Zij stuiteren, hij vliegt over de kasseien

De Belg Tom Boonen won op imponerende wijze wielerkoers Parijs-Roubaix.

Redacteur Wielrennen

Roubaix. De kilometerteller van Tom Boonen onthult het geheim. Sportgeschiedenis schrijven duurt 5 uur, 56 minuten en 14 seconden. Boonen heeft zojuist voor de vierde keer in zijn carrière Parijs-Roubaix gewonnen, een van de zwaarste wielerwedstrijden ter wereld. Terwijl de Belgische renner wordt gehuldigd, staat zijn fiets verlaten tegen een hekje op de oude en vervallen wielerbaan van Roubaix.

Zonder Boonen op het zadel is de fiets gewoon een racefiets, een gestroomlijnd gloednieuw model weliswaar. Van de heroïsche prestatie die Boonen de afgelopen uren heeft geleverd, zijn weinig sporen te zien. Of het moet het fijne, bruine stof zijn waarmee de wielen en de onderkant van het frame zijn bedekt. Opgewaaid tussen de kasseien, toen Boonen er in een indrukwekkende solo overheen denderde.

De digitale cijfers op het scherm van het fietscomputertje geven meer prijs: het winnen van Parijs-Roubaix (256 kilometer) kostte Boonen 8.050 calorieën – dat zijn 46 boterhammen met kaas. Een spiekbriefje op de bovenbuis van zijn fiets geeft een overzicht van de 27 kasseienstroken op het parcours. De eerste, met een lengte van 2,2 kilometer, na 98 kilometer koers. De laatste kasseienstrook op kilometer 256. De zwaarste stroken zijn met geel en rood gemarkeerd.

Boonen evenaarde met zijn vierde overwinning in de Hel van het Noorden het zegerecord van zijn landgenoot Roger De Vlaeminck, ofwel ‘monsieur Paris-Roubaix’. De 31-jarige Boonen stond in het verleden ook bekend om zijn uitspattingen in het nachtleven, maar mag zich nu dus een meneer noemen. Hij is bovendien de eerste renner die twee keer de Ronde van Vlaanderen én Parijs-Roubaix in hetzelfde jaar heeft gewonnen. „Misschien ben ik wel de beste renner die ooit op deze kasseien heeft gefietst”, zei Boonen zelf na afloop.

„Boonen is gebouwd voor Parijs-Roubaix”, zegt oud-renner Jean-Marie Wampers bewonderend, terwijl hij net na de finish van Boonen op het middenterrein van de wielerbaan van Roubaix als een keurslager naar de Vlaamse wielerheld kijkt. Volgens Wampers, zelf winnaar in 1989, ligt het zwaartepunt van het lichaam van de lange en sterke Boonen hoger dan bij andere renners. Waar andere renners van kassei naar kassei stuiteren, vliegt Boonen er gewoon overheen.

Parijs-Roubaix is een slijtageslag, meer een afvalrace dan een wedstrijd naar de betonnen wielerbaan in Roubaix. 55 kilometer kasseienstroken zorgen altijd voor valpartijen, lekke banden, kapotte fietsen. En dat wordt nergens méér duidelijk dan in het beruchte Bos van Wallers, kasseienstrook 16 op het spiekbriefje van Boonen. Die kasseienstrook is meer een verzameling stenen dan een weg. De eerste kassei ligt er horizontaal, de tweede scheef, de derde steekt met een scherp randje omhoog en de vierde ligt er gewoon niet. Debutant Ramon Sinkeldam schrok zich rot toen hij het parcours verkende, vertelt hij een dag voor de start in het Franse stadje Compiègne. Carrefour de l’Arbre, een van de laatste kasseienstroken die ook bekendstaat om het slechte wegdek, is volgens de renner van Team Argos „een asfaltweg vergeleken met het Bos”. „Ogen dicht en hard trappen” is misschien wel de beste tactiek, denkt de Nederlander.

Vorig jaar liep de ketting van Tom Boonen vast in het Bos, een paar honderd meter verderop brak zijn achterwiel. Maar dit keer komt hij er ongeschonden door, zo blijkt bij het einde van de strook. Voorin in het groepje met favorieten dendert Boonen voorbij, toegejuicht door zijn fans.

De Italiaanse kanshebber Filippo Pozzato komt wat later het Bos van Wallers uit, ondanks de voorspelling van zijn ploeggenoot Kevin Hulsmans. Die was ervan overtuigd dat Pozzato de Hel van het Noorden ging winnen. „Pozzato is een duivel en die temmen de hel”, zei Hulsmans tegen Het Belang van Limburg. Maar Pozzato was betrokken bij een valpartij. Vandaag kan alleen Boonen het peloton door het Bos leiden. De Franse renner Stéphane Poulhies stopt er na het Bos van Wallers helemaal mee. Hij rijdt niet linksaf, met de anderen het dorpje Hasnon in, maar rechtdoor. Over het gladde asfalt, dat moet aanvoelen als een luchtkussen.

Twintig kilometer na het Bos van Wallers, met nog 56 kilometer tot de finish, rijdt Boonen weg uit de kopgroep. Eerst nog met zijn Nederlandse ploeggenoot Niki Terpstra, maar die kan hem al na drie kilometer niet meer bijhouden. De vele Vlaamse fans langs de kant vormen een erehaag voor Boonen, een erehaag met een lengte van 53 kilometer. Na dit voorjaar, waarin Boonen de E3 Prijs, Gent-Wevelgem, de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix heeft gewonnen, is zijn populariteit ongekend.

In Roubaix neemt het gejuich op de tribunes toe naarmate het gebrom van de tv-helikopters die boven Boonen hangen harder wordt. Als de renner ten slotte de betonnen baan opdraait, rest hem nog anderhalve ronde tot de finish. Voor renners die in Parijs-Roubaix solo op de wielerbaan aankomen, is het anderhalve ereronde. Boonen geniet. Hij balt zijn vuist, lacht naar het publiek, groet zijn manager Patrick Lefevere.

In het peloton werd al dagen gesproken over de juiste bandendruk, verende voorvorken en dubbele stuurlinten, fietshandschoenen met extra demping. Alles om de schokken van de kasseien op te vangen. Maar Boonen wint Parijs-Roubaix zonder handschoenen. Met blote handen aan zijn stuur voelt hij de stenen beter.