Kiki Bertens heeft haar onrust onder controle

Kiki Bertens won zaterdag het WTA-toernooi in Fez. De laatste profzege van een Nederlandse tennisster dateerde van 2006, toen Michaëlla Krajicek won.

Er zijn twee Kiki’s: één die rustig blijft, en een die snel flipt. Afgelopen week won de beheerste Kiki het van de paniekerige Kiki.

Haar naam rolt makkelijk over de tong: Kiki Bertens. In het Marokkaanse Fez stuntte de twintigjarige tennisster zaterdag met haar eerste toernooizege op het hoogste internationale niveau, de WTA Tour. Bertens, die zich via de kwalificaties plaatste voor het hoofdtoernooi, versloeg in de finale de onbekende Spaanse Laura Pous Tió met 7-5 en 6-0. Bertens stijgt daardoor van de 149ste plek op de wereldranglijst naar de 92ste positie. „Ik kan het nog steeds niet helemaal bevatten”, giechelde Bertens zondag, net voordat ze in het vliegtuig naar Nederland stapte. Het was haar eerste bezoek ooit aan Marokko geweest.

Met haar lengte (1,82 meter), blonde haren, blauwe ogen en felgele outfit was Bertens een opvallende verschijning in Fez – dat overigens geen sterk bezet toernooi is. Ze imponeerde met haar opslag en haar mokerslagen vanaf de baseline. Op het Marokkaanse gravel overrompelde ze haar tegenstanders met agressief en aanvallend spel. Qua uiterlijk en type spel heeft Bertens iets weg van de lange, blonde oud-tennisser Brenda Schultz-McCarthy, die een machtige service had.

De sleutel tot het succes in Fez was dat Bertens rustig bleef in haar hoofd. „Als ze haar wilskracht kan combineren met controle, gaat het goed”, vertelt Martin van der Brugghen die Bertens al sinds haar zesde traint. De rode draad in haar carrière is dat haar fanatisme tot veel onrust kan leiden. „Ze legt de lat enorm hoog. Als het dan niet lukt, wordt ze onrustig. Daardoor verkrampt ze, gaat ze minder bewegen en slaan en wordt ze ook kwaad op zichzelf”, aldus Van der Brugghen.

Bertens voelt de druk van het ‘moeten winnen’. Van der Brugghen: „Ze wil goed presteren voor iedereen in haar directe omgeving. Dat leidt tot faalangst.” Daarom krijgt ze sinds twee maanden ook mentale begeleiding, aldus Van der Brugghen, die een tennisschool heeft in Berkel en Rodenrijs. „Nee, geen sportpsycholoog. Het is iemand bij wie ze haar ei kwijt kan. Dat helpt om de druk wat te verzachten.”

In haar jeugd had Bertens al last van faalangst, vertelt Van der Brugghen. „Vroeger wilde ze geen ballen missen, ze sloeg alles terug. Ze was bang om te verliezen.” De afgelopen jaren heeft ze gaandeweg geleerd om meer vrijuit te tennissen. In die context moeten ook de tips van coach Christiaan de Jong – die Bertens bij veel buitenlandse toernooien begeleidt – worden gezien. „Ik zit zo vast”, zei Bertens tegen De Jong bij een 5-4 voorsprong in de eerste set van de finale. Tijdens de baanwissel reageerde De Jong: „Natuurlijk speel je slecht, Kiki. Dat blijft het verhaal: durf te verliezen, toch? Ga er gewoon voor. Natuurlijk is het spannend. Maar zij speelt net zo slecht.”

Bertens richt zich sinds bijna drie jaar fulltime op tennis, na het halen van haar havo-diploma. Sindsdien maakte ze een flinke sprong op de wereldranglijst, van de 569ste plek eind 2009 naar plaats 149 begin vorige week. Drie jaar geleden oogde Bertens nog te zwaar. Maar daar heeft ze de afgelopen twee jaar hard aan gewerkt, zegt Van der Brugghen. „Ze is veel beter op haar eten gaan letten en is fysiek veel sterker geworden.”

In het verleden viel Bertens om onverklaarbare redenen wel eens flauw tijdens wedstrijden. Dat gebeurde drie keer, anderhalf jaar geleden voor het laatst. Er is uitgebreid onderzoek naar haar gedaan, zegt Van der Brugghen. „Waarschijnlijk waren het haar hormonen, dat komt wel vaker voor bij jonge vrouwen.”

Bertens is de eerste Nederlandse tennisster, sinds Michaëlla Krajicek in 2006 in Rosmalen, die een WTA-toernooi wint. Het werd dus wel weer eens tijd. Twee weken geleden had Bertens in Kopenhagen nog kansloos verloren van de nummer 234 van de wereld. Maar in Fez viel alles op zijn plaats. „Ik kon me van alles afsluiten. Nu moet ik zorgen dat ik constant ga presteren.”