Eerst de ‘Maarten’, nu de ‘Coen!’

Was hij held of misdadiger? Al meer dan een jaar is er discussie over een standbeeld van Jan Pieterszoon Coen. Het Westfries Museum maakte met bewijsstukken een tentoonstelling in de vorm van een rechtszaak. Er is ook een glossy.

Wajangpop van Coen.
Wajangpop van Coen.

Jan Pieterszoon Coen: een held of een schurk? Kleeft het bloed van duizenden mensen aan zijn handen of verdient hij zijn standbeeld in het centrum van Hoorn, zijn geboorteplaats?

Het woord is aan de jury. JP Coen, kopstuk van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) (1587-1629) staat vanaf vandaag in Hoorn terecht in het Westfries Museum.

Coen houdt de gemoederen in Hoorn nu al een jaar bezig. In juli 2011 debatteerde de gemeenteraad over een burgerinitiatief. Een aantal inwoners wilde dat het standbeeld van Coen op de Rode Steen zou worden verwijderd. Coen heeft zich volgens hen schuldig gemaakt aan het plegen van genocide in toenmalig Nederlands-Indië.

Coen is vooral berucht om zijn inname van de Banda-eilanden in 1621, die tegen zijn wil met de Portugezen zaken hadden gedaan. Deze expeditie kostte duizenden mensen het leven. Coen concludeerde zelf over zijn optreden: „De inboorlingen sijn meest allen door den oorloch, armoede ende gebreck vergaen. Zeer weynich isse op de omliggende eilanden ontcomen.”

De gemeenteraad van Hoorn besloot het standbeeld te laten staan en te voorzien van een bordje met tekst waarop de duistere kanten van Coens optreden worden belicht. Het woord ‘genocide’ komt in de tekst niet voor, tot ongenoegen van de beeldenstormers van het burgerinitiatief.

Weinig feitenkennis

Ad Geerdink, directeur van het Westfries Museum in Hoorn, heeft de discussie de afgelopen maanden belangstellend gevolgd, af en toe met opgetrokken wenkbrauwen. „Het viel mij op hoe weinig feitenkennis er was over Coen. Mensen waren heel zwart-wit in hun mening, maar wisten lang niet altijd waarover ze het hadden. Hier lag een taak voor het museum.”

Geerdink greep de gelegenheid aan een tentoonstelling over Coen in te richten, in de vorm van een rechtszaak. Bezoekers worden langs bewijsstukken geleid en krijgen filmpjes te zien waarop getuige-deskundigen voor en tegen Coen pleiten. Nadat historicus Maarten van Rossem als rechter van dienst alle feiten nog eens heeft samengevat, moet de bezoeker in de rol kruipen van jurylid. Is Jan Pieterszoon Coen wel of niet ‘standbeeldwaardig’?

Behalve de tentoonstelling, presenteert het Westfries Museum vandaag ook de glossy Coen! „Een knipoog”, naar personalitybladen als de Linda en de Maarten, beaamt Geerdink. Dat initiatief heeft al de nodige kritiek opgeleverd. Een misdadiger verdient zo’n tijdschrift niet, vinden zijn tegenstanders. Geerdink: „Die mensen hebben hun oordeel al klaar zonder dat ze een letter gelezen hebben. Ik denk dat we alle facetten van het fenomeen Coen aan bod laten komen, inclusief de zwarte bladzijden uit de Nederlandse geschiedenis waarvoor hij verantwoordelijk is.”

Geerdink vindt het weinig nuttig om gebeurtenissen uit het verleden langs de morele maatlat van nu te leggen. „Dat zegt meer over de zaken waarmee we nu worstelen, zoals globalisering en nationale identiteit, dan over wat er eeuwen geleden is gebeurd.”

Het kantelende beeld van Coen is als fenomeen op zich wel interessant, vindt Geerdink. In de glossy is er een hoofdstuk aan gewijd. Want waarom werd het standbeeld van Coen niet al in de Gouden Eeuw neergezet, maar pas in 1893? „Dat was de tijd van het imperialisme, van het oprukkend nationalisme. Daarin paste het heldenverhaal van de man die ons Nederlands-Indië had bezorgd. In 1937 werden er in Hoorn nog Coenfeesten gehouden. Dat zou nu volstrekt onvoorstelbaar zijn.”

Hoe oordeelt Geerdijk zelf in de zaak-JP Coen? „Ik vind dat hij standbeeldwaardig is. Let wel: dat betekent niet dat ik hem een held vind. Maar dit standbeeld zegt iets over het Nederland van vroeger. Dat moet je niet weghalen.”

Het Westfries Museum verwacht 10.000 bezoekers voor de tentoonstelling. Maar het succes zal hij niet alleen afmeten aan de cijfers, zegt Geerdink. „Dit project is geslaagd wanneer voor- en tegenstanders van het standbeeld begrip krijgen voor het andere standpunt en zaken horen of lezen waardoor ze hun eigen standpunt moeten herijken. Kortom: als Coen wat meer kleur op zijn bleke wangen heeft gekregen.”

Tentoonstelling Coen, van 14 april t/m 1 juli 2012 in het Westfries Museum. Coen! kost 6,95 euro.