‘Op zee ben ik met mezelf bezig’

Behalve psychiatrisch verpleegkundige is hij ook avonturier. Ralph Tuijn begint deze maand aan de oversteek van de Indische Oceaan per roeiboot. Naar huis gaan als zijn gezin hem terugroept? ‘Dat accepteer ik niet.’

Ralph Tuijn: „Als er ooit duizend mensen de oceaan overroeien, ga ik wat anders doen.” Foto Bob van der Vlist

Ralph Tuijn is pas vorige maand weer begonnen met roeien. Niet lang. Gewoon even knallen op de roeimachine. Vijf kilometer in twintig minuutjes. Een oceaan over roeien – daarvoor valt niet te trainen. Ralph steekt nog een sigaret op. Zoiets doe je op karakter. En op jarenlange ervaring.

Ralph Tuijn (40) is beroepsavonturier. Zijn leven draait om uitzonderlijke situaties.. In 2010 fietste hij in zeventig dagen heel Afrika door, 12.000 kilometer. Datzelfde deed hij in India en Nepal. Hij stak de Groenlandse ijskap over met een ijsfiets. Roeide in 281 dagen de Stille Oceaan over, 20.000 kilometer. Hij bedwong de Atlantische Oceaan, in 88 dagen.

En nu is de Indische Oceaan aan de beurt.

Een dezer dagen vliegt hij naar Australië, om zich twee weken later in zijn roeiboot te laten zakken. In september wil hij in Afrika aan land stappen. In Kenia of Tanzania, als de stroom meezit.

Stel je eens voor: vier maanden lang in een boot van zeven meter. Het grootste deel van de dag naakt op het roeizitje. Zonder kleren, dat geeft de minste kans op schuurplekken. De rest van de tijd zit hij één meter verderop, onder een kleine overkapping, om te koken of te slapen. Honderdtwintig dagen lang roeien en helemaal alleen zijn. Daarna misselijk aan wal, het lopen verleerd.

Met smaak vertelt Ralph Tuijn over zijn ontberingen. Over schipbreuken. Wonden. En orkanen die achter hém aanzaten. Over onweer, regen en metershoge golven. En over slapen met een integraalhelm op.

Is hij niet op reis, dan werkt Tuijn als psychiatrisch verpleegkundige. Vooral ’s nachts, want dan kan hij zich mooi op zijn expedities voorbereiden. Wat is de beste route? Wat gaat er mee naar Australië? Hoe omzeil je die gemene ‘currents’ vlak voor de kust?

Zin?

„Ik kan niet wachten. Het is vooral het avontuur dat me trekt. De kick om het vaste land te halen. Tot dusver hebben 31 mensen geprobeerd de Indische Oceaan over te roeien. De meesten kwamen nog niet tot de helft. De rest is gestrand op Mauritius, Réunion en Mada-gaskar. Omdat die eilandengroep bij Afrika hoort, hebben zij officieel de oversteek gehaald. Maar niemand heeft ooit het vasteland gehaald. Dat maakt het zo spannend.”

Hoeveel kans maakt u?

„Zo’n 80 procent kans dat ik een eiland bereik en 10 procent dat ik het vasteland haal.”

Wat gaat er mee?

„Onder ronde doppen aan dek zitten vakken met daarin het voedsel. Pasta, rijst, blikken vis. Heel veel voedsel. Er valt bijna niet op te eten tegen dat roeien. Ik eet acht warme maaltijden op een dag. Plus veel snacks. Vette koeken, chocola. Zo’n zesduizend calorieën. En toch val ik af.”

Waarom wilt u zo graag afzien?

„Nee, nee. Dat is het niet. Ik geniet van het avontuur. En de zee is niet saai.”

Hoe ziet een dag op zee eruit?

„Om zes uur ontwaak ik. Ik roei twaalf uur op een dag. Tussendoor neem ik korte pauzes, om te eten, te navigeren en wat te slapen. Op woensdag- en zaterdagavond mag ik relaxen. Dan zet ik muziek aan, neem ik een borrel. En iedere avond rook ik één sigaar.

„Ik verveel me niet. Ik praat wel eens tegen vogels. Die krijg ik vaak op bezoek. En ik ben ook wel eens wekenlang achtervolgd door een haai van drie meter. Een paar keer per dag viel hij mijn boot aan. Die hoorde ik dan kraken. De kracht die dan loskomt – geweldig! Ik zat echt iedere ochtend te juichen: hij is er nog, hij is er nog!”

Dan bent u verdrietig als de haai weggaat?

„Ja, dat emotioneert me dan wel.”

Wel eens echt bang geweest?

„Jawel, maar dat zijn ook de gebeurtenissen die je bijblijven. Die leveren de mooiste verhalen op. Toen ik de Pacific overstak, knalde ik op dag 163 op een eilandje. Ik sloeg vijf keer over de kop. Hele boot aan puin. Mijn ribben gekneusd, een teen gebroken. Na anderhalve dag over dat eiland zwalken, kwam ik aan de noordkant een kleine Polynesische stam tegen. Die heeft me geholpen dat bootje weer aan elkaar te plakken. Ruim twee maanden later roeide ik verder naar Australië. Zoiets vergeet je nooit meer. Al was ik blij dat ik toen weer verder kon.”

