Ik was dierenarts

„Vanaf m’n twaalfde wilde ik iets medisch. Mijn moeder was verpleegster, ik kom van het platteland. Dierenarts! Een dierenarts mag alles: verloskunde, chirurgie, interne dingen...

„Een boerenbedrijf goed laten draaien, bedrijfsbegeleiding, dat is een genot. Een goede boer houdt van zijn beesten. Je bouwt samen aan gezonde, mooie, blije koeien.

„Een dag per week deed ik kleine huisdieren. Daarvan zijn de eigenaren veeleisender, alsof het om hun kinderen gaat. Ik kreeg altijd de lastige klanten. Een vrouw die opvang voor haar dieren wilde omdat de wereld verging. Of een vrouw met paranoia, van wie ik knoflook in m’n bh moest doen.

„Ze zeggen wel eens dat je dierenarts wordt als je niet van mensen houdt. Dat geloof ik niet. Achter elk dier staat een mens.

„Na een blindedarmoperatie kon ik niet lang meer staan. Ik moest ermee leren leven. Mijn terugkeer naar de praktijk duurde lang. Dat heeft de relaties geschaad. Ik wilde daarover wel praten, mijn collega’s niet. Dat hoort misschien bij dierenartsen. Mediation lukte niet. Via een rechtszaak is mijn contract uiteindelijk ontbonden. Heel naar. Ik heb niet eens fatsoenlijk afscheid van mijn boeren kunnen nemen.”

Ik ben specialist bedrijfscultuur

„Met mijn studie psychologie begon ik als hobby. Het werd een way out. Na mijn ziekte en het vertrek bij de praktijk heb ik de opleiding versneld afgerond. Tegelijk werkte ik voor een adviespraktijk voor dierenartsen.

„Na allerlei omzwervingen trof ik mijn zakenpartner, een bedrijfskundige die zich toelegt op de cultuur en relaties binnen bedrijven. Inspirerende vent, heel belezen, maar een zwever, minder geaard dan ik. Als dierenarts was ik al heel praktisch; je staat alleen voor een klus, zoekt een oplossing, draait niet om de hete brij heen. Ik houd hem op de grond, hij laat me breder denken. Sinds vorig jaar voeren we samen een praktijk.

„Met het relatiediagram en de cultuurscan die hij ontwikkelde, breng je ongeschreven aspecten bij bedrijven in beeld. Heel interessant om vast te stellen waar je aan moet werken als je veranderingen wilt.

„We hebben fors last van de crisis. Onze boodschap is vaak psychologisch, maar je kan er echt wat mee. Luxe – zo wordt het toch ervaren.

„We bieden nu scans aan voor weinig of niets. En je werkt dag en nacht. We hebben gelukkig net een paar opdrachten binnen. Ik heb altijd mijn eigen geld verdiend.”