Spoorwegnet moet veiliger

Het treinongeluk dat zich zaterdagavond in Amsterdam heeft voorgedaan, is hoogstwaarschijnlijk veroorzaakt doordat een van de twee treinen die frontaal op elkaar botsten, door rood licht was gereden. Of, in spoorwegtermen, een stop tonend sein (STS) had genegeerd.

De voorlopige balans: 1 dode, 117 gewonden van wie er 42 ernstig letsel hadden opgelopen. De vraag na zo’n ongeluk is uiteraard: was het te voorkomen geweest, in ogenschouw genomen dat menselijke fouten nimmer volledig uit te sluiten zijn? Het antwoord is ja. Het is een kwestie van geld en van willen.

Vooropgesteld: het treinverkeer in Nederland mag als behoorlijk veilig gelden. Er gebeuren relatief weinig ongelukken. Maar het kunnen er minder zijn. Om verder te gaan in spoorterminologie: als de STS in Amsterdam was voorzien van ATB-Vv, was de trein die er langsreed automatisch gestopt. De ATB-Vv is een verbeterde versie van de ATB die alleen treinen stopt die harder dan 40 km per uur door een rood sein rijden. De verbeterde versie stopt álle treinen die door een rood sein rijden, ook de langzame.

Na een treinongeluk in 2009 in Barendrecht waarbij een machinist om het leven kwam en een andere zwaargewond raakte, beval de Onderzoeksraad voor Veiligheid de minister aan om snel werk te maken met de invoering van systemen die het spoorwegnet veiliger maken. Dat advies kwam op 18 januari 2011. Begin dit jaar stelde de raad vast dat zijn aanbevelingen niet waren opgevolgd.

Het gaat daarbij om duidelijkheid te krijgen over de vraag waar in Nederland nog een ander beveiligingssysteem, het Europese ERMTS (European Rail Traffic Management System), wordt ingevoerd en waar ATB-Vv. Die vraag bestaat al jaren. Het heeft geleid tot langdurig getalm, uit angst om uitgaven te doen die later misschien overbodig zouden blijken. Minister en spoorbedrijven maakten wel afspraken, maar die voorkwamen niet dat in het jaar 2010 169 treinen door rood reden. Minder dan vroeger, maar nog altijd riskant veel.

Veiligheid op het spoor zal niet voor 100 procent te garanderen zijn, maar dat is geen reden om niet naar het optimum te streven. Dat kost geld. En het toeval wil dat daarvan momenteel weinig voorradig is.

Hoewel? Minister Schultz van Haegen (Infrastructuur, VVD) rekende de Tweede Kamer vorig jaar voor dat het voorzien van 500 seinen van ATB-Vv 24 miljoen euro kost, dus 48.000 per sein. Nog eens 3.000 seinen met dit systeem uit te rusten, wat nu niet het voornemen is, zou 144 miljoen vergen. Veel geld? Een ander rekensommetje leert dat dit in één jaar per passagier ongeveer 46 cent zou kosten. Dat moet kunnen.