Voorbij poeha en pretenties

Op de Salone del Mobile in Milaan was goed te zien dat ontwerpers zoeken naar licht en luchtig.

Ingo Maurer heeft lang geëxperimenteerd, maar nu is er een behang met geïntegreerde ledverlichting. Productie A.S. Création.
Ingo Maurer heeft lang geëxperimenteerd, maar nu is er een behang met geïntegreerde ledverlichting. Productie A.S. Création.

„Ontwerpen is gewoon een vak en iedereen kan het wel een beetje.” Midden in het circus van de Salone del Mobile, de designbeurs die vorige week in Milaan plaatsvond, spreekt ontwerper Bertjan Pot relativerende woorden. „Design zit in alles om ons heen – de natuur uitgezonderd.”

Bertjan Pot is de gelukkige winnaar van de eerste Frame Moooi Award, een van de hoogtepunten in Milaan. Pot kreeg de prijs van 25.000 euro uitgereikt door Philippe Starck. De grootmeester van het eigentijds design had persoonlijk alle (anonieme) inzendingen gejureerd. Pots kroonluchter Stairway to Heaven, een industriële vouwladder voorzien van kermislampjes, koos hij uit 890 inzendingen uit 79 landen. De lamp is gemaakt voor een theatercafé in Schiedam, en Starck was er weg van. De kroonluchter laat volgens hem zien „hoe je met weinig veel kunt maken”. Starck liet zich bij zijn keuze vooral leiden door zijn voorkeur voor „poëtisch, politiek, economisch, listig, slim en humoristisch design: the elegance of less”.

Voor zijn Stairway to Heaven heeft Pot geen langdurig onderzoek verricht. Daarom „voelt het wel een beetje raar om er zo’n grote prijs mee te winnen”, zegt hij. „Maar ontwerp is natuurlijk ook: waardevermeerdering van het materiaal waarmee je werkt.”

De Frame Moooi Award is een initiatief van twee Nederlandse bedrijven: het internationale, Engelstalige Frame Magazine en het meubelmerk Moooi. Dat een Nederlander met de prijs wegliep, is toevallig. Maar het is een feit dat Nederlanders het al jaren goed doen in de designwereld. Een andere internationale prijs, van het tijdschrift Elle Decoration, ging naar Studio Job voor de kast Job Cabinet voor Lensvelt.

Het werd in Milaan eens te meer duidelijk dat onze samenleving in zwaar weer verkeert en dat veel ontwerpers zich daar druk over maken. Ontwerpers zoeken naar duurzame alternatieven: betere productietechnieken, zuiniger grondstofgebruik, slimmere montagemethodes, enzovoort. Meubels worden daardoor verrijkt met nieuwe vormen; ontwerpen worden lichter en minder massief.

Designstudio Nendo van de Canadese Japanner Oki Sato, die dit jaar in Milaan alom present was met exposities en nieuwe producten, creëerde bijvoorbeeld een fauteuil uit een rank metalen frame met daarover hangende, losse kussens. Stoelen en banken worden zacht en comfortabel gemaakt met een donzige hoes of dikke bekleding als alternatief voor het ingewikkelde binnenwerk van traditionele zitmeubels.

Een ander manier om het complexe binnenwerk van een bank achterwege te laten, is het werken met polyurethaan-schuim, zoals in Patricia Urquiola’s merkwaardige sofa M.A.S.S.A.S: een enorme schuimvorm die de regels van de ‘nieuwe lichtheid’ juist weer tart.

Ook de spaarlamp krijgt de nodige aandacht en wordt door ontwerpers aangekleed met een mooie buitenkant. Het nieuwe merk Booo uit Eindhoven stort zich bijvoorbeeld op dit onderwerp. En de designers van Front bedachten een poëtische variant van een ledlamp die continu bellen blaast. Een mooie combinatie van romantiek en nieuwe technologie was te zien bij de inmiddels tachtigjarige licht- en lampenontwerper Ingo Maurer: de kroonluchter Candle in the Wind, bestaat uit honderdtien hangende kaarsen, althans daar lijkt het op: in werkelijkheid zijn het printplaatjes met ledlampjes die de digitale versie van een flakkerende vlam vertonen.

Design met grote pretenties en veel poeha lijkt tot het verleden te behoren. Ontwerpers willen steeds vaker met simpele ideeën een wezenlijke bijdrage leveren aan de samenleving, in plaats van weer een nieuwe stoel bedenken. Bij de laatste Rotterdamse Designprijs zag je ook al dat ontwerpers hun werkterrein aan het uitbreiden zijn; ze buigen zich over vraagstukken als leegstand van overheidsgebouwen en het dagelijks leven in stadswijken.

Philippe Starck zegt het in een interview met Frame zo: „Als ik nu achttien was en slim genoeg om onze echte problemen te doorgronden, zou ik zeggen: vergeet meubilair. Laten we onze fantastische creativiteit inzetten voor belangrijker zaken. To save life.”