Want u bent liever alleen.

„Die stam vindt het een geweldig leven daar, maar ik moet er niet aan denken: in zo’n dorpje, iedereen houdt elkaar in de gaten. Maar ik ben geen Einzelgänger, hoor. Hier in Nederland geniet ik ook enorm van mijn gezin en mijn vrienden. Alleen, in mijn eentje laad ik me op, met mijn eigen gedachten.”

Tijdens de fietstocht door Afrika zag u een fietser die werd doodgereden. Dat lijkt mij het moment om te stoppen.

„Ik heb dat wel eens eerder gezien – vijftien jaar terug in Nepal. Ze rijden gewoon roekeloos daar. Je wilt hulp bieden, maar het heeft weinig zin. Uiteindelijk fiets ik weer verder. Ik besef dan wel: ik moet oppassen. Later, in Tanzania, werd ik ook aangereden. Ikzelf kon nog net wegkomen van een bus. Maar mijn achtertassen stuiterden eronder. Zelfs de penlite-batterijen waren plat.”

Wanneer stopt u?

„Als ik niet meer verder kan. In Siberië lag overal een meter sneeuw, met kruiend ijs. Ik kwam er niet meer doorheen. Dan ga je terug. Dat is niet per se teleurstellend. Je weet dat het niet vanzelfsprekend is dat je het haalt. Je houdt er rekening mee.”

En als uw gezin zegt: kom terug?

„Dat is onmogelijk. Ik accepteer dat niet. Als je mij verbiedt weg te gaan, krijg je een hele verbitterde, treurige Ralph die weinig zin heeft in het leven.

„Ik deed dit al voordat ik Winnie (zijn vrouw, red) leerde kennen. Ik heb toen gezegd: weet wel dat ik hiermee doorga. Dat was een voorwaarde voor onze relatie. Hetzelfde heb ik gezegd toen we kinderen kregen.”

U kiest voor uzelf.

„Er zijn toch ook mensen die werken op offshore-eilanden? Of in de scheepvaart? Die zijn er nog veel langer niet. Dat is toch ook niet egoïstisch? Je moet je eigen leven leiden, je dromen waarmaken. Als je je laat leiden door mensen om je heen …”

Wat dan?

„Dan kun je veel dingen niet meer doen. Ik vind het onterecht als mensen zeggen: ‘wat een klootzak’ als een bergbeklimmer omkomt. Die probeert gewoon zijn mooie sport uit te oefenen. En toevallig is ’ie ergens op het verkeerde moment. Je kunt ook toevallig aangereden worden.”

Maar u gaat iets gevaarlijks doen.

„Ik ben er toch nog steeds? Het lijkt gevaarlijker dan het is. Je leert omgaan met stormen en stromingen. De laatste vijftien jaar zijn de communicatie- en navigatiemiddelen zo goed geworden. Er zijn al heel lang geen doden meer gevallen bij oceaanroeien.”

Mist u uw gezin onderweg?

„Nee, eigenlijk niet. Ik ben onderweg zo met mezelf bezig. Van heimwee heb ik geen last. Ja, behalve de keer dat ik op de Fiji-eilanden mijn dochter van drie weer zag, die ik een jaar niet had gezien. Toen smolt ik. Toen dacht ik: ik ga nooit, echt nooit meer weg. Maar na een paar weken zakt dat gevoel. Alles went.”

Dan trekt het avontuur?

„Ja, dan gaat het weer kriebelen. Is dat egoïstisch? Ik haal ook geld op voor anderen. Ik heb de afgelopen tien jaar zo’n twee miljoen voor goeie doelen ingezameld. Dit keer roei ik voor het Annelies Fonds, dat kinderen helpt van ouders met een psychische stoornis of met een verslaving, en ik haal geld op om waterpompen in Afrika te plaatsen. Mijn reis kost een ton, betaald door sponsoren, maar aan het eind, nadat ik lezingen heb gegeven, heb ik ook meer dan een ton opgehaald voor het goeie doel.”

U zou ook kunnen meedoen aan de gesponsorde beklimming van Alpe d’Huez.

„Dat is zo massaal. Bedrijven worden volgens mij ook wel een beetje moe van dat ‘Alpe d’Huz-es’. Dat massale trekt me niet.”

U wilt iets doen wat anderen niet kunnen?

„Als er ooit duizend mensen de oceaan overroeien, ga ik wat anders doen. Ik wil unieke dingen doen. Dan krijgt het betekenis. Ik weet nog dat ik de Pacific afkwam en mijn vrouw een all-inclusiveresort had geboekt in Turkije. Twee weken lang iedere dag hetzelfde buffet, hetzelfde loopje naar het zwembad. Ik heb ’t één week volgehouden. Dát is pas afzien.”

Volg de oversteek op www.ralphtuijn.nl