Versnippering dreigt na de komende verkiezingen in Griekenland

De Grieken stemmen op 6 mei. De twee traditionele partijen staan op verlies. Veel kiezers vinden de prijs voor hulp van EU en IMF te hoog. Het is niet links tegen rechts, maar voor of tegen Europa.

athene. - Bij de aftrap van de verkiezingscampagne door de socialistische partij Pasok wordt duidelijk hoe Griekenland verandert. De grootste partij van het land krijgt geen massa’s meer op de been, en weet dat. Daarom was vorige week donderdag in Athene voor een bescheiden sportzaal gekozen. Politie houdt groepjes demonstrerende buurtbewoners op afstand. Vanaf een balkon tegenover de ingang landen enkele eieren tussen de handen schuddende en netwerkende mannen en vrouwen, trouwe partijleden. Het applaus is lauwtjes als de nieuwe partijleider arriveert, Evangelos Venizelos. Als minister zette hij zijn handtekening onder het memorandum, de miljardendeal met het IMF en de EU.

Griekse kiezers zijn tot op het bot verdeeld, maar een ding weten ze allemaal zeker: zoals het de afgelopen twee jaar gegaan is, had het niet gemoeten. Zo’n 2,5 jaar nadat PASOK-leider Papandreou de verkiezingen won, zijn zowel de staatsschuld als de werkloosheid en het aantal armen fors hoger. Alleen het begrotingstekort is verlaagd. En Papandreou mag dan wel in november zijn afgetreden ten gunste van een nationaal kabinet onder leiding van de bankier Papademos, veel van de schuld voor de huidige problemen wordt toch bij de PASOK gelegd, en zeker bij Papandreou. In de ogen van veel kiezers is hij veel te snel en makkelijk mee gegaan met de eisen van Brussel en het IMF, en zit Griekenland daarom nu diep in de problemen.

PASOK was vroeger een echte volksbeweging die met gemak stadions kon vullen. Nu heeft de partij moeite de regionale kandidatenlijsten rond te krijgen. Tijdens bijeenkomsten zitten alleen vertrouwelingen vooraan, uit angst voor yoghurtgooiers. Opiniepeilingen voorspellen een verlies van tweederde van de stemmen: van bijna 44 procent in 2009 naar vijftien procent nu. Een historisch dieptepunt.

Maar de kiezers lopen niet massaal over naar het traditionele rivaal, de conservatieve partij Nieuwe Democratie (ND). De wetmatigheden van de afgelopen decennia, waarin de PASOK en ND om beurten regeerden, gaan niet meer op. Beide staan nu aan dezelfde kant van het politieke spectrum, pro-Europees en medeverantwoordelijk voor de huidige keus.

De ontevreden kiezers waaieren uit over een breed scala aan kleinere politieke partijen, die de bezuinigingsafspraken in ruil voor het internationaal miljardenkrediet niet hebben hoeven ondertekenen. Het aantal partijen dat de kiesdrempel haalt lijkt na 6 mei te verdubbelen van vijf naar tien. Bij elkaar opgeteld trekken de ‘anti-memorandum’ partijen bijna net zo veel stemmen als de partijen die wel getekend hebben. De versnippering van het partijlandschap en de groei van extreme partijen zorgen voor grote onzekerheid of na verkiezingen een stabiele regering kan worden gevormd.

Zowel geharde communisten als de snel opkomende ‘Onafhankelijke Grieken’ maken kans de derde partij van het land te worden, met tien tot twaalf procent van de stemmen. Partijleider Kammenos werd in februari uit ND gezet toen hij tegen de opgelegde bezuinigingen en hervormingen – het ‘memorandum’ – stemde. Hij is hyperactief op sociale media en maakt zich onder meer populair met anti-Duitse retoriek. In zijn kantoor hangt een kaart van Griekenland met tekst ‘Niet te koop’.

Naast de stijgende werkloosheid en armoede is immigratie het tweede grote thema. Al jaren komen, via Turkije, dagelijks honderden migranten zonder papieren de grens over. De meesten blijven in Griekenland hangen, waar asiel en repatriëring nog in de kinderschoenen staan en onveiligheid en criminaliteit grote thema’s zijn geworden. Voor het eerst haalt vermoedelijk ook neonazi-partij Gouden Dageraad de kiesdrempel van drie procent.

Ondanks kiezersverlies wordt Nieuwe Democratie waarschijnlijk de grootste partij, met een kwart van de zetels. ND-leider Antonis Samaras zegt zich aan de afgesproken bezuinigingsdoelen te zullen houden, maar wil ook de belastingen verlagen om de economie te stimuleren. Het geld daarvoor kan volgens hem worden gevonden door harder in de bureaucratie te snoeien.

Samaras vreest dat hij met PASOK of zelfs met twee partijen moet onderhandelen om een meerderheid in het parlement te krijgen. Hij heeft al gedreigd nieuwe verkiezingen af te dwingen als zijn partij niet groot genoeg wordt om zijn eigen programma aan de anderen op te leggen.

PASOK kiest voor een bescheiden toon. Venizelos hoeft niet per se premier te worden, zegt hij. Hij suggereert dat het met kleine bijstellingen op de huidige koers op de lange termijn goed komt. Tot nu toe zijn er weinig kiezers die daar vertrouwen in hebben.