Laat de toekomst toch schieten

Hans Jonas schreef de filosofische klassieker Het principe verantwoordelijkheid. In tegenstelling tot zijn marxistische collega Ernst Bloch, die Het principe hoop schreef, doet de mens er goed aan zich juist niet op de toekomst te richten of op wat voor utopisme dan ook, aldus Jonas. Het gaat om zelfbehoud in een fragiel bestaan, houdt hij ons voor. En dat blijft actueel.

La cathédrale, een brons van Auguste Rodin uit 1907 (63,5 cm hoog)
La cathédrale, een brons van Auguste Rodin uit 1907 (63,5 cm hoog)

Hans Jonas: Het principe verantwoordelijkheid. Vert. Ingrid ten Bos. IJzer, 350 blz. € 29,50

Sinds eeuwen geldt in de filosofie de regel dat wat ethisch wenselijk is niet kan worden afgeleid uit wat nu al het geval is. Daar is iets voor te zeggen. Wanneer bestaande verhoudingen onbillijk zijn, moet het ideaal van rechtvaardigheid daar wel haaks op staan. Wanneer mensen voortdurend over de schreef gaan, kan hun gedrag niet gelden als voorbeeld van hoe het moet.

In zijn diepgravende studie Het principe verantwoordelijkheid laat de Duits-Amerikaanse filosoof Hans Jonas (1903-1993) zien dat het zo gemakkelijk niet ligt. Onvermijdelijk, zo betoogt hij, komt de mens met zo’n principe tegenover de wereld te staan. Hij maakt er geen deel meer van uit, maar beschikt als het ware van buitenaf over het ‘zijn’.

Misschien is dat wel kenmerkend voor de moderne houding die ons zoveel goeds heeft opgeleverd: kennis van de natuur, techniek, beheersing. Maar inmiddels dreigt dat alles zich volgens Jonas tegen ons te keren. De natuur rebelleert, de techniek maakt zich meester van ons, in plaats van andersom. Uit bezorgdheid daarover schreef hij dit Onderzoek naar een ethiek voor de technologische civilisatie, zoals de ondertitel van het boek luidt.

Het principe verantwoordelijkheid verscheen oorspronkelijk in 1979 en geldt inmiddels als een filosofische klassieker. Dat het na ruim dertig jaar (en bijna twee decennia na de dood van de auteur) in het Nederlands werd vertaald is verheugend, ook al doen sommige delen ervan gedateerd aan. Uitvoerig is Jonas in discussie met het marxisme, vooral met de nauwelijks nog gelezen filosoof Ernst Bloch, schrijver van de ooit roemruchte studie Het principe hoop. Jonas modelleerde er zelfs de titel van zijn eigen boek naar.

Waarom is hoop vervangen door verantwoordelijkheid?

Omdat die eerste alles in het licht stelt van de toekomst, zo antwoordt Jonas. Wat daaraan voorafgaat, inclusief het heden, wordt gereduceerd tot voorstadium. Het duidelijkst blijkt dat wanneer de politiek utopische trekken krijgt. Dan kan alles worden opgeofferd ter wille van een lonkende toekomst. Daarmee heeft de 20ste eeuw pijnlijke ervaringen opgedaan, aldus Jonas. Wanneer het heden wordt opgeofferd aan de toekomst, staat het bestaan van de hele mensheid op het spel.

Jonas schreef dat niet op basis van een leven in de leunstoel. In het vooroorlogse Duitsland was hij gevormd als theoloog en filosoof, en aan het eind van de jaren veertig nam hij (eerst in Israël en Canada, ten slotte in de VS) zijn oude stiel weer op als docent. Maar de tussenliggende jaren waren gevuld geweest met harde inzet en strijd. Als jood vluchtte hij in 1933 naar Israël, waar hij zich aansloot bij de paramilitaire Haganah; met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog meldde hij zich bij het Engelse leger. Op het slagveld, zo vertelt de filosoof René ten Bos in zijn beknopte maar verhelderende voorwoord, blonk hij uit in moed en zelfs een zekere roekeloosheid.

Wantrouwen

Dat botst nogal met de boodschap van voorzichtigheid die Jonas in Het principe verantwoordelijkheid uitdraagt. Of dat het gevolg was van zijn leeftijd (Jonas was 76 toen het boek uitkwam) is de vraag. Als student werd hij diep beïnvloed door Martin Heidegger, bij wie hij promoveerde, en ook deze legde in zijn filosofie steeds meer de nadruk op de eerbied waarmee we onze wereld dienen te bejegenen.

