Dansers dansen op citroengras

Het fabeltje dat dansers op wortels en crackers leven moest maar eens de wereld uit, vond choreografe en danseres Karin Post. Dus schreef ze een kookboek (Soupez! Soupez!, uitgeverij Pels & Kemper) waarin ze haar collega’s aan het woord laat over hun eet- en kooklust. Het staat vol recepten en verhalen over wat en vooral ook wanneer dansers eten. Want opgaan met een volle maag is natuurlijk geen goed idee, maar wie te weinig brandstof binnenkrijgt, kan ook niet optimaal presteren.

Met veel plezier las ik het interview met Alexandra Radius en Han Ebbelaar, waarin Radius (O! Wat ben ik altijd jaloers geweest op die beeldschone grijze ogen!) aanstekelijk vertelt over de uitsmijters, de saignant gebakken rosbief en de chocola waarmee ze zich als jonge ballerina overeind hield. Later ontstond de gewoonte om na afloop van de voorstelling tezamen met collega’s en vrienden te souperen. Naar een restaurant gaan was te duur „en bovendien kreeg je er niet de goeie dingen naar binnen”. Dus bakte ze ’s morgens vroeg, voor de repetitie, een paté. Of zette ze vlak voor de voorstelling een groot gebraad in de oven. Als ze thuiskwamen, gingen de spitzen in de lak, de enkels in het ijs, kregen de katten eten en werd er uitgebreid getafeld. Volgens Ebbelaar is dat de belangrijkste reden dat ze het zo lang hebben volgehouden in de harde danswereld: „Tot en met de laatste voorstelling hebben we ons lijf goed gevoed.”

Vandaag een recept uit het boek, afkomstig van Tim Persent, die dit jaar 25 jaar op het podium staat. Ter ere van zijn jubileum werd een voorstelling gemaakt – Dans door Tim Persent: a Dance Concert – die nog tot eind mei te zien is.

Vet een bakvorm in met olijfolie, snij de tomaten door en leg ze erin met de gesneden kant boven. Leg de stukken ui, de knoflook en de tijm ertussen. Kneus de sereh en snij in reepjes, verdeel ze over de tomaten. Strooi er twee theelepels suiker over en begiet ten slotte met nog wat olijfolie.

Zet de vorm 50 minuten in de oven (210 graden). Schep alles na 30 minuten om. Alle ingrediënten worden heel zacht, maar Persent waarschuwt: „een beetje zwart aan de randjes is goed voor een geroosterde smaak, maar te ver aangebrand maskeert de smaak van het citroengras”.

Doe alles over in een blender, schraap ook het gekarameliseerde residu goed van bodem en zijkanten. Doe de bouillon erbij en laat draaien tot een puree, passeer alles door een zeef en breng op smaak met zout en peper.

Ik vond het een heerlijke, zomerse soep, die gekoeld vast ook prima smaakt. En je kunt er ongetwijfeld fantastisch op dansen.

Thuiskok heeft vijf auteurs: Janneke Vreugdenhil (ma), Menno Steketee (di), Roos Ouwehand (woe), Joël Broekaert (do) en Joep Habets (vrij).

Uw reacties zijn welkom op nrc.nl/thuiskok