Haags straatjochie wil graag hogerop

Hagenaar Lex Immers staat in de belangstelling van Feyenoord. Maar waar hij ook zal spelen, Immers is ADO-supporter voor het leven. „Deze club zit in mijn hart.”

ADO-speler Lex Immers in duel met Feyenoorder Ron Vlaar (rechts).
ADO-speler Lex Immers in duel met Feyenoorder Ron Vlaar (rechts). Foto Bas Czerwinski

Van Midden Noord naar Feyenoord? Martin van Vianen, in de jaren vijftig en zestig doelman van ADO en tegenwoordig analyticus voor Omroep West, moet nog zien dat Lex Immers (25) volgend jaar in Rotterdam-Zuid voetbalt. „Ik denk dat Feyenoord na deze wedstrijd nog eens goed nadenkt of ze hem moeten nemen.” Immers, een bepalende speler van ADO Den Haag én fanatiek aanhanger van de club, zou in de belangstelling staan van de Rotterdamse club.

Van Vianen geeft de geboren Hagenaar „een heel klein zesje” voor zijn optreden gistermiddag tijdens ADO Den Haag-Feyenoord. „In deze vorm is hij geen meerwaarde voor Feyenoord, al zal hij in een beter voetballend elftal meer tot zijn recht komen. Dat zag je vorig jaar ook.” ADO wist vorig seizoen met vaak verzorgd voetbal voor het eerst in 24 jaar Europees voetbal af te dwingen. Door het vertrek van een aantal dragende spelers is het dit jaar een stuk minder; handhaving zonder nacompetitie is het hoogst haalbare.

Ook tegen Feyenoord (1-2 nederlaag) komt ADO er nauwelijks aan te pas. Immers werkt hard, maar deelt met regelmatig balverlies in de malaise. Het wordt hem niet in dank afgenomen door het Haagse publiek, dat de ‘eigen jongens’ extra kritisch volgt. Heel af en toe etaleert de middenvelder ook zijn klasse met een mooie opening of een fijne aanname. En drie minuten voor tijd speelt hij met een knappe steekbal Charlton Vicento vrij, die in het zestienmetergebied onreglementair wordt neergehaald door Feyenoord-verdediger Kevin Leerdam. Immers zelf schiet de strafschop binnen.

Vrijdagmiddag na de training in het Haagse Zuiderpark en gisteren na de wedstrijd is Immers veruit de populairste ADO-speler bij de journalisten. Beleefd en beheerst formulerend wimpelt hij de vele vragen over een mogelijk aanstaande transfer af. „ADO betaalt mijn salaris, dus ik geef alles voor ADO.”

Maar ADO Den Haag is voor Immers meer dan slechts een broodheer. Al vanaf kinds af aan komt hij bij de Haagse club. Hij is geboren in de Schilderswijk en rond zijn tiende verhuisd naar Zoetermeer. Aan de hand van zijn vader, werkzaam in de bouw, bezocht Immers in het Zuiderpark elke thuiswedstrijd.

Als jonge supporter stond hij op de Midden Noordtribune tussen de fanatieke supporters van ADO Den Haag. De club liet hij in de vorm van een ooievaar met daarboven ‘FC Den Haag’ op zijn rug vereeuwigen. Zelf zag hij graag voetballers als Ferrie Bodde en Michael van der Heijden spelen, net als Immers echte Haagse jongens. „Aanjagers op het middenveld, daar houd ik van.” Sinds enkele jaren is Immers een van de publiekslievelingen. „Dat is zoiets moois, dat je vroeger op Midden Noord stond en nu zelf op het veld.”

Immers kreeg ruim een jaar geleden de nationale hoon over zich heen, toen hij na de gewonnen thuiswedstrijd tegen Ajax in het supporterhome „wij gaan op jodenjacht” meezong met de ADO-aanhang. Door het incident en zijn tatoeage heeft Immers bij het grote publiek het imago van een losgeslagen Haagse hooligan. Terwijl hij juist een zachtaardige en rustige jongen is, zeggen medespelers en vaste volgers van de club. Een wild leven is aan hem niet besteed. Hij is graag thuis bij zijn vrouw en twee kinderen, een zoontje van vijf en een dochtertje van twee jaar. „Gewoon samen een filmpje kijken, dat soort dingen.” Immers zegt dat zijn imago hem niet kan schelen. „Mensen moeten zelf weten wat ze van me vinden, ik heb daar geen last van. Die negatieve publiciteit hoort erbij.”

Net als de geruchten over een mogelijke overstap naar een nieuwe club. Ook daar kan hij weinig mee.

Immers wil graag de stap maken naar een grotere club, daar is hij duidelijk over. „Je moet werk en privé gescheiden kunnen zien. ADO is op dit moment op sportief en financieel gebied niet de top, zo eerlijk moet je zijn. De meeste mensen kunnen tot hun 65ste werken, ik moet het in een paar jaar bij elkaar verdienen.” Ja, hij vindt Feyenoord een mooie club, maar ook het buitenland sluit hij niet uit. Zijn ouders keerden enkele maanden geleden na vijf jaar terug uit Italië. Ze misten contact met de kinderen, kleinkinderen en vrienden, vertelt Immers. Een van zijn beste vrienden, Wesley Verhoek, blies vorige zomer op het laatste moment een overgang naar het Engelse Nottingham Forest af, uit angst dat hij niet zou kunnen aarden in de Engelse stad. In de winterstop vertrok Verhoek uiteindelijk toch – naar FC Twente. Immers zegt niet bang te zijn voor heimwee.

Een ding is zeker voor de middenvelder: mocht het tot een transfer komen, dan zal dat niets aan zijn liefde voor ADO Den Haag veranderen. „Het maakt niet uit of ik straks bij Heerenveen of Feyenoord speel, van ADO blijf ik supporter voor het leven. Deze club zit in mijn hart.”