Uit dezelfde bron stamt waarschijnlijk het wantrouwen waarmee Jonas de techniek tegemoet treedt. Dat is inmiddels in de filosofie een achterhaald standpunt. Techniekfilosofen liggen al lang niet meer op ramkoers met wat de wetenschap allemaal mogelijk heeft gemaakt. Ze proberen in samenspraak daarmee de juiste maat te ontdekken voor een leven dat nog menselijk genoemd kan worden.

Dat betekent niet dat Jonas’ boek bij het oud papier kan. Zijn verantwoordelijkheidsprincipe heeft in de afgelopen decennia alleen maar aan urgentie gewonnen. De reikwijdte van ons handelen, zo stelt hij vast, neemt almaar toe. En zoals de politiek kan ontsporen wanneer ze teveel haar oren laat hangen naar de lokroep van de utopie, kan ook het technische denken gevaarlijk zijn wanneer het zichzelf, utopisch, gaat zien als de oplossing van alles.

Vooral voor de milieufilosofie heeft Het principe verantwoordelijkheid dan ook betekenis gehad. Dat de mens onderdeel is van de wereld waartoe hij behoort, en er niet als een soort god boven zweeft, is sinds de opkomst van de ecologie geen nieuwe gedachte meer. Maar – zo maakt Jonas duidelijk – dat heeft ook zijn consequenties voor de ethiek.

Die beperkten zich niet tot de voor de hand liggende gedachte van rentmeesterschap en het besef dat wij de plicht hebben goed voor de aarde te zorgen. Het hele bouwwerk van de ethiek komt ermee op zijn kop te staan. Want wat gebeurt er eigenlijk wanneer wij zeggen dat wat is niets zegt over wat behoort te zijn, zoals de eeuwenoude ethische grondregel luidt?

Opnieuw plaatst de mens zich tegenover de wereld (‘wat is’) en zegt dat hij zich aan dat laatste niets gelegen mag laten liggen. Hij moet helemaal vanuit zijn eigen macht zien te bepalen wat het ‘goede’ is.

Daartegenover probeert Jonas een realistischer uitgangspunt te vinden. De wereld geeft ons wel degelijk ethische richtlijnen, zo schrijft hij. Alles daarin streeft op een of andere manier naar een doel, vaak in de vorm van zelfbehoud. Dat betekent dat bestaan een waarde is: niet omdat wij die waarde toekennen, maar omdat de natuur ons haar voorhoudt. Die fundamentele waarde vormt voor Jonas de basis van iedere ethiek.

Dat heeft direct één praktische regel tot gevolg. Zorg ervoor dat wat je doet nooit het bestaan van de mensheid, zelfs op langere termijn, in gevaar kan brengen – zo houdt Jonas de mensheid voor. Vandaar zijn voorzichtigheid en zijn nadruk op de verantwoordelijkheid als morele grondregel.

Speel nooit lichtvaardig met de toekomst; weet dat het bestaan fragiel is en met zorg moet worden gekoesterd. Utopisme, of het nu van politieke of technologische aard is, ruilt die zorg in voor een lokkende belofte die mensen roekeloos maakt.

Verstandig

Dat klinkt uitermate verstandig, maar is de hele gedachtegang ook vol te houden?

Het idee dat de natuur naar doelen streeft, is al eeuwen geleden door de wetenschap opgegeven, precies op het moment waarop het onderzoek grote resultaten begon te boeken. Kom in de natuurwetenschap dus niet met doelgerichtheid aan.

Mag zijn, zo antwoordt Jonas, die in 1963 al een grote studie publiceerde onder de titel The phenomenon of life: toward a philosophical biology. Maar onze leefwereld is het natuurwetenschappelijke universum niet. In de wijze waarop wij in onze kosmos verkeren kunnen wij het zonder begrippen als ‘doel’, ‘streven’, ‘oogmerk’ niet stellen. Noch ten aanzien van onszelf noch ten aanzien van de natuur. Het eikeltje zien we van de boom vallen opdat er een nieuwe boom opgroeit: iets anders kunnen wij daar niet van maken. En juist die leefwereld is de plaats van de ethiek, aldus Jonas. Onze verantwoordelijkheid ontspringt aan het samenspel tussen onze kennis (wat wij weten) en onze macht (wat wij kunnen).

Het principe verantwoordelijkheid is geen handboek voor managers of politici die op zoek zijn naar richtlijnen voor verstandig beleid. Het is een theoretische zoektocht naar de grondslagen van ons ‘moeten’, die uiteindelijk ons hele mensbeeld omver werpt. Net als de Canadese filosoof Charles Taylor wijst Jonas erop dat onze ‘morele bronnen’ niet in onszelf liggen, maar in de wereld waarin we verkeren. Dat stelt geen grenzen aan wat we kunnen maar wel aan wat we mogen. Dat geluid is in de huidige filosofie nog altijd even actueel als omstreden.