Sneeuwwitje is beter in kungfu dan koken

Moderne sprookjesprinsessen liggen niet langer in een glazen kist te wachten tot een prins ze wakker kust. Ze slaan terug.

Er was eens. Een prinses. Of een meisje. Of een meisje dat eigenlijk een prinses zou moeten zijn. Ze heet Sneeuwwitje of Roodkapje of Assepoester of Doornroosje.

Maar anders dan ze ooit door de gebroeders Grimm is beschreven, ligt ze niet langer in een glazen kist te wachten. Noch zit ze gevangen in een rozentoren of in een donker bos te smachten tot een prins haar wakker kust en bevrijdt. Zodat ze via een vaak bloederige initiatierite wordt voorbereid op de huwelijkse staat. Nee, ze slaat terug. En ze kiest zelf wel wie ze kust.

Precies honderd jaar nadat de gebroeders Grimm in 1812 hun eerste collectie volksverhalen publiceerden, heeft Hollywood het sprookje herontdekt. Twee nieuwe Sneeuwwitjefilms zijn de komende maanden in de Nederlandse bioscopen te zien, waarvan het zichzelf relativerende Snow White (Amerikaanse titel: Mirror Mirror) van Tarsem Singh deze week in première gaat. Julia Roberts steelt de show als boze koningin en Lily Collins is als Sneeuwwitje met haar vechtersbazen van dwergen beter in ‘martial arts’ dan in het huishouden. De film is, hoewel hij aan het einde wat in herhaling valt, door z’n mix van animatie en live action bij vlagen minstens even betoverend en innovatief als de eerste lange animatiefilm die Disney in 1937 ooit produceerde en die ook over het verbannen prinsesje en haar zeven dwergen ging.

De tweede Sneeuwwitje van dit jaar, Snow White and the Huntsman (met Twilight-ster Kristen Stewart) volgt begin juni. En in juli staat Sleeping Beauty van de Australische regisseur Julia Leigh op de rol, die op het Filmfestival Cannes van 2011 in competitie draaide. Ook de Amerikaanse televisie blijft niet achter met de ABC-serie Once Upon a Time, waarin gewone mensen in sprookjesachtige situaties terechtkomen, en het door NBC geproduceerde Grimm, waarin een ‘grimm’ zoiets is als een sprookjesmonsterslachter naar model van Buffy the Vampire Slayer.

Vorig jaar maakten we al kennis met een horror-Roodkapje in Red Riding Hood van regisseur Catherine Hardwicke (Twilight). Misschien was zij de eerste die in de gaten kreeg dat je ook zonder romantische vampiers het aloude ‘coming of age’-verhaal kan vertellen waaraan filmbezoekers elk jaar opnieuw behoefte hebben. En dat meisjes in filmverhalen niet langer als maagd in nood hoeven te worden afgeschilderd, ook niet als je een gemengd publiek wilt bereiken. Dat wordt dit voorjaar natuurlijk ook bewezen door het hitsucces van The Hunger Games, waarin de boogschietende Katniss een rolmodel voor jongens en voor meisjes werd.

Verwonderlijk is het niet dat Hollywood massaal op sprookjes teruggrijpt. Ze zijn natuurlijk nooit helemaal weggeweest. Alle musicals en romantische komedies uit de gouden dagen van de filmindustrie waren variaties op het verhaal van het meisje en de prins op het witte paard. Zodat dat meisje daarna in een heuse prinsessenjurk in de echt kon treden. Maar voor de huidige wederopleving bestaat ook een andere reden. Die werd door Mirror Mirror-producent Bernie Goldmann in interviews rondom de Amerikaanse release van de film als volgt omschreven: „Sprookjes zijn het troostvoedsel onder de verhalen. Je herinnert je ze uit je kindertijd en ze geven je een veilig gevoel. Dat is iets waar filmmakers met name in economisch moeilijke tijden op teruggrijpen.”

Toch is dat niet het hele verhaal. Het verklaart misschien de in animatieland rondbanjerende Gelaarsde Katten en de al eerder gesignaleerde parade van sprookjesfiguren in de geïroniseerde Shrek-serie (2001-2010, waar Puss in Boots vorig jaar een afgeleide van was). Maar dat zegt vooral iets over de universele kracht van deze archetypische verhalen, die zich onder elke omstandigheid lenen voor ernst of pastiche.

Interessanter is de manier waarop deze films afrekenen met de in de romantische komedie en traditionele ‘chick flick’ heersende stereotypen zonder dat de doelgroep dat als controversieel ervaart. Sleeping Beauty van Julia Leigh maakt het ons lastiger. Haar schone slaapster is een studente die op zoek naar een bijbaantje belandt in een sjieke seksuele onderwereld. De weerloze slapende vrouw met wie mannen kunnen doen wat zij willen, is de hoogst haalbare vervulling van hun verlangens. Sleeping Beauty draait de rollen niet om, zoals de moderne sprookjesfilms uit Hollywood, maar drijft ze op de spits.

De boze fee heeft bij Julia Leigh de gedaante van een onderkoelde hoerenmadam, die haar Doornroosje Lucy drogeert en seksueel (althans dat is de suggestie) exploiteert. Lucy beraamt weliswaar een plan om erachter te komen wat er in haar slapende leven gebeurt en vecht op die manier terug, maar zij blijft wel de onbetwiste tragische heldin van het verhaal. Wat opvalt, is dat in de Sneeuwwitjefilms uit Hollywood de boze stiefmoeder/fee/koningin alle aandacht opeist. Julia Roberts zet als ultieme ‘cougar’ de trukendoos open om de prins in te palmen. En ook Charlize Theron in Snow White and the Huntsman steelt de show: nog zo’n stiefmoeder die hipper wil zijn dan haar dochter. Met spanning wordt dan ook uitgekeken naar Maleficent (verwacht voor 2014) waarin Angelina Jolie de kwade heks Maleficent van Doornroosje speelt. Jaloezie en wraak zijn de wapens van deze dame, die Doornroosje belaagt omdat ze niet op haar feestje is uitgenodigd.

In de blogosfeer wordt overigens een simpele verklaring gevonden voor de sprookjes ‘revival’: techniek. De wolf kan nu dankzij digitale technieken geloofwaardig praten. De boze koningin kan (zoals in Mirror Mirror) met haar spiegelbeeld ruziën. Echte prinsessen kunnen hun dolk door ‘computer generated’ monsters steken. Het belooft wat voor alle sprookjeshuwelijken van de toekomst. Gebroederlijk poetsten Sneeuwwitje en de prins bij de haard hun wapens. En ze leefden nog lang en gelukkig.