Je geeft en neemt en laat daarna weer los

Rosan Hollak schreef een mozaïekroman, waarin ze in de huid kruipt van uitzonderlijke mensen. Non-fictie wordt fictie, in een wereld waarin mensen elkaar steeds meer uit het oog verliezen.

Koed joe be – koed joe be – koed joe be loved? Hoe zing je een liedje van Bob Marley als je een zesjarig jongetje uit Tunesië bent? Je loopt over straat, krijgt een melodie in je hoofd en het ritme komt vanzelf in je benen. Boubakr, één van de personages uit mijn mozaïekroman Scherptediepte, is bezeten van Bob Marley. Zozeer zelfs dat hij, met een kapot mobieltje dat hij van een oude Amerikaan heeft gekregen, gesprekken met de overleden zanger voert. Hij vraagt alles aan Bob: of hij wel ziet dat Boubakr voor zijn ezeltje zorgt, of hij wel een goede moslim is en of hij ooit, net als zijn neef Galíel, een goede muzikant zal worden.

Boubakr ontmoette ik ooit in Nefta, een kleine oasestad in Tunesië, grenzend aan de Sahara. Daar rende hij rond op een groot feest, georganiseerd voor de hele buurt. Het bleek te gaan om de besnijdenis van een aantal jongens uit het dorp, onder wie Boubakr: een chaotisch en groots feest waarbij de jongens met muziek in trance werden gebracht, tot het grote moment daar was.

Ik sprak die dag niet met Boubakr, maar observeerde hem en zag in zijn ogen een blik waaruit grote verwarring sprak. Want hoe moet je je voelen als je in het middelpunt van de belangstelling staat maar eigenlijk niet kan vatten wat er precies aan de hand is? Om dat te doorgronden, ben ik in zijn huid gekropen. Het werd een verhaal over een jongen die continue liedjes zingt van Bob Marley – nog altijd immens populair in Tunesië – en lange gesprekken voert met Sidi Bou, de plaatselijke heilige. Of de echte Boubakr dat ook deed? Geen idee. Maar voor mij is hij inmiddels een op zichzelf staand persoon geworden. Iemand die ik goed ken en begrijp.

Dit geldt ook voor de andere personages uit Scherptediepte, zoals de oude Amerikaan die op zijn sandalen door Azië reist, een buideltje om zijn nek geknoopt met daarin zijn enige bezittingen. Of de Mexicaans-Amerikaanse bokser die zich in een trainingskamp in de staat New York in alle eenzaamheid voorbereidt op een grote wedstrijd. Ik heb ze allemaal ontmoet, vaak maar kort, en iedere keer was er iets dat me trof: een handeling, een gebaar, iets wat me een aanwijzing gaf over het levensstadium waarin ze verkeerden.

Zo had de bokser één droom: eindelijk een grote wedstrijd winnen. Hij zette er alles voor opzij, ook al deed hij zichzelf geweld aan. Zo had hij alle stoelen in zijn woonkamer richting de televisie gezet. Hij was zo eenzaam dat hij een imaginaire familie had gecreëerd. In het geval van de oude Amerikaan zag ik een man die zijn leven letterlijk had achtergelaten. Zijn vrouw was gestorven, zijn huis in Amerika verkocht. Hij reisde de wereld rond tot hij ergens zou sterven. Ook al was hij oud en gammel, hij omarmde zijn vrijheid. Dat bleek wel uit de lachstuip die hij kreeg als er, over de gevaarlijke Vietnamese snelweg, weer een auto bijna op zijn toeristenbusje botste.

Het resultaat is een mozaïekroman waarin zeven verschillende mensen hun verhaal vertellen. Wat hen bindt, is de lezer. Want zelf hebben deze personages niet door dat ze ook een rol in elkaars verhaal spelen. Alleen de lezer, die als toeschouwer al die verschillende levens volgt, begrijpt dit. Hij richt zich iedere keer op één persoon terwijl een ander op de achtergrond aanwezig is. Zoals je met een camera kan scherpstellen op één object of persoon, terwijl de rest out of focus is.

Dat deze personages slechts vluchtig contact met elkaar maken, zonder elkaar te doorgronden, heeft een reden. Met de komst van internet, sociale media en goedkope lijnvluchten is het redelijk eenvoudig geworden met andere personen en culturen in aanraking te komen.

Toch is het maar de vraag of we, nu we onze werelden zo eenvoudig met elkaar kunnen delen, ook werkelijk een besef hebben van wat zich in het leven van een ander afspeelt. Zijn we meer met elkaar verbonden, of wordt de individualisering nu nog sterker gevoed?

In een globaliserende wereld, waar traditionele banden worden verbroken, moeten mensen meer dan ooit hun eigen bestaan legitimeren. Door de opkomst van wereldwijde markteconomie verbrokkelen continentale, nationale en lokale culturele tradities. Een religieus besef is bij velen verdwenen, of het heeft de vorm van een dwingend geloof aangenomen. Dat veroorzaakt chaos en versterkt bij velen het gevoel dat we uiteindelijk, ieder voor zich, op onszelf zijn teruggeworpen. Omdat er geen vanzelfsprekend ‘thuis’ meer is, moet dat telkens, opnieuw, worden gecreëerd. Een vreemdeling wordt een vertrouweling, voor heel even. Daarna ga je weer door. Je geeft, je neemt en laat weer los.

De mozaïekroman ‘Scherptediepte’ van NRC-redacteur Rosan Hollak ligt vanaf 12 april in de boekwinkel. Bezige Bij, € 18,90