De Efficiënte Fonds Hypothese

De vorige weken ging deze column over online beleggen – goedkoper en ‘democratischer’ dan via traditionele banken en vermogensbeheerders. De pioniers BinckBank en haar zuster Alex krijgen gezelschap van Today’s, Lynx, MijnBroker, OXBY, Ohpen en – binnenkort – van iBeleggen, een nieuw initiatief voor zelfkazende particulieren. Veel van deze aanbieders koppelen online aan ‘passief’ beleggen in producten die indices, mandjes aandelen en andere onderliggende waarden simpelweg volgen. Indexfondsen en ETF’s hoeven niet actief te worden beheerd en zijn daardoor veel goedkoper dan traditionele beleggingsfondsen. Dat kan jaarlijks een paar procentpunten rendement schelen – veel geld in deze onzekere beurstijden. Bovendien maken indexproducten een betere spreiding mogelijk – ETF’s zijn tegenwoordig te koop in iedere denkbare beleggingscategorie.

Toch investeert de gemiddelde Nederlandse particulier maar een procent of vijf van zijn portefeuille in passieve producten. Daarom deze week aandacht voor Rick Ferri, een Amerikaanse vermogensbeheerder die het geld van zijn klanten uitsluitend passief belegt. Op zijn blog op Forbes.com lanceerde Ferri dinsdag een nieuwe naam voor zijn strategie: de Efficiënte Fonds Hypothese. Daarmee knipoogt hij naar de beroemde Efficiënte Markt Hypothese: beleggers kunnen de financiële markten nooit langdurig verslaan, omdat zij nooit langdurig beschikken over meer informatie dan al in de prijzen van effecten is verwerkt.

Ferri haalt de SPIVA Scorecard aan van Standard & Poor’s, die al jaren de prestaties van traditionele beleggingsfondsen vergelijkt met hun relevante indices. Conclusie: over de laatste vijf jaar doen de meeste fondsmanagers het slechter dan hun benchmark, de index waarmee ze zich vergelijken. Slechts een kwart van de actieve aandelenfondsen en 15 procent van de actieve obligatiefondsen presteert beter. Ferri vergeleek de gepubliceerde prestaties van portefeuilles met drie, vijf of tien actieve fondsen over de laatste twintig jaar met die van vergelijkbare portefeuilles van indexfondsen. Gemeten over vijf jaar was de kans dat de actieve portefeuille met vijf fondsen het beter deed dan zijn passieve rivaal, zegge en schrijve 14 procent. Over tien jaar was dat 8 procent, over twintig jaar 2 procent. De actieve portefeuille met tien fondsen scoorde respectievelijk 9, 6 en 1 procent. „Verbijsterend slecht”, vindt Ferri.

Natuurlijk zijn er strategieën die de markt verslaan. „Alleen neemt hun aantal met de jaren af, en een winnende combinatie van actieve fondsen kiezen is een kwestie van geluk.” Waarom dat risico lopen? Koop liever indexproducten in een aantal beleggingscategorieën, al naar gelang je beleggingsdoel, en hou die vervolgens vast, adviseert Ferri. Deze Efficiënte Fonds Hypothese biedt „de beste kans op een succesvolle portefeuille”.