Scheppen tijdens het wachten

Het Festival Oude Muziek krijgt straks geen structurele subsidie meer van het Rijk. Gevolg: jaarlijks zes ton minder. Toch is de blik voorwaarts gericht.

utrecht organisator festival oude muziek xavier vandamme foto rien zilvold
utrecht organisator festival oude muziek xavier vandamme foto rien zilvold

De Noorderkerk zit vol, vanmiddag. Sopraan Judith van Wanroij brengt met een klein barokensemble cantates van Vivaldi en Scarlatti. Dit is het soort concerten waarin de Organisatie Oude Muziek grossiert. 120 per jaar organiseert het, in alle uithoeken van het land. De organisatie heeft „een missie”, vindt directeur Xavier Vandamme. „Wij verdedigen duizend jaar repertoire binnen een sector waarin Nederland wereldleider is geworden. Als wij het straks niet meer doen, doet niemand het nog.”

Het Festival Oude Muziek, hoofdactiviteit van de Organisatie Oude Muziek, is het grootste en meest prestigieuze oudemuziekfestival ter wereld. Artistieke kwaliteit? Onomstreden door diversiteit. Internationale statuur? Toonaangevend, nog steeds. Publieksbereik? Groeiend. Vandamme paart realiteitszin aan een originele programmering en weet belangwekkende, internationaal gerenommeerde artiesten aan zijn evenement te binden. Hij trok daarmee de afgelopen twee jaar 30 procent meer bezoekers, tot 50.000 in 2011. De statuur en het succes van het festival maken de onzekerheid over de toekomst des te pregnanter. Het Festival Oude Muziek heeft een aanvraag gedaan bij het Fonds Podiumkunsten. Omdat dat vanaf 2013 een totaalbudget voor festivals heeft van 2,1 miljoen, krimpt de rijkssubsidie voor het Festival Oude Muziek van 830.000 euro naar 250.000 – als de aanvraag wordt gehonoreerd. Directeur Vandamme erkent de ‘situatie’ en wikt en schikt de getallen die hij wel al heeft in het licht van de ondernemersrisico’s die hij bereid is te nemen. Het is een tijd van dapper vooruitplannen „in de twilight zone van wachten en onzekerheid”.

Het brandpunt van een vrolijke scheppingsdrang heet het beleidsplan 2013-2016 van zijn organisatie, waarbij de gemeente en provincie Utrecht een cruciale rol moeten gaan spelen om de totale subsidie-inkomsten ongeveer stabiel te houden op rond de 1,2 miljoen per jaar, de helft van de totale omzet. „De Utrechtse beleidsmakers die ik sprak willen ons wat extra steun ook best geven.” Maar Vandamme rekent zich niet rijk. De provincie Utrecht heeft al bekendgemaakt haar hele podiumkunstenbudget op nul te zetten, maar maakt een uitzondering voor festivals. Het FOM krijgt nu 90.000 euro van de provincie en hoopt straks op jaarlijks 275.000. De gemeente wacht met toekennen van subsidie totdat zij meer duidelijkheid heeft over de beslissingen bij het Fonds Podiumkunsten. „Wat voor ons pleit is dat we het grootste internationale festival van de stad zijn”, zegt Vandamme. Hij hoopt op minstens zes ton gemeentesubsidie; nu is dat 2,2 ton. Ook uit de bouw van het Muziekpaleis op de plaats van het oude Vredenburg put het Festival Oude Muziek moed. Die vijf zalen met in totaal 5.000 stoelen – daar moet straks ook muziek gemaakt worden. „Utrecht zet duidelijk in op muziek. Wie A zegt, moet ook B zeggen.”

Vandamme concentreert zich intussen op de inhoud. „Het festival is nu aan het groeien. Die groei wil ik aanwakkeren, niet remmen. Na dertig jaar oude muziek merk je dat de meeste barokorkesten een beetje tot één standaard zijn gekomen. Oudemuziekliefhebbers kennen de concerten van Corelli, maar diens triosonates? Je hoort ze nooit. Datzelfde geldt voor de missen van Palestrina. Utrecht moet de plek zijn waar de oude muziek levend wordt gehouden, niet de plek waar ze wordt doodgeknuffeld.”

Naast het Festival staat de Organisatie Oude Muziek voor 120 concerten in het hele land, zoals die van Van Wanroij vandaag. Volgend seizoen al zijn in dat segment van de programmering de eerste veranderingen voelbaar. Locaties die minder lopen vervallen. En de organisatie koopt voortaan ook commercieel interessante tournees in. Die worden dan weer doorverkocht aan grote zalen in het land, die geïnteresseerd zijn omdat ze maar de helft van het financiële risico dragen.

Vandamme is trots op wat er behouden gaat blijven, op de ambitie van het festival en de medewerkers die hem omringen. „Ik snap wel dat staatssecretaris Zijlstra zijn bezuinigingen zo snel wilde doorvoeren. Hak, hak en later nog wat finetuning; zo voorkom je polderen. Alleen werkt het in de kunsten niet zo. Het is ook principieel onjuist dat een succesvol instituut als het Festival Oude Muziek niet structureel door het Rijk wordt ondersteund. Maar we nemen die tegenslag voor wat ze is. En zetten dus in op ambitieus doorgaan. De provincie en de gemeente steunen ons. Zijlstra gaat straks wat anders doen, wij niet.”