Biologische klok voorkomt nachtelijk wc-bezoek

’s Nachts hoeven mensen niet zo vaak naar de wc als overdag. Dat komt doordat doordat de nieren in de nachtelijke uren minder urine produceren en er bovendien ’s nachts meer urine in de blaas past.

Die dag-nachtverandering van urineproductie en -opslag staat onder controle van onze biologische klok, schreven Japanse en Amerikaanse onderzoekers gisteren in het tijdschrift Nature Communications. Daarmee is een splinternieuwe functie van de lichaamsklok ontdekt.

De onderzoekers ontrafelden hoe onder invloed van de biologische klok er binnen 24 uur hoge en lage concentraties van een bepaald eiwit (connexine 43) in de blaaswand bestaan. Is er veel connexine 43, dan kunnen de spieren in de blaaswand zich niet zo goed ontspannen en moet je vaak plassen. Neemt de connexine-43-concentratie af – bij de mens ’s nachts – dan ontspant de blaasspier zich en kan de blaas zich beter vullen.

Het is al lang bekend dat de nachtelijke urineproductie nauwelijks wordt beïnvloed door wat iemand overdag of ’s avonds drinkt. Natuurlijk, wie ’s avonds twee liter bier drinkt zal de ochtend niet zonder plaspauze halen, maar een kop thee meer of minder in de avond maakt nauwelijks verschil. De natuurlijke rem op de urineproductie en de betere blaasvulling zijn de beste garantie voor een ongestoorde nachtrust.

Die normale lichaamsfunctie is vrij zeker verstoord bij ouderen die ’s nachts hinderlijk vaak naar de wc moeten, en misschien ook bij kinderen die bedplassen. Dat zijn vervelende aandoeningen. Voor ouderen neemt daardoor het gevaar op slapeloosheid, onderkoeling en een heupbrekende val toe. Voor kinderen betekent het schaamte en sociaal isolement. De precieze oorzaken van die aandoeningen zijn onbekend, schrijven de onderzoekers. Ze denken dat de wetenschap van de biologische klok op den duur mensen van deze kwalen kan bevrijden.

Zover is het nog lang niet. Naast het in dit onderzoek bestudeerde eiwit connexine 43 zijn er in de blaaswand nog andere eiwitten actief die ook onder controle van de biologische klok lijken te staan – ze hebben in ieder geval een dag-nachtritme in hun concentraties. Drie ervan beïnvloeden ook de samentrekbaarheid van de blaasspier. En drie andere beïnvloeden pijngevoel, wat in de blaas al snel te maken heeft met het gevoel nodig te moeten plassen.

In elk geval is niet alleen de biologische klok belangrijk bij de nachtelijke plasdrang, schrijven de onderzoekers zelf. Stress speelt bijvoorbeeld ook een rol, terwijl de urineproductie door de nieren weer een heel ander onderzoeksveld is.

Het onderzoek is gedaan bij muizen. Het gevonden mechanisme bestaat bij alle zoogdieren. Het enige verschil is dat bij muizen het dag-nachtritme omgekeerd is: in het donker zijn ze actief en produceren hun nieren veel urine, en wil hun blaas zich vaak legen. Overdag slapen ze en neemt de plasfrequentie af.