zou Busken een ‘veiligheidsbond’ kunnen vormen. Busken: „We kunnen gezamenlijk toetreden. Maar het is nog te prematuur om daar definitief iets over te zeggen.”